of 58952 LinkedIn

Oproep: stel wijziging woonplaatsbeginsel uit

De wetswijziging woonplaatsbeginsel moet worden uitgesteld tot 2022. Die oproep doet Jeugdzorg Nederland aan de Tweede Kamer.

De wetswijziging woonplaatsbeginsel moet met een jaar worden uitgesteld. Die oproep doet Jeugdzorg Nederland aan de Tweede Kamer, die woensdag de wetswijziging behandelt. Het blijkt technisch niet mogelijk om de daadwerkelijke woonplaats van een jongere met jeugdzorg met een druk op de knop te achterhalen.  

Rekening

Een van de doelstellingen van de wetswijziging van het woonplaatsbeginsel, die per 2021 moet ingaan, is dat de rekening bij de juiste gemeente terechtkomt. Nu is het zo dat de gemeente waar het gezag over de jongere is geregeld – dat kan een ouder zijn, maar ook een voogd – de zorgrekening moet betalen. Na de wetswijziging hoeft voor het bepalen van de verantwoordelijke gemeente het gezag niet meer te worden uitgezocht. Voor de bepaling van de woonplaats wordt voortaan gekeken naar de inschrijving in de Basisregistratie Personen (BRP). Hiermee wordt voorkomen dat gemeenten met veel zorginstellingen of pleeggezinnen waar veel kinderen met een voogdijmaatregel verblijven onterecht voor de kosten opdraaien. Het nieuwe woonplaatsbeginsel zou daarnaast eenvoudiger zijn en de administratieve lasten voor zowel gemeenten als jeugdzorgorganisaties verminderen. 

 

'Vinkje’

In de praktijk is de laatste woonplaats van de jongere voordat hij voor zorg naar een instelling ging, moeilijk te achterhalen. Via het aanzetten van een ‘vinkje’ in de basisregistratie personen (BRP) zou onderscheid gemaakt kunnen worden tussen zorglocaties en thuisadressen, zodat de rekening naar de gemeente gaat waar de jongere, voorafgaand aan de zorg in een instelling, woonde. ‘Steeds is gezegd dat dit onderscheid tussen een ‘gewoon adres’ en een ‘zorgadres’ met een vinkje in het BRP eenvoudig te maken was. In alle gesprekken over deze wetswijziging, en ook in de uitvoeringstoets, is daar vanuit gegaan. Maar nu blijkt dat vinkje niet te bestaan en zijn er ook geen plannen dit alsnog in het BRP op te nemen’, aldus Erik Heijdelberg, bestuurslid van Jeugdzorg Nederland. ‘Dat maakt dat geautomatiseerde vaststelling van het woonplaatsbeginsel niet mogelijk is. Zo blijft de administratieve rompslomp in stand.’

 

Onjuiste aanname

Er ligt dus een onjuiste aanname aan de plannen ten grondslag, stelt Jeugdzorg Nederland, die voor een jaar uitstel van de wetswijziging pleit. Dat jaar kan worden benut om een systeem te bouwen waarmee de verantwoordelijke gemeente wèl geautomatiseerd is af te leiden. De brancheorganisatie denkt aan een verblijfsregister dat aan het BRP moet worden gekoppeld. Op die manier kan automatisch worden vastgesteld bij welke gemeente de rekening op het bordje moet komen. ‘Experts van het ketenbureau i-Sociaal Domein verzekeren dat het te realiseren is’, aldus Heijdelberg. Mogelijk kan het automatisch worden gevuld vanuit de informatie in het standaardberichtenverkeer over toegewezen zorg, oppert de branchevereniging.

 

Verblijfsregister

Het vergt wel tijd om het verblijfsregister goed uit te denken, in te richten en te vullen. Jeugdzorg Nederland pleit er daarom voor het woonplaatsbeginsel pas te wijzigen als het verblijfsregister gerealiseerd is. ‘Uitstel is nooit leuk, maar liever een jaar later alles in één keer goed regelen, dan nu een half werkend systeem invoeren, daar veel tijd en energie aan verspillen en het daarna allemaal nog een keer aan moeten passen’, aldus Heijdelberg.

 

De wetswijziging zou aanvankelijk al dit jaar ingaan, maar werd eerder al, na overleg met de VNG en VWS, met een jaar uitgesteld.   

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker (n.v.t.) op
Wellicht is een betere oplossing het uitdelen van een forse boete voor personen, die hun adreswijziging niet melden bij de gemeente.
Door w.f.willems (pensioen) op
Weer eens gezeur van de Jeugdzorg- de nationale rampspoed- werkte vroeger prima onder de Algemene Bijstandswet(1965)
Door w.f.willems (pensioen) op
Weer eens gezeur van de Jeugdzorg- de nationale rampspoed- werkte vroeger prima onder de Algemene Bijstandswet(1965)