of 59142 LinkedIn

Scholen in de Bouwagenda

In de aanloop naar een nieuw kabinet werd de Bouwagenda de afgelopen maanden stevig voor het voetlicht gebracht. Zo ook tijdens het congres van Building Holland van 11 tot 13 april 2017. Daar werd vooral ingestoken op het verduurzamen van het vastgoed. Dat we groener moeten (ver)bouwen is voor Maxime Verhagen, voorzitter van Bouwend Nederland, geen discussie. Hoe groen het kan worden en hoe snel het kan gaan, hangt voor een groot deel af van het volgende kabinet.

De Bouwagenda, opgesteld door een Taskforce met notabelen uit de bouwsector onder leiding van Bernard Wientjes, kan gezien worden als een bundeling van agenda’s. Meer dan 50 vertegenwoordigers uit de bouw, overheid, kennisinstellingen en maatschappelijke groepen hebben input geleverd, al blijkt uit het document niet helder wie allemaal. 

 

Eén van de programma’s in de Bouwagenda is speciaal gericht op scholen. In dit programma staat de ambitie dat er op relatief korte termijn een gebiedsgerichte inventarisatie van onderwijsgebouwen voor heel Nederland beschikbaar moet zijn, onderverdeeld  in vervangen door nieuwbouw, ingrijpende renovatie, (kleine) energetische verbetering of nog onzekere toekomst. In de agenda wordt gekoerst op oplossingen die zijn gebaseerd op Total Cost of Ownership, optimale duurzaamheid en het gebruik van slimme systemen, waarmee de markt het onderwijs kan bedienen.  

 

Veel punten uit de Bouwagenda zijn herkenbaar en sluiten aan bij de agenda van de publieke sector. Dat is een goede basis voor samenwerking. Maar samenwerking werkt beter als alle partijen sterk in hun schoenen staan en daarin is het onderwijs kwetsbaar, bleek onder andere uit het programma Frisse Scholen. Er kwam subsidie beschikbaar voor installaties en de markt sprong daar op in, maar het opdrachtgeverschap bij scholen was nog onvoldoende ontwikkeld. Gevolg is dat de lucht in scholen er niet echt beter op geworden is, maar de energierekening beduidend hoger. Ook nu bestaat het risico dat de Bouwagenda scholen overkomt.

 

Scholen en gemeenten zullen ook in onzekere tijden in goed overleg met hun omgeving hun eigen beslissingen moeten nemen over wat wel en wat niet te (ver)bouwen en wat wel en wat niet te bundelen. Dat vergt open en eerlijke informatie, goede afstemming en een zorgvuldige afweging. Om het programma te ondersteunen ziet de Bouwagenda een rol weggelegd voor een landelijk loket en/of regisseur, waar gemeenten en scholen kennis kunnen delen en advies kunnen krijgen.  Gelukkig bestaat zoiets al, in diverse vormen, dus kunnen we meteen met de inhoud aan de slag. Met respect voor ieders positie, extra steun vanuit de bouwsector en een ‘kindvriendelijk, groen en gezond’ kabinet kunnen we ongetwijfeld meer vaart maken. 

Ingrid de Moel 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Kees van den Heuvel (adviseur onderwijshuisvesting) op
Het klinkt allemaal zo mooi. De markt zijn werk laten doen. Gelukkig klinkt in dit artikel door dat schoolbesturen en gemeenten in ieder geval zelf de regie moeten houden en niet alles aan de bouwsector moeten overlaten. Die ziet in de huidige milieu- en energie hype alleen maar een kans op hogere winsten. Scholen en gemeenten willen betere gebouwen die ook in de praktijk doen wat in de ontwikkelfase is beloofd. Dus geen dure installaties die alleen de energierekening opschroeven, maar praktische oplossingen die het voor de gebruikers beter, efficiënter en beter betaalbaar maakt.