of 58952 LinkedIn

De ladder voor duurzame verstedelijking maakt niet duurzaam

De ladder voor duurzame verstedelijking wekt de indruk dat het ons dichterbij een staat van duurzame ontwikkeling brengt. Dat is een misvatting. Een nadere beschouwing laat zien dat de ladder vooral stuurt op zuinig en efficiënt omgaan met onze ruimte. Dat is een waardevolle doelstelling, maar er is meer nodig voor duurzame verstedelijking. We willen ook een klimaatbestendige stad, een gezonde en leefbare stad met ruimte voor natuur en stadslandbouw. Voor deze bredere afwegingen biedt de ladder geen soelaas.

De ladder voor duurzame verstedelijking bouwt voort op de SER-ladder en is geïntroduceerd in de Structuurvisie Ruimte en Infrastructuur. De ladder kent drie treden. Gemeenten die overwegen nieuwe woningen te bouwen of bedrijfsterrein te ontwikkelen, dienen eerst nut en noodzaak te overwegen. Is er een regionale behoefte aan nieuwe woningen en bedrijventerrein? Zo ja, kan (een deel van) de behoefte worden opgevangen in bestaand stedelijk gebied? Als dat niet het geval is dient een nieuwe uitleglocatie gerealiseerd te worden op een plek die multimodaal ontsloten is of kan worden. Kortom, vooral eerst onderzoeken of er nog onbenutte binnenstedelijke ruimte beschikbaar is. Dat lukt gelukkig steeds beter, want het motto is tegenwoordig: “small is beautiful’’. 

 

De komende jaren is er vooral een bouwopgave in de Randstad en enkele andere economische kerngebieden. Verdichten van stedelijke agglomeraties heeft een keerzijde. Vooral geluidshinder en luchtkwaliteit in de sterk verstedelijkte gebieden trekken een wissel op de gezondheid van de mensen die wonen in de nabijheid van weg- en railinfrastructuur. Daar verdichten lijkt niet de beste optie. Ook het benutten van de openbare ruimte is geen gelukkige keuze. De stad heeft groengebieden en openbaar water nodig om op de toekomst voorbereid te zijn. Gaat efficiënter omgaan met parkeerruimte wat opleveren?

 

Kortom, wanneer een stad overweegt nieuwe woningen te bouwen in bestaand stedelijk gebied, zijn er meerdere afwegingen te maken. De ladder voor duurzame verstedelijking brengt die afwegingen niet in beeld. Voor transparante en navolgbare afwegingen is een breder beoordelingskader nodig. Ook omdat de hele bouwopgave realiseren binnen bestaand stedelijk gebied geen reële optie is. Er zal ook gebouwd worden buiten de bestaande stad. Daar komen nog andere afwegingen bij kijken, zoals ruimte bieden aan en goede milieucondities realiseren voor natuur.

 

Op dit moment heroverwegen diverse provincies hun beleid voor ruimte en mobiliteit. Eén van de strategieën is het verdichten van bestaand stedelijk gebied met het doel hoogwaardig openbaar vervoer (HOV) te faciliteren. Onder de noemer ‘beter benutten’ zijn in veel steden snelle bus- en trambanen aangelegd langs bestaande auto-infrastructuur. Hiermee doorgaan en verdichten bij OV-haltes levert dan wel een dilemma op. Bouwen en intensiveren langs drukke ontsluitingswegen verdient uit gezondheidskundig oogpunt niet de voorkeur.

 

Een beter alternatief is de nieuwe HOV-infrastructuur ontwikkelen parallel aan de bestaande auto-infrastructuur, op een afstand van 1.000 meter en meer. Dan kun je stille en schone zones creëren. Dit alternatief, het ‘Ladderconcept’, is bedacht in het midden van de jaren ‘90 van de vorige eeuw, in het project Ruimpad.

 

Het ladderconcept biedt kansen voor koppeling van individueel en openbaar vervoer. Er zijn twee doorgaande vervoersverbindingen die qua snelheid en capaciteit verschillen. Dwarsverbindingen tussen de auto- en HOV-infrastructuur faciliteren kris-kras verplaatsingen. Op de kruispunten kunnen de vervoersknooppunten worden gesitueerd. Binnen de mazen van de ladder kunnen groene, blauwe en rode functies in wisselende verhoudingen worden gecombineerd. Dat is goed voor de ruimtelijke kwaliteit. Het draagt ook bij aan de keuzevrijheid van mensen om te wonen op plekken die aan hun woon- en mobiliteitsvoorkeuren voldoen. We moeten de stad opnieuw doordenken om het voor de toekomst veilig te stellen.

 

Lees hier de eerdere columns van Peter van de Laak.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Peter van de Laak (consultant milieu in ruimtelijke plannen) op
De handreiking ladder voor duurzame verstedelijking bevat een checklist met kansen voor ruimtewinst en aandachtspunten voor milieuaspecten. De ladder ondersteunt de beslisser niet bij het wegen van deze verschillende aspecten. Het niet aanreiken van concrete handvatten voor het wegen van ruimtewinst en verlies dan wel toename van milieu- en omgevingskwaliteit, daar wil ik de aandacht op vestigen. Daarin kan de ladder nog aan meerwaarde winnen.
Door Henk Puylaert (partner H2Ruimte tevens medeauteur "Handreiking ladder voor duruzame verstedelijking" en in het verre verleden projectleider Ruimpad) op
De ladder voor duurzame verstedelijking brengt ons wel degelijk dichter bij een duurzame verstedelijking.Het kan altijd beter. De winst van toepassing van de ladder zit zoals Peter van der Laak terecht opmerkt in zuinig en efficiënt ruimtegebruik. Als we dat voor elkaar krijgen dan is dat al een grote stap in de richting van een meer duurzame verstedelijking. De ladder doet meer. Nadat in trede 1 is bepaald of er een terechte (regionale) behoefte is, wordt in trede 2 van de ladder kwantitatief en kwalitatief gekeken of er in het bestaande stedelijke gebied voor de regionale vraag voldoende geschikte ruimte is te vinden. Daarin spelen aspecten, die Peter van der Laak naar voren brengt ook een rol. Denk aan luchtkwaliteit, geluid, klimaatbestendigheid en groen. De keerzijde van verdichten wordt zo expliciet in de afweging betrokken (zie de handreiking over de ladder http://ladderverstedelijking.minienm.nl/#haalbaa …