of 59345 LinkedIn

Zelfbouwers na de crisis uit de gratie

In 2010 riep het rijk het Expertteam Eigenbouw in het leven, een clubje professionals uit het veld dat gemeenten bijstond die zelfbouw een zwiep wilden geven. Vorig jaar is dat expertteam Eigenbouw echter opgeslokt door het bredere, nieuw opgerichte Expertteam Woningbouw.

Inwoners kregen in crisistijd ruimte om via collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) hun eigen huis te bouwen. Nu de crisis voorbij is en projectontwikkelaars weer willen bouwen, worden die door gemeenten met open armen ontvangen. Particulieren hebben het nakijken. Zelfbouw verdwijnt naar de achtergrond.

Monopoliepositie
Welbeschouwd is zelfbouw niks nieuws. Na de Tweede Wereldoorlog is dat dramatisch veranderd en werden grondposities ingenomen door ontwikkelaars, die een soort monopoliepositie op de ontwikkeling van de grond kregen. Toenmalig minister Remkes wilde die onevenwichtigheid doorbreken met zijn nota Mensen, Wensen, Wonen (2001). Daarin werd gestreefd ‘naar een situatie streven waarin vanaf 2005 bij ongeveer een derde van de nieuw te bouwen woningen sprake is van particulier opdrachtgeverschap.’

Wat daarvan is terechtgekomen, wordt uit navraag bij Binnenlandse Zaken niet duidelijk. ‘Tussen de 20 en 30 procent’, mailt de woordvoerder aanvankelijk, maar op vervolgvragen over de oorsprong hiervan reageert het ministerie niet meer. De rapportage Eigenbouw en transformatie (juli 2018) schat het aandeel op ‘tussen de 10 en 14 procent’, de uitgave Maak eigenbouw betaalbaar voor middeninkomens (september 2018) houdt het op ‘circa 11 procent’.

Afnemend aandeel
Volgens planoloog Jacqueline Tellinga, lid van het Expertteam Woningbouw, neemt het aandeel zelfbouw af. ‘Of ik dat kan aantonen? Niet statistisch, want niemand houdt het bij’, zegt ze. ‘Zolang we het niet bijhouden, weten we het niet.’ Wel constateert ze dat in de kavelwinkels die een aantal steden hadden ingericht voor zelfbouwers, minder te doen is. ‘In Den Haag kon je intekenen op kavels die vrijkwamen. Dat zijn er minder geworden.’

In 2010 riep het rijk het Expertteam Eigenbouw in het leven, een clubje professionals uit het veld dat gemeenten bijstond die zelfbouw een zwiep wilden geven. Vorig jaar is dat expertteam Eigenbouw echter opgeslokt door het bredere, nieuw opgerichte Expertteam Woningbouw. ‘De focus is verschoven naar gebiedsontwikkeling, naar het vlottrekken van woningbouwtrajecten. Daar krijgen we de meeste vragen over. Je ziet dat zelfbouw naar de achtergrond verdwijnt’, verklaart Veronique Aggenbach, die als adviseur team stedelijke ontwikkeling en leefbaarheid bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland bij het expertteam betrokken is.

‘Kijk, in de crisis zag je veel gemeenten ruimte maken voor zelfbouw, omdat verder helemaal niemand die grond wilde afnemen. Dan de particulier maar’, zo omschrijft Hans Vos, lid van het Expertteam Woningbouw het sentiment bij gemeenten. Inmiddels doen veel gemeenten weer een polonaise met projectontwikkelaars. ‘We lopen allemaal achter elkaar aan en roepen dat er heel snel gebouwd moet worden’, constateert planoloog Tellinga, die ook lid is van het Expertteam Woningbouw. ‘We zijn gewend geraakt aan seriematige woningbouw en aan overeenkomsten met ontwikkelende partijen waarin alles in één keer is geregeld. Eén op één met burgers plannen maken; die oefening hebben we in Nederland gewoon niet gehad.’

Koudwatervrees
Veel gemeenten vertonen koudwatervrees, vooroordelen of botweg politieke onwil, zo wordt duidelijk uit een gesprek met Jan Walrecht van het Eindhovens bouwbegeleidingsbureau BIEB, en al sinds 1989 betrokken bij zelfbouw. Eén van de vooroordelen die Walrecht aantreft bij gemeenten is dat zelfbouw om meer expertise vraagt bij de gemeente. Maar dat is volgens de bouwadviseur absoluut niet waar. ‘Het is makkelijker om met een groep burgers te werken dan met projectontwikkelaars. Een projectontwikkelaar zal in het begin over de grondprijs onderhandelen en daarna nog eens en nog eens, terwijl burgers die prijs gewoon betalen.’

Waar komen dan de vooroordelen vandaan? Walrecht: ‘Ambtenaren op ruimtelijke ordening schuren dicht aan tegen de commerciële partijen, want dat is mainstream in ons land. In Nederland worden top-down woningen ontwikkeld die helemaal klaar zijn. Je kunt misschien nog de kleur van een tegeltje kiezen en dan kun je ze kopen. Hoe duurzaam de woning is, hoe die wordt gebouwd, welke architectuur; daar heeft de consument niks over te zeggen.’ Na al die jaren in het vak snapt Walrecht eigenlijk nog steeds niet waarom de top-downbenadering in bouwen zo sterk overheerst, maar hij is er eerder verbaasd dan verontwaardigd over. ‘Je moet’, zo zegt hij begeesterd, ‘de burger ruimte geven. Op alle fronten wil die burger zijn stempel drukken op zijn eigen leven, maar de woningbouw, daar komt-ie niet tussen.’

Lippendienst
Bij Binnenlandse Zaken lijkt zelfbouw uit beeld verdwenen. In haar kamerbrief van 4 maart jl. schrijft minister Ollongren dat de mogelijkheden, behoeften en doelgroepen van CPO per gemeente verschillen en dat gemeenten dus zelf moeten bepalen of ze er werk van maken en voor wie. Veel gemeenten bewijzen wel lippendienst aan zelfbouw, hebben vaak ook wel een paar zelfbouwprojecten, maar daarmee heeft zelfbouw nog lang geen wortel geschoten in de gemeentelijke planvorming. Daar dreigt zelfbouw een marginaal verschijnsel te blijven. Tellinga: ‘De ontwikkelaars zijn er weer, dit (zelfbouw, HP) is nooit onderdeel geweest van de ontwikkelingsstrategie. De nieuwe taal die nodig is, wordt nog niet gesproken. Het is makkelijker om terug te grijpen op het spel dat men al speelde, dan een nieuw element op het bord te leggen.’

Lees het volledige artikel in Binnenlands Bestuur nr. 13 van deze week (inlog)

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door WJB (adviseur) op
Geen conservatievere sector, dan die van de woningbouw....
Door doeterniettoe (-) op
Het positieve is dat er voor gemeentes meer zekerheid is in wat waar gebouwd gaat worden.
Het negatieve is dat eigenbouw hierdoor vele malen minder aantrekkelijk of soms zelfs onmogelijk wordt, want het is te duur of de grond is sowieso al vergeven aan de projectontwikkelaar.

Dat het eigenlijk 'weer als vroeger' is, zegt misschien wel meer dan genoeg.