of 59183 LinkedIn

Gemeenten helpen vluchtelingen actiever naar werk

Ruim een derde van de vluchtelingen wordt helemaal niet bemiddeld richting werk en beleidsmaatregelen van gemeenten zijn vaak tijdelijk. Wel begonnen gemeenten dit jaar sneller met het bemiddelen van vluchtelingen naar werk dan in 2016 en kennen zij de achtergronden van vluchtelingen beter. Dat blijkt uit een monitor van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) onder 256 gemeenten.

Gemeenten begonnen dit jaar sneller met het bemiddelen van vluchtelingen naar werk dan in 2016 en kennen achtergronden van vluchtelingen beter. Toch wordt ruim een derde van de vluchtelingen helemaal niet bemiddeld en zijn maatregelen vaak tijdelijk. Dat blijkt uit een monitor van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) onder 256 gemeenten.

Resultaten beleid arbeidstoeleiding

Het afgelopen jaar zijn 8 procent van de vluchtelingen begeleid naar werk en 12 procent (vooral jonge) vluchtelingen naar onderwijs of via onderwijs naar werk. Een kwart deed vrijwilligerswerk dat helpt bij bemiddeling naar werk en een kwart deed vrijwilligerswerk om actief deel te nemen aan de maatschappij. Gemeenten monitoren de resultaten van hun aanpak nog weinig en hebben geen exacte cijfers: vaak zijn projecten nog in ontwikkeling of niet geëvalueerd. Het KIS beveelt aan die resultaten wel te monitoren.

 

Actief beleid
In 2017 voeren ruim 8 op de 10 gemeenten actief beleid om vluchtelingen richting werk, opleiding of andere participatievormen te helpen. Die gemeenten erkennen dat vluchtelingen zonder deze extra ondersteuning niet verder komen. Ruim 6 op de 10 gemeenten begint met het arbeidsfit maken van vluchtelingen, zodra die in de gemeente komen wonen. Zij gaan daarmee voortvarend aan de slag, concludeert KIS. Vorig jaar wachtten de meeste gemeenten totdat de verplichte inburgering was afgerond. Zo ging al snel drie tot vijf jaar verloren. Destijds wilden gemeenten al beginnen als de vluchteling in de opvanglocatie zat en dus nog niet in de gemeente woonde. Dat blijkt in de praktijk vaak niet haalbaar. Gemeenten geven liever prioriteit aan diegenen die al in de gemeente wonen en waarmee zij actief aan de slag kunnen.


Tijdelijke maatregelen

Toch zijn de maatregelen in 45 procent van de gemeenten vaak tijdelijk, met een tijdelijk budget en afhankelijk van één persoon. Gemeenten constateren zelf dat 37 procent van de vluchtelingen nog helemaal niet gestart is met enige vorm van bemiddeling. Dat kan liggen aan vluchtelingen zelf: ze zijn nog niet zover, spreken slecht Nederlands of hebben gezondheidsproblemen. Gemeenten kunnen ook zelf nog bezig zijn met beleidontwikkeling of nog niet aan deze groep zijn toegekomen. Volgens het KIS zouden gemeenten beleidsmaatregelen op lange termijn moeten borgen en meer aandacht moeten besteden aan de groep kwetsbare vluchtelingen.


Meer kennis en samenwerking

Belangrijk verschil met 2016 is dat gemeenten de achtergronden van vluchtelingen beter kennen. Vorig jaar wist 16 procent voldoende over de vluchteling, nu voert 84 procent van de gemeenten intakegesprekken met statushouders en gebruikt 40 procent een screeningsinstrument voor informatieverzameling. Gemeenten weten wijkteams, onderwijsinstellingen, woningbouwcorporaties en Vluchtelingenwerk beter te vinden en er is meer contact en samenwerking met werkgevers. Bijna alle gemeenten vinden instrumenten uit de Participatiewet in aangepaste vorm geschikt voor vluchtelingen, zoals vrijwilligerswerk en werkervaringsplaatsen. Driekwart van de gemeenten geeft werkgevers de mogelijkheid statushouders aan te nemen via proefplaatsingen. 69 procent van de gemeenten biedt taalcursussen aan, aanvullend op het inburgeringstraject.


Meer regie over inburgering

90 procent van de gemeenten wil de regie over die inburgering, beter inzicht in en invloed op het traject, vluchtelingen beter begeleiden en inburgering via duale trajecten combineren met werk, vrijwilligerswerk of onderwijs. De instroom van vluchtelingen in dat onderwijs blijkt lager dan de een derde die gemeenten vorig jaar hadden ingeschat. Vluchtelingen kunnen in een kwart van de gemeenten tijdens hun inburgering een mbo-opleiding volgen. Bijna alle gemeenten bieden kortdurende cursussen, zoals sollicitatietrainingen, aan. Het KIS beveelt gemeenten aan te investeren in de mogelijkheden voor vluchtelingen om onderwijs te volgen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Monique op
Wat raar, gemeenten leren nu pas de achtergrond van vluchtelingen kennen terwijl onze regering bij het openzetten van de grenzen toch wist te vertellen dat de meeste vluchtelingen hoog opgeleid zijn en zo aan het werk konden..........