of 59045 LinkedIn

Effectmeting sociaal domein in kinderschoenen

Gemeenten willen grip krijgen op effect van hun sociaal beleid. Het blijkt een worsteling te zijn. Op veel plekken is de zoektocht naar goede meetinstrumenten volop bezig.

Gemeenten willen grip krijgen op effect van hun sociaal beleid, waar zo’n groot deel van de gemeentelijke begroting naartoe gaat. Het blijkt een worsteling te zijn; ook omdat de effectiviteit van beleid in het sociaal domein lastig is vast te stellen. Op veel plekken in het land is de zoektocht naar goede meetinstrumenten volop bezig.

Geen indicatoren

De colleges van Amersfoort en Haarlemmermeer kregen de afgelopen maanden een fikse tik op de vinger van hun respectievelijke rekenkamers. Belangrijkste rode draad in de bevindingen is dat er onvoldoende informatie beschikbaar is over de resultaten van het in gang gezette sociaal beleid. Er ontbreken indicatoren op basis waarvan het effect kan worden gemeten, waardoor sturing niet mogelijk is en raadsleden hun kaderstellende en controlerende taak niet naar behoren kunnen uitvoeren. Beide rekenkamers hameren op de ontwikkeling van meetbare doelstellingen die richting geven aan de uitvoering van het sociaal beleid en waaraan prestaties kunnen worden gemeten.


Maatschappelijk resultaat

Beide gemeenten staan niet alleen in hun zoektocht naar een goede manier om de voortgang van de decentralisaties zorg, jeugd en werk te monitoren. Een groot deel van de ambtenaren stelt dat er maar matig zicht is op de realisatie van de gemeentelijke ambities, zo blijkt uit onderzoek van Binnenlands Bestuur en I&O Research onder ambtenaren die in het sociaal domein werkzaam zijn. De Transitiecommissie Sociaal Domein (TSD) hamerde in haar laatste voortgangsrapportage op het belang van het meten en benadrukte dat er vooral naar het resultaat moet worden gekeken. Daarbij moet de nadruk liggen op ‘inhoudelijke kwaliteitscriteria, klanttevredenheid en op maatschappelijk resultaat’.


Eerste stappen

Her en der in het land worden de eerste stappen gezet om de maatschappelijk effecten te kunnen meten, weet Charlotte Hanzon, adviseur participatie en activering van Movisie. De afgelopen periode heeft Movisie tien gemeenten op verschillende thema’s begeleid bij het formuleren van daarbij passende outcome-criteria. Deze maand start Hillegom met een traject rondom mantelzorg. ‘We gaan in een aantal sessies als gemeente in gesprek met mantelzorgers en zorgaanbieders. We willen van hen horen waaraan behoefte is en van de aanbieders hoe ze daaraan tegemoet kunnen komen’, vertelt de Hillegomse wethouder Annechien Snuif (Wmo, D66). Daarna moet een en ander in meetbaar beleid worden vertaald. Een zoektocht, erkent Snuif. ‘Kijken naar outcome is nieuw voor ons.’ Het mantelzorgtraject is een van de manieren voor de gemeente Hillegom om het effect van beleid te meten, om ‘te borgen dat het beleid dat we als gemeente voor ogen hebben ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd.’


Bijsturen

De Gelderse gemeente Oldebroek wil niet alleen verbeterpunten boven tafel  krijgen, maar moet ook bijsturen. De gemeente stevent vanaf 2018 af op een jaarlijks tekort van een miljoen euro. Oldebroek heeft daartoe een tussenevaluatie uitgevoerd, die onder meer is gebaseerd op de gemeentelijke rapportages Sociaal Domein over 2015 en de eerste helft van 2016. Voor die rapportages worden prestatie-indicatoren gebruikt, zoals het percentage nieuwe Wmo-cliënten dat van een maatwerkvoorziening of van een algemene voorziening gebruikmaakt dan wel op eigen kracht een oplossing vindt.

 

Lees het hele artikel deze week in Binnenlands Bestuur nr 21.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door H. Wiersma (gepens.) op
De gemeentelijke problemen rond het sociaal domein spitsen zich toe op een uniforme verslaglegging van de administraties, het ramen van het benodigde budget (er zijn nog onvoldoende betrouwbare kengetallen van sommige onderdelen), er zijn nog onvoldoende handvatten voor het sturen via effectmetingen etc. etc. Op zichzelf is dat ook verklaarbaar gelet op de wijze waarop de gemeenten in 'het diepe' zijn gegooid. De cijfers en registratiemethoden uit het verleden (o.a. Rijk) blijken verre van betrouwbaar te zijn.
Derhalve hoogtijd dat het Rijk, de VNG en koepelorganisaties eens goede modellen en checklisten vervaardigen over de wijze waarop de gemeentelijke administraties moeten worden ingericht en taken geregistreerd.
Na één jaar sociaal domein bij de gemeenten kan niemand verwachten dat de bovengenoemde onderdelen optimaal verlopen. Eerst na minimaal drie jaar is m.i. betere output van registratiegegevens te verwachten.
Door Jaap van Velzen (deskunidge toegankelijkheid/ producent drempelhulp het Hoppertje) op
Yeahh! We gaan in gesprek met zorgaanbieders en mantelzorgers..misschien ook zorgvragers?? Het grote probleem is dat het 'sociale domein' door gemeenten als een afzonderlijk beleidsterrein wordt beschouwd. Er zijn dus geen relaties met de openbare ruimte, functies van ontmoeten en verbinden, toegankelijkheidsnormen voor mensen met een beperking en meer. Zorg=hulpbehoevend=zielig=onvoldoende zelfredzaam.
Goed integraal beleid tussen de zieligheid en de werkelijkheid op straat zou al veel zorg kunnen voorkomen. Verder is er onvoldoende zicht op de geschiedenis van mensen die hulp nodig hebben, omdat de directe schakeling tussen zorgverzekeraars en de wmo ontbreekt. Samenvattend lijkt het me handiger om eerst de elementen van het sociale domein te ontrafelen, daarop toetsingsmogelijkheden los te laten en vervolgens de vraag te stellen: 'Wat hebben onze inwoners nodig om - uitgaande van hun eigen verantwoordelijkheid - prettig, sociaal, zelfredzaam en met zo min mogelijk door ons opgerakelde burokratische belemmeringen door het leven te gaan'