of 59045 LinkedIn

Gemeenten niet happig op woningaanpassingen

Gemeenten hebben geen goed beeld van de behoefte aan woningaanpassingen voor senioren. Er wordt door gemeenten nauwelijks geld gereserveerd voor woningaanpassingen. Dat blijkt uit een inventarisatie onder dertig gemeenten van seniorenorganisatie ANBO en onderzoeksbureau Kien.

Gemeenten hebben veelal geen goed beeld van de behoefte aan woningaanpassingen voor senioren. Als burgers een voorziening aanvragen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), zoals een traplift, raden veel gemeenten hen bovendien aan te verhuizen.

Haaks op principes

Er wordt door gemeenten bovendien nauwelijks geld gereserveerd voor woningaanpassingen. Gemeenten zien daarnaast geen actieve rol voor zichzelf weggelegd in de bemiddeling tussen senioren en levensloopbestendige woningen. Dat blijkt uit een inventarisatie onder dertig gemeenten van seniorenorganisatie ANBO en onderzoeksbureau Kien. Het onderzoek wordt dinsdag openbaar gemaakt. De onderzoekers concluderen dat bij de meeste gemeenten verhuizen naar een meer geschikte woning de voorkeur heeft boven het aanpassen van de huidige woning. De onderzoeksbevindingen staan haaks op de principes van langer zelfstandig thuiswonen en eigen regie houden, vindt de ANBO.

 

Ondersteunende rol

In de inventarisatie lag de nadruk op het gemeentelijk beleid op het gebied van het woningaanbod en woningaanpassingen voor senioren. ‘Directe aanleiding is de uitvoering van de Wmo 2015: daarbij krijgen gemeenten een nog directere rol in het al dan niet verstrekken van maatschappelijke ondersteuning om langer thuis te blijven wonen’, aldus ANBO-woordvoerder Joeri Veen. ‘Gemeenten kunnen op basis van de Wmo een ondersteunende rol spelen in het financieren van woningaanpassingen als het bevestigen van veiligheidsbeugels in de badkamer of het installeren van een traplift.’

 

Speciaal potje

In de praktijk lijken gemeenten niet erg happig om de portemonnee voor dergelijke voorzieningen te trekken, zo blijkt uit de inventarisatie die in januari is uitgevoerd. Bijna de helft van de onderzochte gemeenten (47%) hanteert strenge criteria om te bepalen of iemand recht heeft op een woningaanpassing. Alleen in uitzonderingsgevallen kan een burger een beroep doen op (financiële) hulp van de gemeente. Minder dan de helft van de deelnemende gemeenten (46%) heeft een speciaal potje voor woningaanpassingen, de helft heeft hiervoor geen budget apart gezet.

 

Verhuisadviseur

Eén op de vier (24%) gemeenten heeft in beeld welke woningaanpassingen senioren nodig hebben. In bijna de helft van de gemeenten wordt nog gewerkt aan een inventarisatie van woningbehoeften voor senioren. Wel overleggen gemeenten hierover met de woningcorporaties en zorgaanbieders. Veel gemeenten zien geen actieve bemiddelingsrol bij de begeleiding van senioren naar een passende woning voor zichzelf weggelegd; slechts 17% wel. Voor de inzet van een seniorenmakelaar gaan de handen nauwelijks op elkaar. Uitzonderingen zijn er wel. Utrecht heeft met de inzet van een verhuisadviseur voor 60-plussers goede ervaringen opgedaan. De Seniorenraad in Oss heeft het project ‘Blijvend thuis in eigen huis’ opgezet. Daar krijgen ouderen deskundig advies of hun woning geschikt is om er te blijven wonen als de zorgbehoefte gaat toenemen.


Eigen verantwoordelijkheid

De redenen waarom gemeenten niet snel de vraag van burgers honoreren is divers, zo blijkt uit het onderzoeksrapport. Gemeenten vinden het onder meer een taak van de burgers dan wel van de woningcorporaties. Daarbij beroepen gemeenten zich op de eigen kracht die van inwoners wordt verwacht. Andere gemeenten stellen dat burgers een eigen verantwoordelijkheid hebben om ‘tijdig te anticiperen op het ouder worden. Ook qua huisvesting’, stelt een van de respondenten. Deze gemeente (Stadskanaal) bemiddelt dan ook niet, maar zorg er wel voor dat duidelijk is waar burgers terecht kunnen bij vragen.

 

Voorkomen zorgkosten

‘Gemeenten laten hier een belangrijke taak liggen’ vindt ANBO-directeur Liane den Haan. ‘Zeker nu senioren langer thuis moeten blijven wonen, zullen dit soort aanpassingen vaker in bestaande bouw gedaan moeten worden. Gemeenten moeten hier écht anders mee omgaan. Investeren in een woningaanpassing kan op termijn dan grotere zorgkosten voorkomen.’  Verhuizen naar een geschikte seniorenwoning is bovendien lang niet altijd mogelijk. Volgens Den Haan er nog steeds een fiks tekort. ‘Al zouden senioren willen verhuizen, dan kunnen dat vaak niet eens.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door S.Taal (nmvt) op
De hr. Luimstra heeft volkomen gelijk. Functioneel bouwen had een intrinsiek onderdeel moeten zijn van het bouwen. Er lag immers al een demografische tijdbom te tikken.
Daarentegen heeft men fiscaal vooral de woonbegeerte gestimuleerd. CDA en VVD hielden elkaar in een houdgreep met kortzichtig beleid om de kiezer, en vooral zichzelf, te behagen.
Door Arnold Peters (programmaleider herstructurering sociaal domein) op
voorstel wordt volgende week in de Nieuwegeinse raad besproken.
Door Remko de Jong (projectleider LevensLoopBestendig wonen in Voerendaal) op
De gemeente Voerendaal (Zuid Limburg) kent sinds 1 maart 2014 een subsidieregeling waarbij 55+ woningeigenaren een bijdrage van maximaal € 9.000 ontvangen wanneer zij investeren in het levensloopbestendig maken van hun woning, d.w.z. een slaapkamer en badkamer op de begane grond en de gehele begane grond vanaf de openbare weg rolstoelvriendelijk. Deze regeling is ingesteld vanwege de reeds op dit forum genoemde redenen: ouderen willen liefst niet verhuizen en zouden dit ook niet moeten willen (vanwege bestaande sociale netwerken). Daarnaast is verhuizen uberhaupt moeilijk vanwege de zeer beperkte beschikbaarheid van geschikte (huur)woningen en de onmogelijkheid de eigen woning te verkopen.
Wij hebben ingestoken op structurele aanpassingen van de woning omdat hiermee onze woningvoorraad op termijn echt wordt aangepast (anders dan wanneer er een traplift of meurbeugel wordt geplaatst die door een volgende bewoner, of gemeente/ Wmo als eigenaar vd traplift, meteen weer verwijderd worden). Hiermee ontstaat er ook voor een volgende generatie ouderen meer geschikt woningaanbod.
De weg naar deze structurele aanpak van de woningvoorraad is echter lang en kent veel obstakels: mensen krijgen voor de rest vd investering (totaal gem zo'n € 30.000 per woning) geen financiering bij de bank, ondanks vaak een behoorlijk eigen vermogen in de vorm van een (bijna) afbetaalde koopwoning. Het blijkt verder een te grote stap voor de oudere ouderen om nog op late leeftijd een dergelijk traject in te gaan (architect, bouwvergunning, aannemers over de vloer voor offertes, wekenlange rotzooi in huis tijdens de bouw en het risico op een onduidelijk financieel eindplaatje). Ten slotte is het vaak onduidelijk welke financiele constructie t best kan worden gekozen om de verbouwing te financieren (spaargeld, tweede hypotheek, persoonlijk lening) zeker omdat de hoogte van het uiteindelijke pensioen (en de waardevastheid daarvan) nauwelijks vooraf in te schatten is.
We zijn dan ook verheugd dat de Provincie Limburg (i.s.m. de SVn, ook bekend van bijv, de Starterslening) op korte termijn een LLB-lening gaat aanbieden waarmee de overgebleven investering (naast de €9.000 subsidie) kan worden gefinancieerd.
Als gemeente proberen we tegelijk onze lokale ondernemers, zowel bouwgerelateerd als in de financiele dienstverlening, te stimuleren tot het opzetten van "totale ontzorgingspakketten" waarbij deze partijen gaan samenwerken en de burger middels 1 aanspreekpersoon een traject (incl advies) van A tot Z kunnen aanbieden.
Deze aanpak staat in Voerendaal los van de Wmo (er is natuurlijk wel overleg onderling) en is daarmee zowel preventief als curatief.
We merken in Voerendaal wel dat onze burgers langzaam bewust worden van de ontwikkelingen rondom het "langer thuis wonen" en het feit dat zij hiervoor zelf grotendeels aan de lat staan. De weg lang maar we gaan in ieder geval de juiste richting op.....
Door grootveld (Zelfstandig Architect en Wmo adviseur) op
Vanuit mijn eigen praktijk met woningaanpassingen voor senioren en mensen met een handicap (woningaanpassing.info) begeleid ik veel mensen in hun Wmo procedure met de gemeente. De geschetste problemen zijn herkenbaar en voor mij al jaren bekend. Veel energie gaat zitten in het verbinden van de totaal verschillende leefwerelden van een gehandicapte of senior enerzijds en een Wmo-organisatie anderzijds. Dit staat dus garant voor veel communicatiestoringen en onbegrip over en weer.
Wat niet leidt tot soepele procedures en efficiënte oplossingen, maar tot geld- en tijdverspilling bij gemeenten en frustraties bij aanvragers van aanpassingen.
De oplossing ligt volgens mij in goede mediation tussen beide werelden. Door iemand die door de aanvrager zelf kan worden betaald/aangewezen en die over voldoende deskundigheid beschikt. Zelf bereik ik altijd het meest wanneer ik het vertrouwen van beide partijen heb. Wat ook nog eens kosten en tijd bespaart.
Door Josephine Dries op
Gemeenten kunnen samen met ouderen, corporaties, zorg- en welzijnsorganisaties en vergeet vooral ondernemers niet! in gesprek gaan over dit onderwerp. Simpelweg op het doorstroombeleid blijven hangen werkt niet; ook ouderen blijven vaak graag in hun vertrouwde omgeving wonen. Ga het gesprek aan, geef goede voorlichting over ook de kleine woningaanpassingen die mensen als eerste stapje kunnen nemen. En prikkel ondernemers om deze groep klanten gezamenlijk te benaderen en met goede informatie te ondersteunen. Er zijn in het hele land al tal van gemeentes actief met b.v. de huistest.nl en met de senioren thuistest of Wonen met gemak. Daar wordt de verantwoordelijkheid gedeeld en het gesprek aangegaan over Hoe en waar mensen thuis ouder willen worden.
Door M. Magnin op
Verhuizen naar een andere woning kan om nog een andere reden minder gewenst zijn. Tegenwoordig moet er steeds meer hulp vanuit de omgeving verleend worden, participatiemaatschappij. Ouderen wonen vaak al lang of zelfs hun hele leven in dezelfde woning en kennen de hele buurt. Voor ouderen die woningaanpassingen nodig hebben is het vaak moeilijker om in een nieuwe omgeving weer voldoende kennissen op te doen omdat naar buiten gaan moeilijker is en deelname aan sportactiviteiten in de buurt ook niet gaat. Wie moet je in je omgeving vragen om boodschappen te doen als je niemand kent, wie wilt je helpen in het huishouden?
Door Jannie op
Ik zie mijn moeder (64) die in haar eentje een eengezinswoning 'bezet' houdt en bereid is te verhuizen naar een seniorenwoning, ware het niet dat ze dan zo'n 200 euro meer huur moet betalen voor minder huis en geen tuin. Die keuze is dan snel gemaakt. Nu gaat ze langzamerhand zelf allerlei voorzieningen in de woning aanbrengen om daar ook te kunnen blijven als ze bijv. slecht ter been wordt. Echter: het huis is feitelijk te klein om dergelijke voorzieningen op een goede manier in te bouwen (denk aan inloopdouche met een te smalle doorgang, een traplift die toch een kwart van de tredes in beslag neemt, te smalle doorgang bij deuren met vreemde hoeken en draaien, hoge drempels die niet zomaar te vervangen zijn). Eeuwig zonde dat in zulke gevallen niet wordt meegedacht. Juist ook omdat de seniorbewoner in dit geval veel eigen initiatief en bereidwilligheid toont en evt. benodigde investeringen (mits niet te hoog) zelf wil doen...
Door Broadcaster (gemeenteambtenaar) op
@ Simon: In mijn gemeente staan er diverse seniorenwoningen langdurig leeg. Sommige mensen willen per sé in hun eigen huis blijven wonen maar vinden dan wel dat de kosten voor de noodzakelijke aanpassingen aan die woning voor rekening van de samenleving moeten komen. Dat is ook krom.
Door Simon Henk Luimstra (beleidsadviseur) op
De overheid heeft boter op het hoofd. Als levensloopflexibele bouwen net zo belangrijk was gemaakt als de welstandseisen in de bouwbesluiten- en verordeningen was er niks aan de hand geweest. Dan was vanaf de jaren 60 er een prima bestand aan geschikte woningen ontstaan.

Het is voor een deel te wijten aan kortzichtige politieke besluiten. Om dan nu die consequenties bijna eenzijdig bij 'de burger' te leggen?

Komend najaar wordt ook het verdrag van de rechten van de mens met een beperking geratificeerd. ook die groep pleit al decennia voor normaal bouwen. Dat is niet discrimineren op fysieke mogelijkheden door trapjes, zitkuilen, 'speelse verhogingen' te verbieden.

Misschien dat dat beslissingen afdwingt die helpen mensen langer thuis te laten kunnen wonen vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid