of 59236 LinkedIn

Ruim kwart Wmo’ers ‘doet niet mee’

Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) is er nog veel te verbeteren aan de uitvoering van de Wmo 2015; onderzoeken naar en gesprekken over ondersteuning van cliënten voldoen regelmatig niet aan wettelijke eisen en ruim een kwart van de Wmo-cliënten participeert op geen enkele wijze aan de samenleving. ‘Het ideaal ‘Iedereen doet mee’ lijkt nog ver weg’, staat in evaluatie.

Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) is er nog veel te verbeteren aan de uitvoering van de Wmo 2015; onderzoeken naar en gesprekken over ondersteuning van cliënten voldoen regelmatig niet aan wettelijke eisen en ruim een kwart van de Wmo-cliënten participeert op geen enkele wijze aan de samenleving. ‘Het ideaal ‘Iedereen doet mee’ lijkt nog ver weg’, staat in evaluatie.

Wettelijke eisen onvervuld

Het SCP analyseerde data van burgers die zich aanmeldden voor ondersteuning, mantelzorgers en gemeentelijke gespreksvoerders. Daaruit bleek onder meer dat er nog vaak ontevredenheid is bij cliënten over het onderzoek dat wordt gedaan naar hun ondersteuningsbehoefte en de gesprekken die daaruit voortvloeien. Een derde van de melders geeft aan dat zij naar aanleiding van het onderzoek geen verslag ontvingen. De gespreksvoerders zeggen dat de wettelijk verplichte onderdelen bij een gesprek met de melder vaak tot altijd aan bod komen, terwijl melders juist aangeven dat dit in twintig tot vijftig procent van de gevallen niet zo is. De mogelijkheden van het opstellen van een persoonlijk plan of onafhankelijke cliëntondersteuning zijn bij een zeer ruime meerderheid van de melders onbekend. Naar aanleiding van het niet vervullen van de wettelijke eisen, vragen de auteurs zich af ‘in hoeverre onderzoeken naar de ondersteuningsbehoefte een solide basis geven voor het toekennen van maatschappelijke ondersteuning.’

 

Tekort aan kennis

Zowel gespreksvoerders als melders vinden regelmatig dat het bij de gespreksvoerders schort aan kennis van de problematiek van cliënten, vooral in gevallen van psychische stoornissen, dementie en meervoudige problematiek. Die bevinding werd al twee keer eerder gedaan in evaluaties van de Wmo. Het rapport waarschuwt ook voor overbelasting van mantelzorgers. Die geven te kennen dat er in de gesprekken tussen cliënten en gespreksvoerders regelmatig geen aandacht aan de mantelzorgsituatie wordt besteed. Dat wordt ook bevestigd door het beeld dat gespreksvoerders geven.

 

Maatwerk of eigen-kracht-oplossing

De uitkomst van de onderzoeken en gesprekken kan tot grote tevredenheidsverschillen leiden. De twintig procent van de melders die geen maatwerkvoorziening kreeg maar een ‘eigen-kracht-oplossing’, is aanzienlijk minder te spreken over zowel het proces als de oplossing. Melders zonder maatwerkoplossing geven soms ook aan dat ze vaker thuis blijven dan gewenst en minder sociale contacten hebben dan ze zouden willen. Het feit dat tachtig procent van de melders een maatwerkvoorziening krijgt, is volgens het SCP lastig te verenigen met het impliciete doel van de Wmo 2015 om juist vaker eigen-kracht-oplossingen te realiseren.

 

Kwart ‘doet niet mee’ in participatiesamenleving

Een kwart van de Wmo’ers geeft aan dat zij niet deelneemt aan een opleiding, (vrijwilligers)werk, informele hulp, onbetaalde politieke of bestuurlijke functies en vrijetijdsactiviteiten.  Van deze groep vindt twee derde dat ze niet meetelt in de maatschappij. Twintig procent van de melders ervaart ernstige eenzaamheid.

 

Aanbevelingen

Het SCP beveelt onder meer aan dat de informatievoorziening wordt verbeterd. Onafhankelijke cliëntondersteuners zouden hun functie meer onder de aandacht kunnen brengen en gespreksvoerders zouden melders en mantelzorgers bij het eerste gesprek beter moeten informeren over alle mogelijkheden van onafhankelijke cliëntondersteuning en de mogelijkheid van een persoonlijk plan. Daarnaast wordt voorgesteld dat gespreksvoerders meer kennis opdoen over de complexere doelgroepen, en vaker op basis van die kennis worden geworven. Zij zouden ook signalen van eenzaamheid beter moeten herkennen en ervoor zorgen dat bij het toepassen van eigen-kracht-oplossingen genoeg ‘handvatten’ worden aangereikt om de eigen kracht van de cliënt ‘aan te boren’. Mantelzorgers zouden meer aandacht moeten krijgen in het onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte en de uiteindelijke oplossing.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.