Volg ons op: , 31461 LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Adverteren BB Magazine

Can do-ambtenaar bedreiging voor rechtsstaat

Ambtenaren moeten zich kritisch opstellen ten opzichte van bestuurders en niet volgzaam streven naar efficiency, vindt professor Frits van der Meer.

Ambtenaren en bestuurders moeten de moed hebben om de rechtsstaat te verdedigen en niet alleen kijken naar effectiviteit en efficiency, vindt professor Frits van der Meer.

Volgens Van der Meer, hoogleraar comparative public sector and civil service reform aan de Universiteit Leiden, vormt met name de zogeheten can do-ambtenaar een bedreiging voor de democratische rechtsstaat. Dat is de ambtenaar die de bestuurder niet tegenspreekt.

De can do-ambtenaar moet volgens Van der Meer doeleinden realiseren, zonder tegenspraak te geven. Dat vertaalt zich ook door naar lager in de organisatie. De can do-ambtenaar is onmiskenbaar populairder geworden, al is dat op gemeentelijk niveau minder te merken. Maar zeker wel op departementaal niveau.

‘Ministers staan vooral onder enorme druk van volk en media om zaken te realiseren. Ze moeten prestaties leveren. Belemmeringen zijn dan vervelend. Ze presenteren zich dan als mensen die de problemen zullen oplossen, als zij mogen beslissen. Vooral zwakkere politici zoeken naar appraisal. Sterke politici hebben ook een sterke visie en daar minder last van.’

Kritisch
De geringere bereidheid van bestuurders om te luisteren naar tegenargumenten van de ambtelijke staf (‘appraissal’) ziet Van der Meer als een van de oorzaken voor de aantasting van de democratische rechtsstaat.  De wens van deze bestuurders is om daarvoor in de plaats can do-ambtenaren aan te stellen, zo verkondigde hij onlangs op een lunchlezing van het CAOP in Den Haag.

Van der Meer: ‘Ik zat in een bezwaarschriftencommissie van een departement. We moesten advies geven aan de secretaris-generaal en omdat je met publieke zaken bezig bent, kwamen zaken soms terecht bij de Raad van State. Ambtenaren moesten een besluit dan verdedigen. Een ambtenaar was heel blij dat hij de zaak had gewonnen. “Mooi dat de advocaat niet zag dat het niet klopte.” Nee, zei ik, je hebt verloren. Je moet niet alleen een doel bereiken, maar ook recht doen aan en opkomen voor het algemene publieke belang.’

De can do-ambtenaar mag volgens Van der Meer niet in de plaats komen van de kritische ambtenaar. ‘Sommige bestuurders vergeten wel eens dat je van tegenspraak beter wordt. Het is lastig, maar uiteindelijk worden jij en het besluit beter. Een gedragsverandering bij ambtenaren en bestuurders is heel moeilijk. Waarom? Zijn ze dom? Nee. Ze zijn ook ter beste wille. Maar ze moeten ook prestaties leveren, zaken oplossen. En in het spel van de politiek zit ook het willen scoren. Als je spreekt over een cultuurwijziging, dan is die per definitie heel moeilijk te bereiken. Ambtenaren en bestuurders moeten moed tonen.’

Carrière
Of overheden ook meer op deze ambtenaren selecteren, is moeilijk te bepalen, aldus Van der Meer. ‘Een paar jaar geleden waren zowel de can do-ambtenaar als de ‘gewone’ ambtenaar aanwezig. De inhoudelijk sterkere ambtenaren bleken toch betere carrières te hebben. Op korte termijn is geen tegenspraak misschien mooi, maar op langere termijn wil je dingen verbeteren en heb je inhoud nodig.’

Ministers vinden het volgens de professor toch wel gemakkelijk als ambtenaren weinig tegenspraak geven. ‘Maar mensen van je eigen partij binnenhalen blijkt heel moeilijk en ook niet het geval te zijn. Vaak zitten je ergste tegenstanders in je eigen partij. Je zag het destijds tussen Sorgdrager en Docters van Leeuwen van D66.’
Van der Meer vraagt zich af waar de tegenspraak wel is als je iemand aanstelt die precies zo denkt als jij.  ‘Ga je je dan niet in een te klein kringetje begeven? Word je dan niet bedrijfsblind? Je kunt beter mensen hebben die kritisch meedenken.’

De democratie staat volgens meer kenners onder druk. Zo sprak voormalig vice-voorzitter van de Raad van State, Herman Tjeenk Willink, tijdens het parlementair onderzoek door de Eerste Kamer naar privatisering en verzelfstandiging,  dat de democratische rechtsstaat is verzwakt als gevolg van het op afstand plaatsen van politieke verantwoordelijkheden, het uitbesteden van taken aan de markt, het teruglopen van inhoudelijke kennis bij de rijksoverheid en de kleinere rol voor het maatschappelijk middenveld.

Funest
Van der Meer legt uit dat de rechtsstaat basaal is voor het hele leven en onze omgangsvormen en regels bepaalt. ‘Een overheid die zich niet aan de regels houdt, kan arbitrair optreden. Een moderne samenleving kan niet zonder een rechtsstaat.’ Als de burger ziet dat de overheid allerlei maatregelen neemt en zich niet aan de eigen regels houdt, waarom zouden zij zich dan nog wel aan de regels houden? ‘Een ambtenaar die zelf de regels breekt, is wat betreft dat laatste funest. Mensen accepteren de rechtsstaat, maar als vertrouwen in de overheid wegvalt, staat deze onder druk.’


Met dank aan Margaret Thatcher
De can do-ambtenaar werd ooit geïntroduceerd door Margaret Thatcher onder het motto: ­‘visie hebben doen wij al.’ De Britse prime minister stond aan de basis van de vermanaging van het openbaar bestuur. Een oorzaak die critici aanwijzen als aantasting van de democratische rechtsstaat is de introductie van dat New Public Management.

De vermanaging van het openbaar bestuur ging gepaard met minder aandacht voor en interesse in politieke en legaliteitsvragen. ‘Dat is een vorm van oplossingsgericht denken en dat gaat natuurlijk een stuk gemakkelijker zonder die lastige regels’, aldus de Leidse hoogleraar comparative public sector en reform Frits van der Meer.

Verstuur dit artikel naar Google+

GERELATEERDE ARTIKELEN

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Mevrouw Kiki op
Ik ben heel erg blij dat ik al ruim 25 jaar kritisch meeloop en zodoende de echte bij de burgers betrokken ambtenaar nog ken.

Nu dwalen ze onder het juk van de huidige burgemeester dr. mr. P.Rehwinkel, te Groningen.

Ik ben 3 maand na zijn komst ineens als te kritsch en te lastig beoordeeld.
Met tot gevolg dat ik, sinds 22 dec. 2009, met geen enkele ambtenaar meer mag praten, op één na.
En zij mogen allen niet met mij praten.

Ik mocht zelfs van de ambtenaren die ik al erg heel lang ken, geen afscheid meer nemen!

Onlangs vroeg ik in de raadscommissie cultuurverandering wederom om beleid en mediation.
Burgmeester dr.mr.P.Rehwinkel weigert beide, en antwoordde dat HIJ de contactverbodmaatregel van 2 1/2 jaar pas kort vindt...

Burgemeester P,Rehwinkel heeft het sinds zijn aantreden het voor elkaar gekregen dat deze tot voor kort open, kritische en leuke stad Groningen, wordt bewoond door angstige burgers en een wel heel erg grote groep Can Do ambtenaren.

Zo heeft dr. mr. P.Rehwinkel en zijn Very Good Can Do ambtenaar het op 3 augustus 2012 geflikt om zelfs het zeer serieuze politie/ GHOR rapport om geen glas te gebruiken bij het Noorderzon festival in een kwetsbaar park, ongemotiveerd te genegeren!

Hij brengt zo doende wilens en wetens zelfs 130.000 festivalsbezoekers, hulpdiensten, en dieren in 10 dagen in gevaar!

Burgemeester dr.mr. P.Rehwinkel heeft ooit in het DvhN aangegeven, dat hij tot wel zijn 70e levensjaar wil blijven.
Ik heb de indruk dat inmiddels behoorlijk veel Stadjers dat niet meer wensen.

Maar dat de Stadjers met zijn allen snel terug willen naar medemenselijkheid, kritisch medenken en wederzijds respect.

Mevrouw Kiki
Door laetitia van haren (liaison officer vrijwilligers DCC) op
Ben heel blij dat dit nu eens duidelijk wordt gesteld door een gezaghebbend persoon. Voor mij zijn kritische ambtenaren de pijlers van onze democratie en beschermen ons tegen het gevaar dat ons systeem afdwaalt en zich tegen ons keert. Ik zal mij onthouden van historische voorbeelden.
Door Miriam van Aller (rechtshulpverlener) op
Het spiedend oogje - ook nog in verkleinende zin - heeft mij getroffen. Waarnaar dat oogje spiedt heb ik nog niet helemaal begrepen. Het is niet erg dat onze bestuurders geen afgeronde juridische opleiding hebben zegt het oogje dat spiedt.

De bestuurders die wel een afgeronde juridische opleiding hebben doen er ook weinig mee, zie de heer Opstelten, n.b. Minister van Veiligheid en Justitie (sic) volgens Bert.

Als onze bestuurders niets van het recht afweten dienen zij geadviseerd te worden door wel deskundigen op dat gebied en zij zouden er wijs aan doen door daar naar te luisteren.
Die deskundigen ben ik nog zelden tegengekomen in bestuurskringen en daar gaat trouwens de hele discussie over.
Het hart bepaalt niet het recht, lief onschuldig en deswege ongetwijfeld te weinig spiedend oogje, maar de wet doet dat en de daaruit voortvloeiende jurisprudentie.
Als het hart het recht zou bepalen ligt willekeur en rechtsongelijkheid op de loer. Stel je voor dat je razend verliefd bent op iemand, dan krijgt die altijd gelijk en als je iemand haat? V voor Vendetta. Helemaal gen rechtsstaat. I rest my case!
Door Het spiedend oogje op
De rechtsbijstandsverlener hamert steeds op het gebrek aan feitelijke juridisch kennis bij bestuurders. Op zich is dat niet erg. We kunnen immers niet van bestuurders verlangen dat ze over een afgeronde juridische opleiding beschikken.
Gevoel voor recht (vaardigheid) en onrecht( vaardigheid) kan ook in je hart zitten en dat mogen we wel verlangen van onze bestuurders.
Door Bert (ambtenaar) op
Uit het stenogram Eerste Kamer inz. de Nationale politie 3 juli 2012 (betrof de vraag 'kan de politie in de toekomst weer onder twee ministeries vallen?'): "Minister Opstelten: ... Wij hebben op het departement nul scenario's in die richting voorbereid. In de kring waarin ik verkeer, wordt op geen enkele manier
aan deze mogelijkheid gedacht. ... De heer Thom de Graaf (D66): ... neem ik aan dat als de minister over "wij" spreekt, hij zichzelf bedoelt. Hij zal niet zijn ambtenaren bedoelen, want die kunnen zich van alles voorstellen, afhankelijk van de politieke meester. Minister Opstelten: Het is mij op het departement waar ik leiding aan geef nog niet gebleken dat er voorbereidingen worden getroffen. De heer Thom de Graaf (D66): Dat komt omdat u ze dat niet vraagt. Minister Opstelten: Nee, maar de verhoudingen zijn inmiddels zo, dat ik het ze niet eens meer hoef te vragen. Wat je wilt, komt er. Wat je niet wilt, gebeurt niet."
Door Miriam van Aller (rechtssbijstandverlener) op
Mark stelt in zijn hoedanigheid als ambtenaar dat professionele waarden nauwelijks aan kracht hebben ingeboet. Bedoelt hij dat nu feitelijk of als wens? Als jurist heb ik 6 jaar in de gemeentelijke politiek gezeten. Daarnaast was ik advocaat. Zodra het op juridische dingen aankwam en ik zei dat iets juridisch niet kon lag het DB dwars en verzuchtte daar heb je haar weer met haar kommaneukerij. Ja erg flatteus was het niet, dat dédain voor het recht en voor mij. Na 6 jaar ben ik opgehouden omdat die slordigheid ten aanzien van het recht niet meer kon verdragen. En sindsdien is het er niet beter op geworden. De politiek hecht voorzover ik kan constateren weinig belang aan het recht, dus aan het uitvoeren daarvan, dus aan de rechtsstaat. Hoezo hebben professionele bekwaamheden nauwelijks aan kracht ingeboet? Waarop baseer je dat Mark?
Door Jan Beltrum (gemeenteambtenaar) op
Een artikel dat ter harte genomen dient te worden. Er zijn verschillende gemeenten waar alle activiteiten ondergeschikt worden gemaakt aan een doelstelling. Er dienen door ambtenaren gewenste antwoorden te worden gegeven. Het gebeurt in versterkte mate indien de doelstelling heet :bezuinigen. Er wordt dan zelfs overwogen om taken te schrappen, die een gemeente in het kader van medebewind wettelijk verplicht is uit te voeren. Daarmee neemt de lokale overheid de plaats in van de wetgever. Een dergelijke gedragslijn tendeert naar anarchie en vrijstaatgedachte en is de bijl aan de wortel van de rechtsstaat.
Door Mark van der Ham (Ambtenaar ) op
Citaat:
Professionele waarden hebben nauwelijks aan kracht ingeboet. Ze zijn nog steeds onmisbaar in het leveren van hoogwaardige publieke dienstverlening. Het negeren van het evenwicht tussen publieke waarden leidt tot suboptimale resultaten – en af en toe tot een groot incident of zelfs tot een informatieramp. Vaak gaan procesherontwerp en informatisering gepaard met desinvestering in personeel – zowel in kwantiteit als kwaliteit. Dat getuigt van een gebrek aan inzicht in en waardering van hoe publieke organisaties werken. Publieke organisaties, ook ‘informatieraffinaderijen’, vereisen professionaliteit. Niet alleen in het ontwerp, maar ook in de operatie. Op het snijvlak tussen de maatschappij en de uitvoeringsorganisatie, bij de ontvangst en verwerking van informatie, maar ook in de ‘backoffice’, bij het voortdurend taxeren van risico’s. Professionaliteit wordt niet alleen verlangd van uitvoeringsorganisaties, maar ook van hun meesters. Publieke opdrachtgevers zijn zich zelden bewust van de implicaties van hun opdrachten. Daarin schuilt een taak voor administratieve leiders: duidelijk maken wat wel kan en niet kan, en tegen welke kosten. Het denken in risico’s, niet beheersmatig, maar juist strategisch. Ook publieke opdrachtgevers – bewindslieden, het parlement – moeten zich bewust zijn van de grens van hun ambities. Dat betekent acceptatie van risico’s, in het ontwerp, maar ook in de uitvoering. De grens van die ambitie ligt in de publieke sector bij respect voor het belang van het individu zoals die dat zelf ziet. Vaak wordt die grens alleen met vallen en opstaan ontdekt. De neiging regelingen complexer te maken, meerdere doelen toe te voegen lijkt inherent aan het politieke ‘metier’. Ook daar is verbinding nodig. Daadwerkelijk contact tussen
administratieve leiders en politieke opdrachtgevers, waarbij niet op de automatische piloot gecommuniceerd wordt, maar juist met open vizier. Dat is wellicht niet altijd efficiënt, maar wel inherent aan de democratische rechtsstaat.(Jorna, F.B.A., 2009, Doctoral Thesis, Leiden University)
Door Miriam van Aller (rechtshulpverlener) op
Naar aanleiding van hetgeen Norbert zich afvraagt - wordt de rechtsstaat een pispaal - zou ik menen dat elk fatsoenlijk mens de rechtsstaat zou behoren aan te hangen en te verdedigen.
Maar dat vergt kennis van zaken. Ik hoor in alle media veelvuldig sprekers blij opmerken, dat wij toch maar in een democratische rechtsstaat leven. Maar de spreker weet niet wat dat inhoudt en als hij het wel weet, m.n. dat de Staat zich ook aan het recht moet houden, kan hij niet beoordelen of dat inderdaad het geval is.

Alleen ongelukkigen zoals ik zelf weten dat de Staat zich niet aan het recht pleegt te houden en daar mag ik dan weer t.b.v. mijn cliënten over procederen.

De meeste zaken win ik. Dat is geen kunst overigens, want de fouten die door de overheid op gemeentelijk niveau worden gemaakt zijn overduidelijk. Onkunde heerst alom. Je zou dan denken dat de gemeentelijke overheid na verloren zaken gaat proberen diens werk beter te doen. Maar neen, dat is niet het geval. Men klunst voort. Het spreekwoord van de ezel en de steen heeft geen vat op het functioneren van de gemeentelijke overheid, althans die gemeentelijke overheid waarmee ik te maken heb. Ook dat verbaast mij. Zelfs het inschakelen van de wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen legt geen merkbaar gewicht in de schaal. Men haalt slechts de schouders op lijkt het wel.
De rechtsstaat leeft helemaal niet in het besef van de burgers en bestuurderen en lijkt mij ernstig ziek te zijn. Nog even en de rechtsstaat is afgeschaft, wegens gebrek aan belangstelling en wegens de dringende noodzaak van bezuinigingen.
Door Norbert (wijkzaken) op
Het is een interessante lezing maar wel vanuit het achterhoedegevecht. Ik ben het eens met zijn conclusies en ben blij dat in mijn organisatie ambtelijk weerwoord in theorie op prijs wordt gesteld. In de weerbarstige praktijk wil het nog wel eens sneuvelen tussen andere belangen (gezichtsverlies, we zijn er voor de burger, als het geld kost dan ben ik niet thuis enz.). Maar er zijn ook signalen dat het op andere fronten van de rechtstaat wegglijd. De opkomst van partijen die anti-overheid en dus ook anti-ambtenaren zijn bijvoorbeeld. Dat er een hoge mate van kwaliteitsverlies is in overheidsproducten en gebrekkige rechtsbescherming in het bestuursrecht met schriktarieven voor het in behandeling nemen van aanvragen bijvoorbeeld. Daarnaast is er een enorme toename van bureaucratie in het planning en controlsysteem, communicatie- en informatiebeleid en beheer, en het managen van veiligheid, waar te nemen. Toch blijft de burger maar boos. Vervalt de rechtstaat tot pispaal?

Vacatures

Van onze partners