of 59054 LinkedIn

Geveltuin oplossing voor veel problemen

Een geveltuin is niet alleen goed voor sociale cohesie en veiligheid, maar ook een probaat middel tegen urban heating en wateroverlast.Bij de aanleg van nieuwe wijken en herinrichting van oude straten doen gemeenten en woningcorporaties er goed aan daar ruimte voor te bieden.

Grote gemeenten en woningcorporaties doen er goed aan bij aanleg van nieuwe wijken en herinrichting van oude straten ruimte te maken voor een geveltuin. Dat is goed voor sociale cohesie en veiligheid, maar gaat ook urban heating en wateroverlast tegen.

Hybride zone
Met een simpele ingreep komen stadsbewoners met elkaar in contact en geven ze hun straat een fleuriger aanzien. in het boek “De Stoep, Ontmoetingen tussen huis en straat” laten schrijvers en onderzoekers van verschillende pluimage zien hoe. Stedenbouwkundige Eric van Ulden legde zich voor zijn afstuderen toe op de “hybride zone”, de zone tussen huis en straat, tussen openbaar en privé. ‘Uit oud Scandinavisch onderzoek bleek dat mensen daar gemakkelijker hun deur open doen en gemakkelijker aanspreekbaar zijn voor buren. Ik vroeg mij af hoe dat zit in Nederland.’

Mensen gebruiken kamer aan straat niet
Van Ulden betrok er een psycholoog, socioloog en historicus bij en merkte dat behalve meer contact veel meer thema’s speelden rond deze zone. ‘Het gaat ook over controle hebben over de woning. Als die zone er niet is houden mensen hun gordijnen vaak dicht. Veel gesloten gordijnen in een stadswijk is onprettig voor voorbijgangers. Het bleek zelfs dat mensen die ruimte niet gebruikten. Er bleken zoveel straten te zijn met kamers waar je iets niet doet, omdat mensen er langs lopen. Als die buffer er wel is, verandert dat. Dan zetten mensen zelf een bankje neer en gebruiken ze de kamer weer. Er zij veel kansen er iets aan te doen.’

Klinker andere kant op
In Rotterdam bekeken de onderzoekers alle straten via Google Earth. ‘We scanden op banken, stoelen en tuinkabouters. We hebben ook interviews gedaan in Delft en casestudies in Amsterdam en Leusden en ook in het buitenland, bijvoorbeeld in Londen.’ Van Ulden wijst op de wijk IJburg in Amsterdam waar bewoners 1,25 meter van de stoep mogen gebruiken. ‘Gemeenten kunnen erover nadenken als ze een stoep opengooien bijvoorbeeld op die afstand een klinker de andere kant op te plaatsen. Tot daar nemen mensen dan de stoep in gebruik. In Rotterdam mag je 45 centimeter vanaf je voordeur gebruiken voor planten en potten. Als er maar genoeg ruimte is om te lopen. Daar moet dat 1,80 meter zijn, zes stoeptegels.’

Rode klinkers
Grijze stoeptegels vervangen door rode klinkers kan al helpen om bewoners zover te krijgen de stoep in te nemen. ‘Je kunt een klinker ook een kwartslag draaien. Als tegels dezelfde taal spreken, is het voor bewoners lastiger te begrijpen of planten neerzetten wel mag. Voor de gemeente is het verder redelijk risicoloos.’ Van Ulden wijst op een zone in het Rotterdamse Katendrecht waar een echte Hollandse stoep is ontstaan. ‘In de wijk ernaast hebben ze die zone niet. Daar staat ook nauwelijks iets.’

Sociale en klimaatvoordelen
Van Ulden en cs. merkten dat mensen vaker sociaal en gepland contact met elkaar hebben, zich prettiger voelen in de wijk en beter kunnen inschatten of onbekenden door de straat lopen. ‘Dat is voor het veiligheidsbeleid weer goed.’ In Rotterdam gaat het inmiddels de goede kant op, al is het idee nog niet heel wijdverbreid. ‘Onbekendheid kom je nog vaak tegen. Corporaties zijn nog niet allemaal op de hoogte. Ook zijn er soms financiële redenen om er geen rekening mee te houden. Toch zou het goed zijn als het idee breder wordt gedragen. De hybride zone heeft niet alleen sociale, maar ook klimaatvoordelen: het urban heateffect wordt minder en water stroomt beter weg.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Sander Klingendaal op
Een sprookje van harmonie. 50 jaar geleden stonden in Ned. volkswijken massaal stoeltjes buiten. Wie langsliep had het gevoel andermans huiskamer te betreden en kon commentaar verwachten. Met de komst van de gastarbeiders was dat snel voorbij. De straat was weer van de voorbijganger zoals het hoort. Een stad is een stad en geen volkstuintjescomplex.