Advertentie
sociaal / Nieuws

Awbz: aanpassen of afschaffen?

De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) adviseerde vorige week tot afschaffing van de Algemene wet bijzondere ziektekosten (Awbz).

08 februari 2008

De verzekering voor ouderen, gehandicapten en psychiatrische patiënten kan volgens de RVZ worden opgesplitst en ondergebracht bij de gewone zorgverzekering en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De raad adviseerde dit ook al in 2005 en heeft nu uitgezocht dat cliënten er niet slechter en in veel gevallen zelfs beter van zullen worden.

 

De Awbz is een hoofdpijndossier. Begin jaren negentig waren er al zorgen over de kosten. Sindsdien zijn ze alleen maar opgelopen, tot zo'n 20 miljard euro per jaar. Talloze onderzoeken en adviezen passeerden, zonder bevredigende oplossing. VWS en de adviesorganen zijn het inmiddels over één ding eens: handhaven van de huidige Awbz is geen optie.

 

De volksverzekering werd in 1968 in het leven geroepen voor kostbare, individueel niet te verzekeren zorg (zoals opname in een instelling of verpleeghuis). Die kosten zullen door de vergrijzing alleen maar toenemen. Bovendien zijn de aanspraken steeds verder verruimd, onder andere door het vage en dus rekbare begrip 'ondersteunende begeleiding' (meegaan bij een uitje, hulp bij boodschappen). Het aantal indicaties hiervoor steeg in 2005 en 2006 met veertig procent per jaar. De nu voorliggende vraag: aanpassen of afschaffen?

 

Afschaffen lijkt radicaal, maar aanpassingen zijn er veelvuldig geweest en die hebben per saldo geen besparingen opgeleverd. Zo zijn er in 2007 'zorgzwaartepakketten' ingevoerd. Het budget van instellingen is nu gebaseerd op de daadwerkelijk geleverde zorg en niet meer op het aantal cliënten. Ook werd een deel van de geestelijke gezondheidszorg uit de Awbz gehaald. De huishoudelijke verzorging en een deel van de ondersteunende begeleiding gingen van de Awbz via de Wmo naar de gemeenten. Desondanks stijgen de Awbz-uitgaven in deze kabinetsperiode met 1,9 miljard euro.

 

Puur uit oogpunt van kostenbeheersing is er veel te zeggen voor afschaffing. Anders dan bij invoering van de Awbz is iedereen nu verplicht verzekerd voor ziektekosten en zorgverzekeraars hebben een acceptatieplicht. De medische zorg van Awbz-verzekerden zou dus naar de gewone zorgverzekering kunnen. Voor de overige begeleiding en ondersteuning is er de Wmo. Zorgverzekeraars en gemeenten hebben er bovendien belang bij de kosten in de hand te houden.

 

Anderzijds dreigt het gevaar dat bij afschaffing van de Awbz de kosten van het ene zorgstelsel afgewenteld worden op het andere. Het Wmo-budget van gemeenten is beperkt en ouderen met een krappe beurs kunnen geen torenhoge ziektekostenpremie opbrengen. Dan is het toch weer de rijksoverheid die financieel moet bijspringen. Daarnaast is het twijfelachtig of zo'n vergaande ingreep politiek haalbaar is. De vorige ingrijpende wijziging in het zorgstelsel is nog maar net achter de rug. En zorg voor kwetsbare groepen ligt gevoelig. De Tweede Kamerfracties van CDA en VVD hebben al laten weten tegen afschaffing van de Awbz te zijn.

 

De toekomstscenario's draaien om het kostenplaatje, maar staatssecretaris Bussemaker zal eerst het principiële debat moeten voeren: hoort de zorg voor kwetsbare groepen in een publieke verzekering of laten we die over aan de markt?

 

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie