of 59142 LinkedIn

D66-senator wil degradatie wethouder voorkomen

Een rechtstreeks door burgers gekozen burgemeester degradeert wethouders vrijwel zeker tot randfiguren. Wat dat betekent voor het niveau van de wethouders(kandidaten), laat zich volgens staatsrechtgeleerde Hans Engels raden. Engels plaatst in zijn deze week uitgesproken inaugurale rede als bijzonder hoogleraar van de Oppenheim-leerstoel aan de Rijksuniversiteit Groningen kritische kanttekeningen bij de gevolgen van een direct door de bevolking gekozen burgemeester

Een rechtstreeks door burgers gekozen burgemeester reduceert wethouders vrijwel zeker tot randfiguren. Wat dat betekent voor het niveau van de wethouders(kandidaten), laat zich volgens staatsrechtgeleerde Hans Engels raden.

Engels plaatst in zijn deze week uitgesproken inaugurale rede als bijzonder hoogleraar van de Oppenheim-leerstoel aan de Rijksuniversiteit Groningen kritische kanttekeningen bij de gevolgen van een direct door de bevolking gekozen burgemeester. Pikant, want behalve hoogleraar is Engels senator voor D66 – de partij die het felst pleit voor een rechtstreeks gekozen burgemeester.

 

Verlies centrale positie in gemeentebestuur

Mocht het in het komend decennium uiteindelijk tot zo’n direct gekozen burgemeester komen, dan dwingt dat volgens Engels tot nadenken over de vraag wat dat zou kunnen betekenen voor de positie en rol van de wethouders. Het democratische mandaat van de burgemeester, of dat nu aan de bevolking of aan de raad wordt ontleend, zal hem binnen het college het politieke en bestuurlijke primaat opleveren. ‘Zeker in het  geval van een direct door de burgers gekozen burgemeester zullen de wethouders ontegenzeggelijk de centrale positie en rol die zij nu binnen het gemeentebestuur innemen verliezen en al snel in de verdrukking komen’, aldus Engels. Het is volgens hem zeer goed denkbaar dat zij zullen worden gerekruteerd door de gekozen burgemeester als formateur in de collegevorming. ‘En daardoor van hem afhankelijk worden’, zegt hij.

 

Terugkeer naar 'burgemeestersland'

Bovendien zullen de bevoegdheden die wethouders nu nog hebben als lid van het college in meer of mindere mate overgaan naar de burgemeester. Engels: ‘Nederland is dan niet langer een wethoudersland, maar een burgemeestersland. We keren dan min of meer terug naar de tijd van de wethouders als assistenten van de burgemeester. Het is de vraag of dat perspectief bij de huidige stand van het lokaal bestuur als vruchtbaar kan worden aangemerkt. Over het rekruteringsbereik en het niveau van de wethouder moet men zich in mijn ogen in die situatie niet veel illusies meer maken.’

 

Wethouder bestuurlijk randfiguur

Zaak is het dan, uit oogpunt van kwalitatief goed lokaal bestuur, het ambt van wethouder ook in de nieuwe situatie aantrekkelijk te houden. De meest kansrijke mogelijkheid ziet Engels daarvoor in het nu al inzetten op de formele verzelfstandiging van de wethoudersfunctie, ‘zodat wethouders niet volledig van een ander orgaan afgeleide bestuurlijke randfiguren worden.’

Engels pleit ervoor het wethoudersambt meer te verzelfstandigen in de vorm van een zogeheten individuele bevoegdheidstoedeling: het delegeren van collegebevoegdheden aan de individuele wethouder, zodat deze voortaan onder eigen verantwoordelijkheid bestuurlijke besluiten kan nemen. De wethouder wordt dan een regulier bestuursorgaan. Om delegatie van collegebevoegdheden aan individuele wethouders mogelijk te maken is wel een aanpassing van de Gemeentewet nodig.

 

Te veel eerbied voor polderen

Gevolg is dat er minder nadruk komt te liggen op collegiaal bestuur. Dat laatste is bij de huidige stand en de komende ontwikkeling van het lokaal bestuur volgens Engels ook niet langer vol te houden. ‘Het Nederlandse openbaar bestuur te veel eerbied voor de historie van overheidsinstituties en voor de bestuurscultuur van polderen, schikken en plooien. Dit ontzag, niet zelden ingegeven door politieke en conservatieve belangen, belemmert de voor het behoud van legitimiteit noodzakelijke hervormingen van ons politieke stelsel en onze bestuurlijke organisatie, en daarmee een toekomstbestendige doorontwikkeling van het decentraal bestuur.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door H. Wiersma (gepens.) op
Een rechtstreeks gekozen burgemeester geeft in ieder geval wel extra leven in de politieke brouwerij.
Door Jan op
Waarom heeft iedereen, althans binnen D66, het alleen maar over de rechtstreeks gekozen burgemeester en niet over de rechtstreeks gekozen wethouders? Als je het ene wilt, moet het andere ook maar, vind ik.
Door bram op
Een gekozen burgemeester, rechtstreeks of via een coalitie, zal zijn neus wel naar de stemming van het korte moment moeten laten hangen. Slechte zaak dus. En om de vier jaar weer een ander is ook niet aantrekkelijk. Gewoon houden zoals het is en D66 zal op een dag ook wel het licht zien, de eerste zonnestralen zijn er dus al. Daarvoor neem je de bekende en beperkte nadelen van het huidige systeem voor lief.
Door Janneke op
En heeft de minister president voldoende kwaliteit?
Door hans (adviseur) op
Of een gekozen burgemeester dan wel die kwaliteit heeft.
Kwaliteit is nogal relatief. Naar wie laat je je neus hangen. Naar actieve buurtverenigingen, naar ambtelijke vrienden, naar natuurinstellingen etc.
Welke benoemde burgemeester heeft meer kwaliteit dan de wethouders?
Door Janneke op
Waarom moeilijk doen als het eenvoudig kan? We kiezen de gemeenteraadsleden net als we het parlement kiezen. Degene die de meerderheid heeft gehaald vormt een college met aan het hoofd de burgemeester, de lijsttrekker. Door het stemmen op lijsttrekker kies je meteen de burgemeester tenzij anders aangegeven.
Indien een partij niet de meederheid behaald, ga je coalitie vormen. De grootste partij levert de burgemeester net als de minister president.
Als dit in het kabinet geen problemen oplevert, waarom zou dat dan problemen opleveren in een gemeente?

Een lijsttrekker van een partij gaat de verkiezingen in met als doel de grootste partij te worden en grootste partij levert de burgemeester. De grootste partij stelt college samen al dan niet i.s.m andere partijen. De wethouders kunnen uit de net gekozen raad komen of worden elders gezocht.

Dus dat moet goed gaan. Een minister president is ook duidelijk een lid van een partij en hij hoort toch boven de partijen te staan? Dat kun je toch ook verwachten van een burgemeester?
Door Notaris (Notaris) op
De gekozen burgemeester past niet in ons huidige stelsel. Een gekozen burgemeester zou een soort stads-president worden. En dan is de vraag wat is het nut nog van raadsleden. De burgemeenster past ook niet meer in de huidige constellatie. Net zoals de CdK. Beide zijn deerniswekkende figuren zonder bevoegdheden. Men zit er alleen voor het salaris en heeft genoeg tijd voor tal van nevenfuncties (Karla Peijs), de facto doen ze geen moer. Provinciaal en gemeentelijk bestuurs is collegeiaal bestuur. Met aan het hoofd staten en raad. laten die dan maar een voorzitter benoemen. Zijn we daar ook klaar mee.
Door joop jansen (gepensioneerd ambt.) op
De burgemeester is inmiddels een achterhaalde functie. Het zogenaamd onafhankelijk van welke partij dan ook zijn is al lang een wassen neus. Kies gewoon uit het college (door het college zelf) een primus inter pares met een volwaardige portefeuille en alle knelpunten zijn op een zo democratisch en politiek verantwoorde wijze geregeld.
Door Henk Jeurink (voormalig statenlid en ambtenaar) op
Ik vind het moedig dat Senator Engels een kroonjuweel van D66 tegen het licht houdt. Zijn gedachten rond 'verzelfstandiging' van de positie van wethouders deel ik niet. Maar al te vaak wordt bij het nemen van raadsbesluiten de deskundige onderbouwing van ambtenaren in de wind geslagen. Dat heeft vaak met dualisme en bestuurlijke prestige te maken. Deze ontwikkeling ontwikkeling baart mij zorgen. De verzelfstandigingsgedachten van Hans Engels lossen die zorgen niet op
Door Broadcaster (gemeenteambtenaar) op
Hoewel ik het niet met hem oneens ben vraag ik me wel af waarom deze meneer lid is van D66. Die partij heeft deze onzin uitgevonden.