Advertentie

Minister Bruins Slot laat burgemeesters hun ding doen

Wat de minister van Binnenlandse Zaken betreft, verandert er onder haar bewind weinig aan de rol en aanstellingswijze van burgemeesters.

15 juni 2022
Burgemeestersketting Amsterdam
Shutterstock

Voor een rechtstreeks gekozen burgemeester voelt minister Bruins Slot bar weinig. Een burgemeesterskandidaat die door de gemeenteraad wordt aanbevolen en door de Kroon wordt benoemd past volgens haar prima in het lokaal bestuur.

Een fundamentele wijziging van de positie en aanstellingswijze van de burgemeester met daaraan gekoppeld een andere inrichting van het lokaal bestuur ziet de minister van Binnenlandse Zaken niet zitten, zo meldt ze in een brief aan de Tweede Kamer. Bruins Slot reflecteert daarin op het onderzoek ‘Teveel van het goede? De staat van het burgemeestersambt anno 2020’, van onder meer de hoogleraren Marcel Boogers en Geerten Boogaard. Dat vorig jaar verschenen rapport liet zien dat er actie nodig is om het burgemeestersambt toekomstbestendig – en niet nog zwaarder – te maken. Een van de denkrichtingen om de positie van de burgemeester te versterken, zou volgens Boogers c.s. kunnen zijn door hem niet langer de facto door de gemeenteraad te laten benoemen en herbenoemen, maar in een rechtstreekse verkiezing door de bevolking.

Grote gevolgen

Voor een andere invulling van het burgemeestersambt en een herziening van het gehele stelsel van het lokaal bestuur zegt de CDA-bewindsvrouw echter op basis van dat onderzoek geen aanleiding te zien. Een aanpassing van de aanstellingswijze van de burgemeester zou volgens haar ‘grote gevolgen’ voor het lokaal bestuur als geheel hebben. Ze neemt daarmee hetzelfde standpunt in als het Nederlands Genootschap voor Burgemeesters en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.

Dubbele rol

Anders dan de onderzoekers opperen, peinst de CDA-bewindsvrouw er niet over de dubbele voorzittersrol van de burgemeester die deze nu heeft – voorzitter van de raad en voorzitter van het college – te veranderen. De rol van raadsvoorzitter zou volgens Boogers c.s. kunnen worden belegd bij een uit de raad gekozen voorzitter wijst ze af. Volgens de minister stelt juist die dubbele rol de burgemeester in staat het samenspel tussen college en raad te versterken. Gelet op de toegenomen druk op de gemeenteraad vindt Bruins Slot het raadzaam dat burgemeesters zelfs meer aandacht besteden aan hun rol als voorzitter van de raad.

Portefeuille veiligheid

Vrijwel de enige denkrichting van de wetenschappers waarin de minister zich kan vinden, is het niet verder vergroten van de portefeuille openbare orde en veiligheid (oov) van de burgemeester. Sinds 2010 is het aantal bevoegdheden op dat vlak flink uitgebreid, terwijl er ook nog wetgeving in de maak is – rondom verwarde personen – om die nog verder uit te breiden. ‘Het is belangrijk om zorgvuldig te toetsen of nieuwe bevoegdheden passen bij de rol en positie van de burgemeester’, aldus Bruins Slot. Om een verdere verzwaring te voorkomen, werkt Bruins Slot daarom nu aan een afwegingskader waarmee aan het begin van het wetgevingsproces kan worden bepaald of een bevoegdheid bij de gemeente, en daarbinnen bij de burgemeester, thuishoort. Eind dit jaar hoopt ze dat kader te kunnen presenteren.

Integriteit

Intussen laat Bruins Slot ook verkennen of er mogelijkheden zijn de bevoegdheden van de burgemeester op het gebied van integriteitsbewaking beter te benutten. Zo is er wetswijziging in voorbereiding voor de screening van wethouders, met bijzondere aandacht voor de rol van de burgemeester daarin. Die rol als hoeder van de integriteit kan de burgemeester in problemen brengen, zo constateerden Boogers c.s. Het kan bijvoorbeeld tot spanningen leiden met de raad, van wie hij in hoge mate afhankelijk is bij een herbenoeming. Burgemeesters die gedwongen vertrekken, hebben nogal eens met integriteitskwesties van anderen in hun politiek-bestuurlijke omgeving te maken gehad. Daarom wil de minister dat de commissaris van de koning bij herbenoemingen expliciet gaat toezien op een zorgvuldig proces. Dat proces begint wat haar betreft met het bij voorkeur jaarlijks voeren van klankbordgesprekken tussen burgemeester en vertrouwenscommissie. Die gesprekken dienen om signalen en feedback aan elkaar kenbaar te maken, zodat er ruimte en tijd is voor zelfreflectie en eventuele verandering van gedrag. Ook voor de cdk vormen de verslagen daarvan een belangrijke bron van informatie. Ze moeten een sterke onderbouwing bieden voor een positieve of negatieve aanbeveling voor herbenoeming.

Oren en ogen

Maar ruimer dan dat hoeft de rol van de cdk waar het gaat om de bestuurlijke integriteit op lokaal niveau niet te worden. Die taak overhevelen naar de cdk, zoals een denkrichting was in het rapport Teveel van het goede? vindt Bruins Slot niet passend. Burgemeester en cdk hebben wat haar betreft elk hun eigenstandige rol, waarbij de primaire verantwoordelijkheid voor bestuurlijke integriteit berust bij de burgemeester als ‘oren en ogen van het lokaal bestuur.’

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie