of 59076 LinkedIn

Provincies moeten onteigenen voor PAS

Hoewel ze onteigening zo lang mogelijk willen uitstellen, bereiden diverse provincies zich daar bestuurlijk wel op voor, stelt het PBL vast.

Provincies zullen meer moeten onteigenen om de doelstellingen van de PAS (Programmatische Aanpak Stikstof) – economische groei én natuurherstel - mogelijk te maken.

Veel provincies hebben probleemgebieden waar natuurmaatregelen spaak lopen, constateerde het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) vorig jaar al. Hoewel ze onteigening zo lang mogelijk willen uitstellen, bereiden diverse provincies zich daar bestuurlijk wel op voor, stelt het PBL vast. Of onteigening zal helpen om de voor 2021 gestelde doelen te halen, is overigens maar de vraag. Onteigeningsprocedures duren lang en kosten veel geld. Daarmee is in de financiering van de PAS nog geen rekening gehouden. Verstandiger was volgens het PBL geweest als het rijk en de provincies zijn advies hadden overgenomen om – in elk geval in die probleemgebieden – geen ontwikkelruimte voor economische activiteiten op voorhand uit te geven. Dat advies is niet opgevolgd in de uitvoeringsafspraken die vorige week zijn ondertekend door de ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur en Milieu en provinciekoepel IPO. ‘Daardoor vergroot de overheid het risico op het uitblijven van het vereiste natuurherstel’, aldust het PBL.

Vanaf 1 juli
Vorige week werden provincies en rijk het eens over de uitvoeringsafspraken voor de PAS. Vanaf 1 juli kunnen de provincies na een lange impasse de stapel vergunningaanvragen voor stikstofgevoelige activiteiten gaan wegwerken. Als ze tegelijkertijd flink vooruitgang boeken met maatregelen voor natuurherstel in de 124 Natura 2000-gebieden, blijft ruimte voor groei van bedrijven en uitbreiding van infrastructuur rondom deze gebieden mogelijk.

 

In theorie een prima plan, maar de praktijk is weerbarstiger, voorspelt het PBL. De uitvoering van de PAS is omgeven door onzekerheden. Zo is er nog steeds veel weerstand onder boeren tegen vernatting; een hoger grondwaterpeil is goed voor de flora en fauna in een gebied, maar slecht voor de landbouw. In gebieden waar de kans op tegenvallers groot is en er geen of beperkt alternatieve maatregelen mogelijk zijn, is het achterhouden van de ontwikkelingsruimte – totdat de maatregelen zijn gerealiseerd – de enige manier om het risico’s dat natuurherstel uitblijft uit te sluiten, stelt het planbureau.


IPO-directeur Gerard Beukema is niet bang dat een run op de ontwikkelruimte niet kan worden bijgebeend door herstelmaatregelen aan de natuur. Onderdeel van de PAS is een monitoringsysteem om het natuurherstel en de beschikbare ontwikkelruimte te kunnen volgen. De eerste evaluatie vindt al na een half jaar plaats. Uiterlijk 15 december vindt een eventuele herziening plaats, hebben de partijen afgesproken. Daarna gebeurt dat vanaf juli jaarlijks. Beukema: ‘Als er een disbalans in de doelstellingen blijkt te ontstaan, dan kunnen we dat corrigeren.’

 

Het PBL betwijfelt dat en vraagt zich af of er überhaupt nog kan worden bijgestuurd in probleemgebieden. ‘Met de PAS gaat de overheid in alle gebieden beginnen met de uitgifte van een groot deel van de ontwikkelingsruimte. De overheid geeft dan de belangrijkste optie voor bijsturing weg en vaak zijn er geen of maar beperkt alternatieven om tegenvallers op te vangen. Als dan bij de evaluatie blijkt dat er in een gebied een grote tegenvaller is, dan heeft de overheid daar de ontwikkelingsruimte vrijgegeven die er achteraf gezien niet is.’ Als vervolgens de natuur verder achteruit gaat, zijn vanwege Europese natuurbeschermingsregels rond die gebieden helemaal geen ontwikkelingen meer mogelijk.

 

Blokkeren natuurherstel

Elke provincie heeft wel enkele “probleemgebieden”, waar lokaal verzet het natuurherstel volledig blokkeert. In die gebieden komt onteigening als dwingend instrument nadrukkelijker op tafel te liggen. Hoewel de vijf ondervraagde provincies zonder uitzondering aangeven dat ze het liefst op basis van vrijwilligheid zaken willen doen, sluiten ze niet langer uit dat ze bij gebrek aan medewerking gaan onteigenen, concludeert het planbureau. Omdat binnen de eerste programmaperiode van zes jaar al resultaten moeten worden geboekt, zijn de verschillende provincies nu al bezig de huidige grondverwervingsstrategie aan te passen. In elk geval in Utrecht, Gelderland, Overijssel en Noord-Brabant is (eerder) al de bestuurlijke bereidheid uitgesproken om desnoods het onteigeningsinstrument voor de PAS in te zetten, meldden de onderzoekers vorig jaar.

 

Groot nadeel van onteigen is dat het veel geld kost. Daar is nog geen rekening mee gehouden in de financiering van de PAS en het Natuurpact, waarvoor provincies structureel 305 miljoen euro van het rijk krijgen. Wel is afgesproken dat partijen bij grote tegenvallers opnieuw in overleg gaan, stelt IPO-directeur Beukema. ‘We hebben geen blanco cheque getekend.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door t. kuiper op
Beukema zal eerst aan de megastallen moet denken bij milieueisen. Landeigenaren maar ook burgets zien de zgn.vernatting niet als winst voor de natuur. Burgers mogen alleen op het padblijven. Bekeuringen worden grootschalig uitgedeeld. Natuurgebieden zijn van ons allen. Een goedkope manier om grond te verkrijgen is nu al gewoon bij natuurorganisaties als Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten. En met dit onteigeningsplan PAS wordt dit nog eens versterkt. Eerst weg met megastallen die mens en dier ziek maken, bedreiging voor volksgezondheid vormen.