Advertentie
sociaal / Nieuws

Gemeenten dreigen weer in valkuil jeugdzorg te stappen

Bijna alle plannen van de arbitragecommissie, die tot besparingen in de jeugdzorg moeten leiden, zijn slecht onderbouwd. Het is dan ook de vraag of die geplande, en deels ingeboekte besparingen, wel kunnen worden gerealiseerd. Dat stelt strategisch adviesbureau It’s Public na analyse.

29 oktober 2021
banaan-klein.jpg

Vrijwel alle plannen van de arbitragecommissie, die tot besparingen in de jeugdzorg moeten leiden, zijn slecht onderbouwd. Het is dan ook de vraag of die geplande, en deels ingeboekte besparingen, wel kunnen worden gerealiseerd.

Onafhankelijke toets

Dat stelt strategisch adviesbureau It’s Public na analyse van de besparingsplannen die eind mei door de arbitragecommissie werden gepresenteerd. ‘Het is gezien de grote tekorten en het gedeelde besef dat het jeugdstelsel niet toekomstbestendig is, meer dan ooit belangrijk dat er haalbare plannen komen. Daarnaast pleiten wij voor een onafhankelijke toets op die plannen’, stelt Hugo den Breejen, adviseur en oprichter van It’s Public. Het Centraal Planbureau (CPB) zou zo’n toets kunnen uitvoeren.

 

Harde les

Zonder haalbare plannen en zonder toets daarop dreigen gemeenten in dezelfde valkuil te stappen als in 2015, vreest Den Breejen. Gemeenten werden toen verantwoordelijk voor de jeugdzorg, maar werden wel meteen fors gekort op het budget dat daar voorheen beschikbaar voor was. Al snel liepen de tekorten op. ‘Invoeren van maatregelen kost tijd en levert niet meteen een besparing op’, waarschuwt Den Breejen. Dat is de harde les die gemeenten en rijk na de decentralisatie van de jeugdzorg toch geleerd moeten hebben, wil hij daarmee zeggen.

 

Financieel houdbaar stelsel

Het oordeel van de arbitragecommissie in het langlopende conflict tussen gemeenten en rijk over de tekorten in de jeugdzorg, omvatte twee hoofdboodschappen. Het rijk moet de komende jaren fors extra geld voor de jeugdzorg aan gemeenten geven, te beginnen met 1,6 miljard euro voor 2022. Ook moeten beide partijen werken aan maatregelen om te komen tot een financieel houdbaar jeugdstelsel. Aan deze zogeheten hervormingsagenda wordt momenteel gewerkt. De commissie gaf meteen een flink aantal aanzetten, mede gebaseerd op een eerder dit jaar verschenen advies van de stuurgroep maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet (‘commissie Sint’). Beide adviezen worden onder meer gebruikt als ‘onderlegger’ voor de hervormingsagenda.

 

Besparing van 17 procent

Over een deel van die voorstellen van de arbitragecommissie zijn gemeenten en rijk het eens, over andere maatregelen niet. Van negen van de veertien voorstellen waar beide partijen heil in zien, zijn de besparingen door de arbitragecommissie vastgesteld. Die komen voor komend jaar uit op 214 miljoen euro. Voor de andere voorstellen zijn de besparingen vooralsnog als pm-post ingeboekt. Deze plannen tellen uiteindelijk op tot een besparing van één miljard euro in 2028. ‘Dit is een besparing van zo’n zeventien procent op de jeugdzorg’, aldus Van Breejen.

 

Inschatting

De plannen van de arbitragecommissie zijn echter niet goed onderbouwd, concludeert It’s Public na analyse. De effecten per maatregel zijn niet gefundeerd. ‘Het is nu hoogstens een inschatting’, aldus Van Breejen. Ook de commissie Sint stelde in haar rapport dat de door haar voorstelde maatregelen nog onvoldoende financieel zijn onderbouwd. ‘De besparingen die bij maatregelen zijn opgenomen zijn eerste inschattingen en moeten geverifieerd worden voordat een maatregel doorgevoerd wordt’, aldus het rapport. En: ‘De financiële en kwalitatieve effecten moeten uitgebreider worden onderzocht voor de maatregelen ingevoerd worden.’

 

Te snel

Ook de snelheid waarop de maatregelen kunnen worden ingevoerd, worden veel te optimistisch ingeschat, waarschuwt It’s Public. ‘Toch worden deze plannen al gebruikt als onderbouwing om gemeenten in 2022 met 214 miljoen euro te korten’, aldus Den Breejen. De afspraak is dat besparingen worden afgetrokken van het extra rijksbudget dat gemeenten de komende jaren voor de jeugdzorg krijgen. Ook dat heeft de arbitragecommissie in haar oordeel over het conflict gesteld.

 

Onvoldoende inzicht

Neem de afbakening van de reikwijdte van de jeugdzorg: die moet komend jaar al meteen een besparing van 33 miljoen euro opleveren, oplopend tot 200 miljoen vanaf 2025. Voor lichte hulpvragen kunnen gemeenten ouders en jongeren de deur wijzen. Normaliseren en demedicaliseren is hierbij het leidende principe. Er is echter ‘onvoldoende inzicht in wat lichte jeugdhulp inhoudt, wat daarvan kan worden uitgesloten en wat dat zou opleveren’, stelt It’s Public in haar analyse.

 

Aanname

Veel wordt verwacht van standaardisatie in de uitvoering, waarbij onder meer wordt gedacht aan eenheid in contracten en verantwoording. Dat moet komend jaar al 48 miljoen euro opleveren, oplopend tot 224 miljoen euro vanaf 2026. Aan de maatregel zitten nogal wat haken en ogen en de besparing van 25 procent is slechts een aanname. Ook staat de maatregel haaks op de gemeentelijke beleidsvrijheid, stelt It’s Public.

 

Snelle besparing onrealistisch

Of neem de zogeheten ‘versterking bestaanszekerheid’. De maatregel komt er kort gezegd op neer dat jeugdproblematiek veelal niet losstaat van problemen in het gezin; zoals werkloosheid, schulden en woonproblemen. Als die onderliggende factoren worden aangepakt, hoeft er minder jeugdzorg te worden geboden. Daarnaast moeten jeugdhulpaanbieders en verwijzers alleen nog voor jeugdhulpinterventies kiezen als ze dat goed kunnen onderbouwen. De combinatie hiervan wordt ook wel de ‘doorbraakmethode’ genoemd. De maatregel moet vanaf 2022 jaarlijks een besparing opleveren van 101 miljoen. Het is ‘zeer onrealistisch dat het effect al vanaf 2022 volledig wordt ingeboekt, terwijl voor ontwikkeling en implementatie meerdere jaren nodig zijn’, concludeert It’s Public. Daarbij is het de vraag of er wel voldoende capaciteit is, bij bijvoorbeeld de benodigde procesbegeleiders.

 

Te rooskleurig

Tegen de invoering van praktijkonderzoekers jeugd bijhuisartsen (poh’s) wordt ook te rooskleurig aangekeken. De besparing wordt weliswaar goed gekwantificeerd, maar in de systematiek van het gemeentefonds wordt er ook een deel van de besparing toegekend aan gemeenten die al een poh hebben. Daar is geen besparing te verwachten, omdat de poh er al is. De arbitragecommissie gaat uit van een opbrengst van 38 miljoen euro in 2022 oplopend tot 88 miljoen euro vanaf 2026. Bureau AEF, dat eind vorig jaar het tekort op de jeugdzorg in kaart bracht en ook met besparingsopties kwam, berekende dat landelijke invoering van poh’s tussen de 62 en 88 miljoen euro kon opleveren. De arbitragecommissie gaat uit van het maximale bedrag, waarschuwt It’s Public.

 

Goede onderbouwing nodig

In haar analyse heeft It’s Public alle maatregelen onder de loep genomen waaraan een concreet besparingsbedrag is gehangen en van forse kanttekeningen voorzien. ‘We zeggen niet dat er geen besparingen mogelijk zijn, maar missen nu de onderbouwing van de ingeboekte besparingen. Daar moet veel beter naar worden gekeken’, aldus Den Breejen. Net zoals zo’n beetje alle spelers in het jeugdveld vindt ook hij dat hervormingen nodig zijn. ‘Maar daarvoor moeten wel goede plannen worden gemaakt. Met deze analyse vragen we vooral aandacht voor een goede onderbouwing en de haalbaarheid van de plannen. Daar is iedereen mee gebaat. Niemand moet nu denken dat er zonder goede onderbouwing een taakstelling kan worden opgelegd en dat het dan wel goed komt.’

Reacties: 10

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Ries Oonk
Jeugdzorg gaat steeds meer richting landelijke standaardisatie. Zo verwordt de gemeente weer tot uitvoeringsorgaan, en floreren de grotere zorgaanbieders. Dit betekent eigenlijk terug naar af.



Het probleem met jeugdzorg is dat het zo zacht als boter is - er is nauwelijks onderbouwing voor wat effectief is. Het is aan de gemeente om in gelijkwaardig gesprek met aanbieders en gezinnen, en door realtime data-analyse op de keten aan te tonen wat wel en niet effectief is. Toegangen moeten op basis van kwaliteit voor elk gezin het beste zorgpad voorspellen. Een aantal gemeenten heeft inmiddels laten zien dat dit echt leidt tot kwaliteitsstijging, met als gevolg kostenreductie. Dat kan alleen lokaal / regionaal, en niet met standaardisatie worden afgedwongen. Zie recent Verwey Jonkers rapport.
sivert dieters / belangstellende
hoe durft u jeugdzorg te relateren aan het begrip valkuil; he gaat om noodzakelijke zorg nota bene ;valkuil is aso-term dus
H. Wiersma / gepens.
Efficiënt organiseren en specialistische jeugdhulp prioriteit geven. Maandelijkse rapportage van kosten en lopende opdrachten derden. Verder drempels, drempels en drempels creëren!
hoektstra / nvt
Leer er maar leven. Na 100 mislukte pogingen om de jeugdzorg minder hard dan boter te maken, om de woorden van @Oonk te gebruiken, kan je twee conclusies trekken. Of je gaat door omdat je vindt dat het zou moeten kunnen; wat moet koekjes en tandpast lukt, moet ook met jeugdzorg kunnen. Of je legt je er bij neer dat jeugdzorg net als veel vormen van geestelijke gezondheidszorg een doorlopende zoektocht is naar wat werkt en wat niet. Vallen en opstaan. Voorworstelen dus (dat is wat anders dan doormodderen). Ik denk dat het een illusie is om te denken dat jeugdzorg en andere vormen van geestellijke gezondheidszorg te vangen zijn in beheerstmodellen die ook op deze plek regelmatig voorbij razen. Ook nu weer, de reflex van conrollers: rapportages, prikkels, meetbaar maken. Dat zijn de bekende instrumtenten, maar het lijkt een beetje op de timmerman met de hamer die denkt dat elk probleem een spijker is.
Ab / beleidsmedewerker
Laten we ons alsjeblieft aansluiten bij Duitsland. Het geheikneuter van mensen in dit land met een nauwelijks meetbaar IQ moet maar eens afgelopen zijn. Weg met met management, aanbestedingen en kul de jeugdzorg moet zich van onderaf gaan organiseren met gemotiveerd personeel. Ook de samenleving moet mensen die in de jeugdzorg willen werken een handreiking doen. Nu zijn de vogelvrij. Hun baan is vaak afhankelijk van een aanbesteding. Moeten we vanaf. Op naar meer publieke moraal.
Els Dohmen
Na jaren op verschillende typen scholen als leerkracht gewerkt te hebben heb ik een advies:

Blijf kinderen en gezinnen periodiek volgen en niet alleen de perioden van de eerste leven jaren van de kinderen via consultaties bureaus en schoolartsen

Grijp in als het fout zit en niet met pappen en nat houden. Dan hoop ik dat er minder beschadigde kinderen aan het onderwijs kunnen beginnen en volgen de verdere jaren leerzame jaren zijn.

Het woord besparingen heeft niet met moraliteit te maken. "Dan heb je maar pech gehad in welk gezin je geboren wordt". Het gaat om kinderen, jeugdigen een leerzame en positieve toekomst te geven ongeacht hun talenten!! Dit komt ten goede aan ons allemaal. voorkomen is beter als genezen.
Guus / Beleidsadviseur sociaal domein
@Ries Oonk



Een citaat uit de begeleidende tekst op het verwey jonker instituut over het onderzoek waar je naar verwijst:



'De gemeenten zijn geselecteerd op basis van aanwijzingen dat zij wel in staat lijken te zijn om hun lokale jeugdstelsel op budgettair beheersbare wijze te transformeren volgens de bedoeling van de Jeugdwet.'



En dit is wat ze altijd doen bij dit soort onderzoeken. Als je selecteert bovengenoemde wijze is je onderzoek NIETS waard. Als uit 352 gemeenten 5 gemeenten pakt waar jouw idee goed uitpakt, dan heb je, je onderzoek zo extreem gemanipuleert dat alles wat je daarna doet volstrekt nutteloos is. Ik ben zelfs gechoqueerd dat ze dit op durven schrijven.







Jaap Haasnoot
Allereerst moet de hamvraag worden gesteld: Gaan we uitbesteden (aan de commercie) of nemen we als overheid de uitvoering zelf ter hand. Ik pleit voor het laatste. De GGD of de Reclassering hebben we ook niet aan de commercie uitbesteed. Dat bespaart enorm en geeft veel betere stuurmogelijkheden. Regionale instellingen enigszins op afstand van de politiek geplaatst is het beste model. Follow the Money heeft aangetoond dat er veel beunhazen zijn in de markt en dat er teveel aan de strijkstok blijft hangen. Er is geen enkele reden om er aan te twijfelen dat de overheid hier geen kwalitatief goede dienstverlening zou kunnen leveren. Dat is een kwestie van organisatie. En als de Belastingdienst of de IND een puinbak zijn dan is dat geen natuurwet maar een gevolg van slecht management en bestuur. Dus zorg dat die succesvoorwaarde is ingevuld.

Jaap Haasnoot

H. Wiersma / gepens.
@Jaap Haasnoot. Je reactie gaat over een reeds gepasseerd station (privaat/publiek). De wetgever heeft bij de Jeugdzorg gekozen voor een combinatie publiek/privaat. Op dit moment zitten we nog steeds in een overgangsfase met allerlei aanloopproblemen en waarbij met name ook speelt dat het Rijk bepaald niet alles optima forma heeft overgedragen richting gemeenten (uniforme registratie, accommodaties specialistische jeugdhulp e.d.) Kortom er een nog wel een paar jaar te gaan voordat alles beter is geregeld. Belangrijk is ook dat de publieke instellingen de private bedrijven controleren. Nu alles weer overhevelen naar het Rijk zal de chaos nog veel groter maken. Een uitzondering zou (wellicht) kunnen/moeten gelden voor de specialistische jeugdhulp omdat dit af en toe het beste op regionaal, provinciaal of landelijk niveau kan worden georganiseerd.
m
N.m.m. gaat een groot deel van het budget op aan een enorme bureaucratie die om het nieuwe stelsel is gecreëerd. Inkoopbureaus zonder verstand van zaken, factuursystemen die niet werken, inschrijfprocedures en weet ik al niet meer.

Dan is het meest funeste wat gedaan kan worden de medische verwijsroute afschaffen. Nee consulenten van de gemeente (vaak niet of nauwelijks opgeleid) weten wat goed is voor de cliënt. Niet dus.

Dan is er een wildgroei aan aanbieders, waarvan een groot deel onder complementaire zorg valt en dus nooit gecontracteerd zou mogen worden.

Vaak worden kinderen gelijk doorverwezen naar de 2e lijn dus duur, terwijl er 1e lijns hulpverleners bestaan die veel cliënten zouden kunnen helpen.

Dan zie je ook dat op provinciale grenzen (regio Amsterdam/Utrecht/Haarlem) hulpverleningscentra zijn gecontracteerd op "grote" afstand terwijl net over de provinciale grens er een veel dichterbij is, maar die mag dan weer niet gecontracteerd worden.

Hier liggen vele kansen om te besparen, maar dat vereist inzicht in de dagelijkse gang van zaken van beleidsambtenaren op het ministerie en of die er is twijfel ik aan.
Advertentie