Advertentie
carrière / Achtergrond

Luie, saaie lanterfanter

Wie nu kent er geen grappen over de luiheid van de ambtenaar? De vooroordelen over de beroepsgroep zijn bijna spreekwoordelijk.

24 juni 2022
van 9 tot 5
Shutterstock

Anderen over de ambtenaar

Welke beelden bestaan over ambtenaren? Op basis van internationaal onderzoek belichten we in een serie de belangrijkste stereotyperingen en wat die met de beroepsgroep doen. Deel 1: Van inflexibel tot saai.

Wie nu kent er geen grappen over de luiheid van de ambtenaar? De vooroordelen over de beroepsgroep zijn bijna spreekwoordelijk. Utrechtse wetenschappers zijn niet alleen bezig deze stereotyperingen te ontleden, maar ook te laten zien wat de effecten ervan zijn. Deel 1 van een serie.

Een agent, een brandweerman en een ambtenaar zijn aan het opscheppen hoe snel ze zijn. ‘Ik ben binnen vijf minuten bij een overval’, zegt de agent. Brandweerman: ‘Ik ben sneller, want binnen een minuut bij een brand.’ De ambtenaar: ‘Ik werk van 09.00 tot 17.00 uur, maar ben om 14.00 al klaar.’ Lars Tummers, hoogleraar bestuurs- en organisatiewetenschap aan de Universiteit Utrecht, vertelde de grap vorige maand tijdens een presentatie op de Universiteit van Oxford. Iedereen in de zaal in een deuk.

‘Flauw? Het was mij erom te doen of er in een internationaal gezelschap al dan niet sprake zou zijn van herkenning. Die was er, getuige de vele lachers.’ Echt verbazen deed het Tummers ook weer niet. Al sinds 2019 is hij samen met drie universitair docenten en drie promovendi bezig met het luie-ambtenaren-onderzoek dat tegelijkertijd wordt uitgevoerd in de Verenigde Staten, Canada, Zuid-Korea en in ons land.

‘Er zijn wereldwijd heel veel stereotypen over ambtenaren: ze zijn lui, ze werken van negen tot vijf en – positief – ze zijn heel loyaal. Maar er bestaat geen systematisch onderzoek naar welke het belangrijkste zijn en hoe verschillende groepen mensen over ambtenaren denken. Met dit onderzoek, dat vijf jaar duurt, doen we dat wel.’

Regels zijn regels

De eerste resultaten kan hij inmiddels melden op basis van enquêtes onder 1.175 Nederlanders in de zomer en herfst van 2020. Hun werd gevraagd wat ze vonden van ambtenaren. ‘Heel vaak wordt het op tijd naar huis gaan genoemd. Dat is een klein beetje negatief. Tot die categorie hoort ook het inflexibel zijn, het handelen vanuit ‘regels zijn regels’. Baanzekerheid, redelijk goed betaald en dienstgericht zijn drie belangrijke positieve omschrijvingen die veel worden gebruikt’, zegt Tummers.

Opvallend is de onderzoeksuitkomst bij de nadere uitsplitsing van de respondenten. Mensen die moeilijker of niet kunnen rondkomen, blijken een stuk negatiever over ambtenaren. Tummers spreekt niet van lage inkomensgroepen, maar van mensen met een subjectief lager inkomen. In gewoon Nederlands: mensen die het gevoel hebben slecht rond te kunnen komen. Zij blijken de ambtenaar vooral te zien als strikt, arrogant en autoritair. Mensen met een subjectief hoger inkomen oordelen over het algemeen een stuk positiever over ambtenaren. In die groep komen stereotyperingen als strikt en arrogant een stuk minder voor.

Zo’n verschil met de groep met hogere subjectieve inkomens hadden de bestuurskundigen niet verwacht. ‘Verklaren kunnen we het wel’, zegt Tummers desgevraagd. ‘Het kan onder meer te maken hebben met een gevoel van afhankelijkheid. Als iemand ingrijpende beslissingen over jouw leven maakt of kan maken, dan roept dat gevoelens van machteloosheid op.’ Wat de toeslagenaffaire laat zien, is in zijn ogen veelzeggend: een strikte, arrogante houding van ambtenaren die al dan niet door hun politieke bazen werden gedwongen om onmogelijk beleid uit te voeren.

Conservatief

Wat uit het onderzoek ook naar voren komt, is dat mensen uit het commerciële bedrijfsleven, maar ook uit de non-profit, negatiever over ambtenaren zijn dan mensen die zelf bij de lokale of nationale overheid werken. Ambtenaren geven zichzelf een 7,5, terwijl mensen uit het bedrijfsleven ze een 5,5 geven.

De negatieve vooroordelen over ambtenaren die mensen in de private sector erop nahouden zijn onder andere inflexibel, een 9-tot-5-mentaliteit, conservatief en ook wel saai. ‘Sneu volk’, zo hoort de verslaggever regelmatig als hij in kringen van zelfbenoemde ‘snelle jongens’ verkeert. ‘Daar wil je toch niet tussen werken!’ Zij zien de eigen groep veel positiever. ‘Zoals je dat tegenkomt bij voetbalsupporters’, zegt Tummers. ‘En vooruit, tussen universiteiten onderling speelt het ook.’

Top 5 stereotyperingen over ambtenaren in private sector (positief en negatief)

1 Baanzekerheid
2 Op tijd naar huis
3 Goed betaald
4 Dienstbaar
5 Verantwoordelijk

Evolutionair gezien is dat afgeven op ‘de ander’ misschien goed te verklaren, maar het werkt volgens Lars Tummers wel verstorend op onder meer de arbeidsmarkt. Tummers: ‘Het belemmert bijvoorbeeld doorstroming van de ene naar de andere sector. Iemand die als beleidsambtenaar bij een ministerie begint, klimt intern op tot misschien wel directeur-generaal en later secretaris-generaal. Wie binnen de overheid werkzaam is, stapt zelden over naar de private sector. Die sector zit ook niet te springen om ambtenaren aan te nemen.

Dat is mede een gevolg van die vooroordelen. Omgekeerd zie je overigens hetzelfde: een directeur bij Shell wordt zelden leidinggevende bij zeg het ministerie van VWS.’ Dat is volgens hem jammer, want kruisbestuiving en een andere kijk op elkaars wereld blijft daardoor uiterst beperkt. ‘Het zijn gescheiden werelden.’ Dat heeft nog een ander effect: mensen komen vast te zitten, zitten jarenlang op dezelfde functie. Mensen die zo lang hetzelfde doen in de publieke sector, maken minder kans om te worden aangenomen in private sector.

Slechte dienstverlening

En tot slot is er mogelijk ook nog een effect van de negatieve beeldvorming op de prestaties op de werkvloer. ‘Als je continu negatief wordt bejegend, en het in de ogen van de ander toch nooit goed doet, zou je weleens minder hard je best kunnen gaan doen. Voor dat effect op welzijn, motivatie en prestaties hebben we echter tot nu toch nog geen aanwijzingen gevonden in ons onderzoek.’

Een van de onderzoekers, sociaal psychologe Isa Bertram, ontdekte intussen wel een ander effect van negatieve stereotypen. Mensen die met een negatief beeld op ambtenaren afstappen als ze een dienst van hen nodig hebben, ervaren een slechtere dienstverlening. Als mensen denken dat ze arrogant worden bejegend, kleuren ze situaties – onbewust – zo in dat ze het ook op die manier ervaren.

Omgekeerd ervaren mensen die een positiever beeld hebben, een betere dienstverlening: een andere beleving dus, terwijl exact dezelfde overheidsdienst werd geleverd. Het toont volgens de onderzoekers aan dat, ook al zijn ze misschien niet waar, stereotypen wel effect hebben. Ze kunnen de vertrouwensband tussen burger en overheid onder druk zetten. Over hoe die trend mogelijk te keren is, gaat een van de volgende afleveringen in deze serie.

Taboe

Terug naar de grap over de agent, de brandweerman en de agent, met de vraag of dat soort grappen nog wel kunnen, anno 2022. Over mensen die een andere sekse of huidskleur hebben, is het not done ze nog te maken. Maken we het nog mee dat die grappen over ambtenaren ook taboe worden? Want wat is het verschil? Lars Tummers denkt even na. ‘Grappen zijn niet altijd onschuldig. Ze kunnen kwetsend zijn. Daar moet je zeker bij stilstaan. Maar een goede grap over ambtenaren? Moet kunnen.’

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie