Advertentie
bestuur en organisatie / Achtergrond

'We moeten niet naïef zijn over populisme'

Rianne Donders waarschuwt voor de gevolgen van ongeremd populisme voor de democratie.

25 november 2022
Rianne Donders-ANP
Rianne Donders, de opgestapte burgemeester van RoermondRoger Dohmen/ANP

Half oktober stapte Rianne Donders op als burgemeester van Roermond. Ze vond het verschil in opvattingen tussen haar en meerderheid van de gemeenteraad ‘onoverbrugbaar’, waardoor ze haar opdracht als burgemeester niet volledig kon invullen. ‘Er wordt geknaagd aan de wortels van de democratie.’

Programmamanager Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS)

Gemeente Tilburg
Programmamanager Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS)

Senior beleidsadviseur wonen (28 – 36 uur per week)

Gemeente Gorinchem
Senior beleidsadviseur wonen (28 – 36 uur per week)

Eén voorwaarde stelde Rianne Donders voor het interview: dat het niet meer gaat over Jos van Rey, maar ‘een abstractieniveau hoger’. ‘Ik wil niet klinken als een natrapper, want dat ben ik niet. Ik ben vertrokken om ruimte te maken voor een noodzakelijke verandering. Daar hoort natrappen niet bij.’ Dat hogere abstractieniveau was inderdaad de reden om Donders, ex-burgemeester van Roermond, te spreken in ‘haar laatste interview over dit onderwerp’. Maar toch kunnen we niet om Van Rey heen.

U bent toch vertrokken, omdat men in Roermond niet aan die verandering van de bestuurscultuur wilde die onder Van Rey is ontstaan?

‘Dat beeld is een eigen werkelijkheid geworden, maar het is veel complexer. Die cultuur is in enkele decennia ontstaan. Een resultaatgerichte cultuur, gericht op ondernemers, geld en werkgelegenheid. Resultaten die in de praktijk veelal door dezelfde partijen werden gerealiseerd of aangejaagd. Daar gaat die veroordeling ook over. In de tijd voor de inval van de Rijksrecherche in 2012 zijn de bakens platgelegd of genegeerd die bestuurders moeten helpen om scherp te blijven op rollen en processen, en om de grens tussen integer handelen en daadkrachtig besturen niet te overschrijden. Zonder oor voor tegenspraak is er geen correctie meer. Die bestuursstijl wortelde zich in alle gremia.

Er verschenen voor 2012 al rapporten over, maar daar is te weinig mee gedaan. De succesfactor van dit bestuur was groot. Dat bleef zo tot die inval, die plaatsvond omdat er informatie was gelekt door Van Rey aan kandidaten in de procedure voor de burgemeestersbenoeming. Pas twee jaar later kwam het vervolgen voor witwassen, fraude en corruptie. Het duurde lang. Die discussie over wel of geen terechte inval bleef hangen en duurde tot de onherroepelijke uitspraak van de Hoge Raad in 2019.’

In hoeverre is die cultuur te wijten aan Van Rey?

‘Hij wordt gezien als founding father. De organisatie heeft zich aangepast aan die manier van werken. Ambtenaren zijn onafhankelijke adviseurs, maar raakten zo gewend aan die bestuursstijl dat die resultaatgerichtheid een gewoonte werd. Daarmee werd integraliteit heel kwetsbaar. In de tijd van achtereenvolgende verkiezingen werd de rol van Van Rey groter. Er is rolafvlakking en rolvermenging ontstaan en er zijn te weinig kritische kanttekeningen. Van Rey en zijn partij (LVR) vielen mij ook aan.

Dat ging vooral over het tegenhouden van verandering. Zo werd de burgemeester politiek. Alles wordt politiek gemaakt. Abstract bekeken is hij veroordeeld voor het hanteren van wetten van het bedrijfsleven op de overheid. Die vermenging is uiteindelijk bestraft.’

Toch is hij weer wethouder. Is die cultuur dan ook weer terug?

‘Er is steun voor wat Van Rey vindt. Ik heb hem nooit horen zeggen dat hij zijn veroordeling begreep. Het zou een complot zijn van de Rijksrecherche, de gouverneur of het CDA. Als je niet snapt waarom je bent veroordeeld, ga je het dan wel anders doen? Die vraag zal in de tijd worden beantwoord, maar vraagt van dit college, de organisatie en de gemeenteraad een hele kritische blik. Tegelijk is de begroting voor 2023 klaar en verliep dat proces in een goede sfeer. Bij de volgende begroting zal de koers van dit college duidelijker te zien zijn, omdat zij dan een vol begrotingsjaar hebben doorlopen.’

De stem van het volk gaat over veel meer dan over schreeuwers alleen

Maar toen Van Rey bestuurder-af was, is die cultuur dus wel blijven bestaan?

‘Na het vertrek van Van Rey werd de bestuurscultuur niet ineens anders. Ingesleten patronen zijn niet zomaar weg. De manier waarop is gewerkt, moet worden veranderd. Dat vraagt om inzicht en begrip van de noodzaak tot verandering. De LVR, de nieuwe oppositie sinds 2014, was niet bezig met verandering, maar met de weg terug naar het pluche. De coalitie was broos en zocht naar een nieuw evenwicht met elkaar, met de oppositie en op jacht naar resultaten die zouden laten zien dat het allemaal ook ging zonder.

Maar onder druk van lopende rechtszaken, onzekerheid over de uitkomst, voortdurende beschadigingen van personen, is die verandering kwetsbaar en niet zomaar ingezet. De organisatieontwikkeling die in 2020 is ingezet, was een goed begin om de organisatie weerbaar en dienstbaar te laten zijn. Het college en de gemeenteraad zouden ook mee moeten in die verandering. De vraag is of dat gaat gebeuren.’

Hugo Logtenberg schreef in zijn NRC-column dat u andere gemeenten kent waar ongeremd populisme tot dezelfde problemen leidt als in Roermond. Welke?

‘Dat zeg ik niet. Maar er zijn veel vormen van. Hier keerde een veroordeelde wethouder terug in het college. Intussen loopt er een vraag in Den Haag: als Richard de Mos wordt veroordeeld, lijkt het op de Roermondse situatie. De Mos is ook resultaatgericht, waarschijnlijk uit een goed hart, maar die vermenging van rollen is een parallel met Roermond. Dat je grenzen niet bewaakt en zelf dingen gaat regelen. Je moet er lessen uit trekken en kritisch zijn op hoe je dingen regelt. Dat geldt ook voor de ambtelijke organisatie. Als er ambtelijke adviezen lagen, werd er toch anders besloten dan werd geadviseerd. Dat komt overal weleens voor en het bestuur mag dat gemotiveerd doen. Maar als het structuur wordt, dan vlakt het ook de advisering af.’

Wat verstaat u onder ongeremd populisme?

‘De grens tussen iemand willen helpen en cliëntelisme, zoals met vergunningen. Je laat een advies schrijven dat het kan of niet kan, en doet het dan toch. Als dat de structuur wordt, ga je mensen aan je binden. De volgende stap is: ik beloof dat ik dat voor jou ga regelen. Dan is het algemeen belang in het geding, terwijl het bestuur er daarvoor zit. Bij al dat individualisme raakt het algemeen belang ondergesneeuwd. We verliezen een gevoel van saamhorigheid.

Het “ieder voor zich” maakt ons niet sterker, maar kwetsbaarder. Als de politiek verder individualiseert, maak ik mij zorgen over mensen waarvoor het niet vanzelf gaat. Als zij zich niet aangehaakt voelen, wordt de hang naar de sterke man groter en het vertrouwen in de politiek kleiner. Politiek moet verbinden; dat doet het nu niet. De afhakende kiezers zijn een belangrijk signaal. Waarom gaat iemand niet stemmen? Omdat hij denkt dat het niets uitmaakt.’

Na het vertrek van Van Rey werd de bestuurscultuur niet ineens anders

De NRC-column eindigde met: ‘Als we willen dat onze democratie niet wordt gesloopt, zullen we ons nu actief moeten verzetten.’ Is het zo erg?

‘Een open democratie begint met vertrouwen en respect. Pas daarna kijk je of iets juridisch klopt. Anders komen we in een gejuridiseerde wereld zonder rekenschap van het algemeen belang. Als je dat verliest, verlies je een belangrijk onderdeel van de democratie. Je kunt in Nederland in de gemeenteraad zitten, terwijl er een strafzaak tegen je loopt die gaat over je rol als bestuurder. Op dat punt hebben we geen instrumenten ontwikkeld. We zijn daarin erg naïef.

In landen om ons heen is dat strikter geregeld. We kunnen een wettelijk schorsingsinstrument vastleggen. Het Huis van Thorbecke is zo gek nog niet, maar de vraag is of we dat spel nog spelen zoals het is bedoeld. De politieke ordening verandert. Lokale partijen zijn in opmars en kunnen financiering bij elkaar sprokkelen. Landelijke partijen zijn gehouden aan campagneregels. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar? Als het speelveld verandert, moet je kijken of iedereen nog gelijke kansen en rechten heeft.’

Moet je lokale partijen dan niet ook subsidiëren?

‘In een lokale situatie zouden partijen op dezelfde manier over middelen moeten beschikken. Het subsidiestelsel heeft een grondslag. Als dat voor lokale partijen gaat gelden, moet je er ook bij de fondsenwerving gelijk mee omgaan. Mijn beeld is dat dit niet overal gebeurt. Er moet gelijke onafhankelijkheid en verantwoording en inzicht van financiële achtergronden zijn, anders is er scheefheid in opties van partijen.’

U wilt wetswijzigingen. Zijn onze instituties niet opgewassen tegen het ongeremde populisme?

‘Dit proces vindt buiten de raadszaal plaats. Het kan nooit zo groot worden in enkel de raadszaal. Dat gaat niet meer over of iemand die veroordeeld is, kan terugkomen. Het gaat over een schending van wat politiek is: als iemand zelf niet snapt dat hij moet terugtreden, terwijl dat in de spelregels staat en een VNG-advies is. Als burgemeester sta je met lege handen. Niemand kan het veranderen, behalve degene om wie het gaat. Als die geen verantwoordelijkheid neemt, blijft het dilemma staan.’

Wat is het gevaar van de naïviteit over het ongeremde populisme?

‘Het gevaar is dat het polariseert. Het roept op tot voor of tegen iemand of iets te zijn en drijft mensen uit elkaar. Het gaat over voorkeursbehandelingen en beschadiging en draagt niet bij aan het meest kritisch kijken naar wat het beste is voor de gemeente. Het negeert het algemeen belang en richt zich op gunsten en diensten. Het vergroot de kwetsbaarheid van mensen die in de politiek actief willen zijn. Dat leidt tot minder inbreng in politieke discussies, of erger, zwijgen.

Als mensen zwijgen of niet meer durven te spreken in politieke debatten, ambtenaren niet meer vrijuit adviseren of bewegingen die niet goed voelen niet meer durven te benoemen, vervlakt de politiek. Dan wordt het de speelbal van een selecte groep die zichzelf in stand houdt. De stem van het volk gaat over veel meer dan over schreeuwers alleen. Het gaat om degenen die we niet horen. Als we vertrouwen willen houden in de politiek en in de overheid, moeten we die verbinding met de totale samenleving blijven maken.’

Waar roept u bestuurlijk Nederland toe op?

‘Er wordt geknaagd aan de wortels van de democratie. We moeten beschermen wat ons dierbaar is. Dat is een breed palet: lokale partijen, kwaliteit van de raad, integriteit, omgaan met vertrouwen en respect. We moeten erover spreken. Dat beperkt zich niet tot de gemeente. Wat willen we met het bestuur? Welke waarden vinden we belangrijk? Worden die goed beschermd? Zonder actie is de democratie kwetsbaar.’

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie