sociaal / Partnerbijdrage

Gedifferentieerde handhaving

De Participatiewet in balans | Deel 6

23 augustus 2022
Mark Husen

Deel 6 van de blogreeks over ‘De Participatiewet in balans’. Juridisch adviseur Mark Hüsen gaat in op het thema ‘Gedifferentieerd handhavingsinstrumentarium’.

In juli en augustus bespreekt de redactie van onze juridische kennisbank Inzicht Sociaal Domein wekelijks een ander thema uit het onlangs verschenen rapport ‘De Participatiewet in balans’. Dit rapport bevat de uitkomsten van een analyse van de Participatiewet en een overzicht van beleidsopties en oplossingsrichtingen voor verbetering van de wet. Hierbij staan eenvoud, uitvoerbaarheid en de menselijke maat centraal. Deel 5 gemist? Klik hier.

Knellende handhaving van de Participatiewet

Het strikte vangnet, de strenge inlichtingenverplichting voor de bijstandsgerechtigde en de terugvorderingsplicht voor de gemeente hebben in de Participatiewet geleid tot terugvorderingen die in schril contrast staan tot de afloscapaciteit van bijstandsgerechtigden. Omdat gemeenten dan ook een boete moeten opleggen, confronteren zij bijstandsgerechtigden hiermee jarenlang met een aflossing ter hoogte van de maximale afloscapaciteit.

Beleidsopties voor de korte termijn (Spoor 1)

Omdat handhaving het sluitstuk van de Participatiewet vormt, komen hier in het rapport verschillende oplossingsrichtingen samen. Zo kan een soepeler vangnet, zoals dat al eerder is besproken, ook doorwerken in de handhaving van de Participatiewet. Het 1e spoor bevat 4 beleidsopties (let wel opties!) die zich vooral richten op terugvordering en debiteurenbeleid:

F1  Pas de terugvorderingsplicht bij overtreding van de inlichtingenplicht aan naar ‘terugvorderen, tenzij dit tot onredelijke situaties leidt’.

F2  Creëer meer ruimte voor individuele afwegingen door middel van waarschuwingen in plaats van direct een boete.

F3  Breng verzachtingen aan in het debiteurenbeleid bij gemeenten, gelijk aan de regels die gelden voor UWV en SVB. Codificeer in dit kader ook de jurisprudentie met betrekking tot de bruto terugvordering.

F4  Begrens hoe ver terug kan worden gegaan bij herziening/intrekking, in geval van niet kunnen vaststellen van het recht op bijstand. Codificeer de zogenoemde 6-maanden jurisprudentie.

Spoorslags 1

Wat kunnen gemeenten nu zelf al doen? Hoewel de minister gemeenten niet heeft opgeroepen om al direct in lijn met deze opties te handelen, bieden ze gemeenten wel een denkkader binnen de ruimte die er al is. Voor het realiseren van bijna alle opties die in het rapport staan is overigens een wetswijziging nodig. Voor de eerste optie is er al wel het initiatiefwetsvoorstel ‘Wet maatwerk bij terugvordering’, dat recent in internetconsultatie geweest is.

Het is voor gemeenten in de praktijk echter niet eenvoudig om uitgebreid vooruit te lopen op nieuwe regelgeving waarvan de inhoud nog niet bekend is. Gemeenten kunnen echter in de communicatie met bijstandsgerechtigden en in hun handhavingsbeleid al wel een ander accent leggen, door meer uit te gaan van de inwoner die zich al normconform gedraagt in plaats van dit gedrag door een strikte handhaving af te willen dwingen. Verder kan de gemeente al maatwerk bieden als een vordering mede of geheel door toedoen van de bijstandsverlenende instantie is ontstaan én dit de bijstandsgerechtigde niet volledig kan worden verweten. Hiervoor geeft de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 7 juni 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1388, over de brutering van een terugvordering, gemeenten al een aanknopingspunt. Ook als de bijstandsgerechtigde de inlichtingenverplichting geschonden heeft, wil dat niet zeggen dat aan andere omstandigheden geen betekenis meer toekomt.
Stimulansz heeft van de beleidsregels Terug- & Invordering ook een inwonergerichte variant. Deze modelbeleidsregels geven de uitvoerders meer vrijheden om niet altijd terug te vorderen. Het huidige beleid is bij veel gemeenten vaak nog strikt (‘als je kan terugvorderen dan doe je dat ook onverkort’). Het past om ook nu al te kijken hoe je kunt verzachten.

In het rapport staat nog niet voor alle opties genoemd welke invloed het realiseren ervan op de begroting van SZW zal hebben. Het is echter te verwachten dat een meer gedifferentieerde handhaving tot structureel hogere uitgaven op de begroting van SZW zal leiden, maar onduidelijk is hoeveel.

Beleidsopties voor de langere termijn (Spoor 2)

Voor het 2e spoor sluit het rapport aan bij de optie die al onder de oplossingsrichting effectieve en reële verplichtingen is genoemd:

E9  Bezie in hoeverre de inlichtingenplicht om verdere nuancering vraagt om een juiste bewijsrechtelijke balans tussen uitvoerder en burger te creëren.

Spoorslags 2

Deze beleidsoptie is nog heel abstract.  Onduidelijk is wat de concrete uitkomst van deze onderzoeken zal zijn. Gemeenten zouden, als bijvoorbeeld in een concreet geval een strikte toepassing van de inlichtingenplicht tot onevenredig nadelige uitkomsten voor de bijstandsgerechtigde leidt, al wel meer kunnen letten op wat in de redelijkheid van de bijstandsgerechtigde gevergd kan worden.

Door: Mr. Mark Husen

Spoor bijster?
 

Stimulansz volgt de uitwerking van het rapport op de voet. Blijf ons volgen! Heeft u een abonnement op Inzicht Sociaal Domein? Dan kunt u ook vragen stellen aan onze helpdesk! Volgende week verschijnt de uitwerking van het 7e thema: Integrale dienstverlening.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.