of 59345 LinkedIn

Inspecties: niet steggelen over geld jeugdbescherming

De inspecties geven in een buitengewoon scherp rapport hun eigen ministers, Hugo de Jonge van Volksgezondheid en Sander Dekker van Rechtsbescherming onderuit de zak over de huidige situatie. De rol van gemeenten wordt evenmin gespaard. Kinderen krijgen niet of veel te laat de zorg die zij nodig hebben, waardoor zij gevaar lopen of verder ontsporen.

Gemeenten mogen na een maatregel van de kinderrechter niet vanwege het geld steggelen over verwijzingen naar gecertificeerde instellingen, maar hebben de plicht ervoor te zorgen dat die hulp beschikbaar is. Nu staan honderden kinderen op een wachtlijst en hun veiligheid is in gevaar. Dat schrijven de Inspecties voor de Gezondheidszorg en Jeugd en voor Justitie en Veiligheid.

De inspecties geven in een buitengewoon scherp rapport hun eigen ministers, Hugo de Jonge van Volksgezondheid en Sander Dekker van Rechtsbescherming onderuit de zak over de huidige situatie. De rol van gemeenten wordt evenmin gespaard. Kinderen krijgen niet of veel te laat de zorg die zij nodig hebben, waardoor zij gevaar lopen of verder ontsporen.

Het systeem moet opnieuw op de schop, aldus de inspecties. Ze pleiten voor ‘een geprioriteerde en breed gedragen aanpak van ministers, wethouders en bestuurders van instellingen. De regie moet komen bij ‘een partij die de belangen van de kinderen voorop stelt en de afzonderlijke belangen van de betrokken ketenpartners en opdrachtgevers hieraan ondergeschikt maakt.’

Toezicht
Het rapport presenteert de resultaten van het toezicht dat de inspecties in juni en juli 2019 uitoefenden bij zeven van de zestien gecertificeerde instellingen. Al deze instellingen leveren gemeenten zorg en ondersteuning na rechterlijke uitspraken.  Door het Rijk, gemeenten en instellingen ingezette maatregelen en actieprogramma’s schieten volgens de inspecties tekort. Juist de meest kwetsbare gezinnen komen op wachtlijsten bij  wijkteams, Veilig Thuis, de Raad voor de Kinderbescherming, instellingen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering en de gespecialiseerde hulp. ‘De hele jeugdzorgketen staat maximaal onder druk.’

‘Intensive care’  
Onaanvaardbaar noemen de inspecties het dat kinderen en hun ouders ‘op de intensive care van de samenleving’ vaak maanden op de juiste hulp wachten. De groep kinderen waarover een maatregel wordt uitgesproken door de kinderrechter is relatief klein,  ongeveer 1% van alle kinderen, maar hun problemen zijn zeer ernstig; het betreft mishandelde of verwaarloosd jeugdigen, kinderen waarvan de ouders hulp weigeren of tegenwerken, of waarbij andere vormen van hulp niet volstonden.

Urgentie
De inspecties wijzen erop dat er geen vertraging zouden mogen optreden als een kinderrechter eenmaal een maatregel heeft opgelegd. De noodzakelijke hulp moet dan onmiddellijk starten. ‘Er wordt geen recht gedaan aan de urgentie van een kinderbeschermingsmaatregel wanneer deze niet direct wordt uitgevoerd. Een ondertoezichtstelling (OTS) is een zware maatregel en wordt alleen uitgesproken wanneer een kinderrechter van oordeel is dat er ernstige zorgen zijn om de minderjarige(n).’

Wachtlijst
In de praktijk gebeurt het nauwelijks dat hulp meteen op gang komt. Volgens een ‘conservatieve schatting’ stonden volgens de rapporteurs afgelopen zomer naar schatting tussen de 500 en 600 kinderen op wachtlijsten, bij door de inspectie onderzochte zeven van de in totaal 16 gecertificeerde instellingen die Nederland telt. De omvang van de instroomlijsten verschilt per instelling. Harde cijfers over hoe lang kinderen op de wachtlijst staan zijn er niet, maar de inspecties kregen het vaakst te horen dat het ‘enkele maanden’ duurt. Normtijden voor het eerste contact (binnen vijf werkdagen) worden niet gehaald. Het percentage van de zaken waarin dit wel lukt varieert per instelling van 14% tot 62,5% bij jeugdbescherming en van 17,5% tot 52,5% voor jeugdreclassering.

Personeelstekorten
Personeelstekorten verergeren de situatie. Zijn kinderen aan de beurt, dan krijgen ze vaak niet de juiste hulp, doordat ze onder de zorg komen van professionals die niet voldoende zijn toegerust voor, bijvoorbeeld, ernstige gedragsgestoorde kinderen. Maatwerk wordt nauwelijks geleverd, en het kost veel tijd om de hulp te organiseren. Hulpverleners zijn hierdoor een groot deel van hun tijd bezig met het organiseren van hulp; tijd die zij niet kunnen besteden aan contact met het kind, diens ouders of het netwerk van het gezin.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.