Advertentie

Stilte bij inspraak via internet

Het experiment waarbij burgers op internet hun mening kunnen geven over wetsontwerpen, dreigt op een mislukking uit te lopen.

21 april 2010

Op de eerste vijf wetsontwerpen die voor inspraak werden voorgelegd kwamen in totaal 102 reacties binnen. Meer dan de helft daarvan, 55 reacties, gingen over één wetsvoorstel, over vervroeging van het ouderdomspensioen. Niet alleen reageren slechts weinigen, de reacties die worden gegeven zijn in meerderheid afkomstig van organisaties die anders ook hun zegje wel doen. Het voorstel voor de oprichting van een mensenrechteninstituut leverde slechts zeven reacties op. Drie van die reacties waren afkomstig van individuen, vier van organisaties, zoals onder meer de Chronisch Zieken en Gehandicapten Raad.

 

Sinds juni vorig jaar kan iedereen via de site internetconsultatie.nl reageren op wetsontwerpen die daar door het kabinet worden geplaatst. Het idee is dat internetconsultatie het wetgevingsproces transparanter maakt. Door het verzamelen van reacties en commentaar wil het kabinet beter gebruik maken van kennis die in de samenleving beschikbaar is, zo staat te lezen op de site. Het kabinet hoopt dat dit leidt tot ‘wetten en regels die nog beter uit te voeren en te handhaven zijn’. Afgesproken is dat ieder ministerie zeker 10 procent van de wet- en regelgeving ter consultatie voorlegt. Om te zien hoe internetconsultatie in de praktijk uitwerkt, is een proefperiode van 2 jaar afgesproken. De helft van die periode is bijna verstreken.

 

In totaal zijn inmiddels vierenveertig wetsontwerpen ter consultatie aangeboden. Op dit moment kan op elf wetsvoorstellen nog commentaar worden geleverd. De consultatieperiode van de 33 andere wetsontwerpen is inmiddels verstreken.

 

Op de website zijn verslagen te vinden van het verloop van de eerste vijf consultaties. In eerste instantie zijn die rapporten nog behoorlijk uitgebreid. In het ‘reactiedocument wijziging Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden’ worden in drie A4’tjes de dertien binnengekomen opmerkingen samengevat en van een reactie voorzien. Met name Nefyo, volgens de eigen website ‘belangenbehartiger van bedrijven die in Nederland gewasbeschermingsmiddelen produceren of op de markt brengen’ heeft van zich laten horen en maakte veel, nogal technische, opmerkingen. Het rapport meldt dat dit tot verbetering van de definitieve regeling heeft geleid.

 

Opvallend is dat de inbreng van de zes individuele burgers amper is terug te vinden. Het enige dat daarover in het verslag staat is dat ‘diverse burgers (schrijven) dat zij de regeling en de ter inzage gelegde lijsten onbegrijpelijk vinden’.

 

Steeds korter

 

Het verslag van de consultatieperiode over de Wet college voor mensenrechten en gelijke behandeling is met krap één A4 al meteen een stuk korter. Er zijn onder meer opmerkingen over de weinig internationale naam en het te krappe budget van de organisatie. Het kabinet belooft te kijken ‘of en in hoeverre het mogelijk is bovenstaande opmerkingen en suggesties te verwerken in het voorstel’.

 

De laatste drie rapporten worden steeds korter en de reacties van het kabinet krijgen een standaardformulering. Men is blij met de opmerkingen en stelt dat het verheugend is vast te stellen dat mensen gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheid te reageren. Maar het kabinet is demissionair en de Tweede Kamer praat niet meer over de voorstellen. Wel zijn ze ‘nog eens uitdrukkelijk beoordeeld op duidelijkheid en helderheid voor alle betrokkenen’. Maar of dat daadwerkelijk tot wijzigingen heeft geleid is niet duidelijk.

 

Het echte 2.0-denken is nog niet erg in de hoofden van de ambtenaren doorgedrongen, verklaart Jonneke Stans van Politiek Online de stilte op internetconsultatie.nl. ‘Nu wordt een website opengesteld met het idee dat mensen vanzelf wel reageren. Maar zo werkt het niet. Mensen moeten actief uitgenodigd worden deel te nemen. Als je een mening wilt horen over pensioenen, kondig dat dan aan op sites voor ouderen. Ook helpt het als veel gerichter om inbreng wordt gevraagd. Maak duidelijk wat je precies wilt weten. Als een wet een bepaalde termijn korter zou maken, vraag dan aan degenen die ermee moeten werken of het haalbaar is.’

 

Ouderwets

 

Ook Henk Bos meent dat veel ambtenaren de mogelijkheid van internet onderschatten en er vaak zelfs bang voor zijn. Bos leidde als externe consultant de werkgroep die het experiment voorbereidde. ‘Daarin werd dan gezegd dat er wel miljoenen mensen zouden reageren en dat de overheid nooit al die reacties kon lezen. Onzin natuurlijk. Als je heel veel reacties krijgt, vallen die toch uiteen in bepaalde categorieën. Het zijn nooit een miljoen heel verschillende dingen. Dat kun je automatisch filteren. Net zoals spam.’

 

De manier waarop de site is opgezet zegt volgens Bos al veel over hoe serieus het experiment wordt genomen. Bos: ‘De manier waarop het nu wordt gepresenteerd geeft de burger weinig reden om te reageren. Je moet je eerst door een droge wetstekst worstelen, een vertaling ontbreekt. Vervolgens is het vaag wat er met je opmerkingen gebeurt. Er verschijnt als reactie alleen een kluit-in-het-riettekst. Je kunt ook niet zien wat andere mensen zeggen. De site voegt eigenlijk niks toe aan de mogelijkheden van de ouderwetse post. Dus zie je dat vooral de organisaties reageren die ook wel hun stem hadden laten horen als dit middel er niet was geweest.’ Bos spreekt over een gemiste kans.

 

Hij vreest dat het kabinet het slechte resultaat aangrijpt om het hele gebruik van internet bij inspraak weer in de ban te doen. Terwijl er, meent hij, voor de overheid wel degelijk veel bij goed internetgebruik te winnen valt. Bos denkt dat de toekomst zit in een ‘wetswiki’ (op de leest van internetencyclopedie Wikipedia) waar mensen met elkaar een wetstekst schrijven. ‘Succesvolle internetbedrijven als YouTube en LinkedIn zijn erin geslaagd de burger het werk te laten doen. Dat kan de overheid ook, en dan noemen we het nog democratie ook!’

 

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie