of 59794 LinkedIn

Zestien Utrechtse gemeenten vernieuwen jeugdzorg

Vier Utrechtse jeugdzorgregio's gaan hun zeer specialistische jeugdhulp per april in één hand leggen: in die van Yeph. Ook is gekozen voor een langdurig contract van negen jaar en taakgerichte bekostiging. Belangrijkste uitgangspunt: de zorg volgt de cliënt.

De zestien samenwerkende Utrechtse gemeenten gaan hun zeer specialistische jeugdhulp per april in één hand leggen: in die van Yeph. Ook is gekozen voor een langdurig contract van negen jaar en taakgerichte bekostiging. Belangrijkste uitgangspunt: de zorg volgt de cliënt. Een expertteam vanuit Yeph gaan in complexe situaties meedenken met de hulpverleners, zodat op één plek zorg op- en afgeschaald kan worden en het kind of de jongere dezelfde hulpverlener behoudt.

Dialooggerichte aanbesteding

De zeer specialistische jeugdhulp wordt in de zestien Utrechtse gemeenten (U16) dus vernieuwd. Het betreft vier jeugdzorgregio’s die de zorg voor een kleine groep kinderen en jongeren met complexe problematiek gezamenlijk hebben aanbesteed. Vorig jaar ging het om 233 kinderen die in de regio zeer specialistische jeugdhulp ontvingen. Via een dialooggerichte aanbesteding is Yeph gecontracteerd; een combinatie van de huidige aanbieders ’s Heeren Loo, Pluryn en Youké.

 

Inhoudelijke beweging

‘We hebben met deze aanbesteding een inhoudelijke beweging gemaakt. Het gaat meestal over plekken en bedden, maar eigenlijk moet je het hebben over expertise’, verduidelijkt de Utrechtse wethouder Eelco Eerenberg (jeugdzorg, D66). ‘We hebben met de aanbieders, maar ook met de ouders en kinderen, gesproken over wat kinderen met complexe problemen nodig hebben’, vult wethouder Wil Kosterman, jeugdwethouder (GroenLinks) van Wijk bij Duurstede aan. Zij is tevens voorzitter van het bestuurlijk platform jeugd van de samenwerkende gemeenten. ‘Een kind in zorg heeft niet altijd hetzelfde type zorg nodig. We willen dat de jongere dezelfde zorgverlener houdt. Als andere zorg nodig is, wordt die zorgverlener met de benodigde kennis geholpen door iemand vanuit het expertteam’, aldus Kosterman.  

 

Vroegtijdig meedenken

Het expertiseteam is laagdrempelig beschikbaar voor de lokale wijkteam of Centra voor Jeugd en Gezin (CJG); afhankelijk van de wijze waarop de gemeente de toegang tot de jeugdhulp heeft ingericht. Het expertteam denkt ook vroegtijdig mee met de tweedelijns jeugdhulpaanbieders en met Samen Veilig Midden-Nederland. Hierdoor zijn minder wisselingen van hulpverleners, doordat de voor kinderen en gezinnen bekende professionals ondersteund kunnen worden door het expertiseteam, zo is de verwachting. ‘Het grote voordeel is ook dat kinderen niet telkens opnieuw hun verhaal hoeven te doen. De experts lopen mee in het zorgpad’, aldus wethouder Chantal Broekhuis (jeugdzorg, CDA) van Utrechtse Heuvelrug.

 

Expertise

Die teams zijn flexibel, stelt Eerenberg. Want per jongere kan een andere expertise nodig zijn, of zelfs gedurende het zorgtraject kan de zorgbehoefte − en dus kennis over de beste behandeling − wisselen. Die expertise wordt geleverd door Yeph. Het is de bedoeling dat de jongeren zo veel mogelijk thuis of ambulant worden geholpen. ‘We willen dat experts hun expertise in een zo vroeg mogelijk stadium delen met de wijkteams, zodat een ingewikkelde en ingrijpende uithuisplaatsing kan worden voorkomen’, aldus Eerenberg. Ook bij zware casussen is het de bedoeling dat vroegtijdig expertise wordt ingezet, zodat erger kan worden voorkomen. De professionals uit de expertteams gaan niet zelf hulp verlenen in de wijk of buurt. Eerenberg: ‘Het gaat echt om de expertise, om het advies aan de lokale teams zodat die er mee aan de slag kunnen gaan.’

 

Extramuraal

De regio wil een nadrukkelijke beweging maken van intramuraal naar extramuraal. ‘We willen dat de zorg het liefst op de eigen plek en zo min mogelijk in een instelling wordt gegeven’, stelt Kosterman. De gezamenlijke visie is: geen kind de wijk uit en zorg zo dichtbij mogelijk’, vult Eerenberg aan. ‘Voor deze kinderen is het het beste als ze in huiselijke sfeer kunnen opgroeien’, benadrukt ook Broekhuis. ‘Onze ambitie is hoog. We willen naar een situatie toe dat geen enkel kind dat essentiële zorg nodig heeft in een instelling hoeft te verblijven. We willen deze kwetsbare kinderen zo min mogelijk belasten.’ ‘Tegelijkertijd weet je dat er gewoon altijd een kleine groep jongeren is die op enig moment in hun leven even in een instelling moet verblijven’, aldus Eerenberg. ‘Daar lopen we niet voor weg, maar we gaan ons gezamenlijk maximaal inspannen om die groep zo klein mogelijk te maken. En als ze naar een instelling moeten, dan zo goed en zo kort mogelijk. Dat is de visie die we met elkaar zijn overeengekomen.’

 

Stabiele financiering

Om deze beweging ook voor de aanbieder bedrijfsmatig haalbaar te maken, is besloten tot een langdurig contract en voor stabiele financiering. Te beginnen met drie jaar, met drie verlengingen van twee jaar. Voor financiering is gekozen voor taakgerichte bekostiging: één zak geld waarmee de professionals van Yeph doen wat ze moeten doen, zonder ingewikkelde bureaucratische rompslomp. ‘We vragen hen hun expertise in te zetten om de toestroom naar hun eigen voorzieningen zo klein mogelijk te maken. Alleen kinderen die dat echt nodig hebben, moeten daar naartoe worden geleid’, aldus Eerenberg. Het is een beweging die de aanbieder zelf ook ziet zitten, benadrukken Eerenberg en Kosterman. ‘We hebben dit samen met de aanbieder ontwikkeld. Die gelooft in deze aanpak’, benadrukt Kosterman.

 

Voorspelbaar zorglandschap

De regio heeft bewust voor één aanbieder gekozen. ‘Dat is efficiënter en je kunt beter monitoren’, aldus Eerenberg. ‘Met zestien gemeenten wil je een overzichtelijk en voorspelbaar zorglandschap hebben. Onze ervaring is dat als je langjarig, stabiel, met een klein aantal partners – in dit geval zelfs een – samenwerkt, de snelste stappen gezet kunnen worden. Grip, partnerschap en elkaar vasthouden; dat zijn de kernwoorden om hiervoor te kiezen.’

 

Handen op elkaar

Dat de U16 de zeer specialistische jeugdhulp gezamenlijk hebben aanbesteed, komt niet uit de lucht vallen. Al voor de decentralisatie van de jeugdzorg nodigde de toenmalig gedeputeerde Mariëtte Pennarts van Utrecht de wethouders jeugd regelmatig uit voor overleg. Daar is eigenlijk de kiem gelegd voor de goede bovenregionale samenwerking, vertelt Kosterman. Nog steeds komen de bestuurders van de Utrechtse jeugdzorgregio’s zeer regelmatig bij elkaar. ‘We trekken samen op en de onderlinge verhoudingen zijn goed.’ Tijdens een van die bijeenkomsten gingen de handen snel op elkaar om de zeer specialistische jeugdhulp samen aan te besteden. ‘Iedereen ziet heil in samenwerking.’

 

Bovenregionale samenwerking

‘We kunnen al die kennis en kunde die er in de verschillende gemeenten aanwezig is, delen en inzetten. Dat is van groot belang. Afzonderlijke gemeenten krijgen dit niet voor elkaar’, benadrukt Broekhuis. Als gemeente met diverse jeugdzorginstellingen binnen de grenzen is er in Utrechtse Heuvelrug sinds 2015 veel kennis aanwezig over de complexiteit van de zorgvraag en de wijze waarop kinderen die zeer gespecialiseerde hulp nodig hebben, het beste kunnen worden geholpen, stelt Broekhuis. ‘We zijn op een andere manier naar de jeugdzorg gaan kijken.’ Maar zo heeft elke gemeente de afgelopen jaren ervaring opgedaan, tekent ze daar meteen bij aan. Dat is de kracht van bovenregionale samenwerking. Gemeenten betalen gezamenlijk de procesbegeleider en betalen de zorg en/of expertise van Yeph naar mate ze daarvan gebruik maken.

 

Gedeelde visie

Minister Hugo de Jonge (VWS) en zijn collega Sander Dekker (JenV) stelden begin november gemeenten te willen verplichten specialistische jeugdzorg bovenregionaal in te kopen. ‘Wij doen al wat minister De Jonge wil’, zegt Kosterman niet zonder trots. ‘Vrijwillig, maar ook met passie en gedeelde visies’, vult Eerenberg aan. ‘Ik geloof er nooit zo in als dingen ontstaan als het moet. We hebben elkaar hier gevonden. Het gaat om een kleine groep jongeren. De schaal van de stad Utrecht of van één regio is te klein om dit goed te organiseren. Het begint ermee dat je dat zelf erkent. Dan moet je elkaar vinden in een gedeelde visie: wat wil je met deze jongeren. Hoe wil je met je partners omgaan. Dan zie je dat je elkaar heel snel vindt, dat je een fijne samenwerking hebt. Je komt dan sneller vooruit dan als er een wettelijke verplichting zou zijn.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.