of 60715 LinkedIn

Wachten op waterstof?

Arnout Slooff 2 reacties

Voor 2030 moeten anderhalf miljoen woningen verduurzaamd worden om de klimaatdoelstellingen voor de gebouwde omgeving te halen. Aan duidelijkheid laat het Klimaatakkoord niets te wensen over: hele wijken zullen het komend decennium van het gas af moeten.

Van het aardgas welteverstaan, want vaak wordt waterstofgas genoemd als het meest haalbare en betaalbare alternatief. Waterstof is een gasvormige energiedrager die gemaakt wordt van (duurzame) elektriciteit. Net als bij aardgas kan waterstof getransporteerd worden via de bestaande gasnetten en via cv-ketels onze huizen op dezelfde manier verwarmen als we al gewend zijn.

 

Ook in een recent artikel in Binnenlands Bestuur wordt gesproken over waterstof als ‘huishoudelijke warmtebron’. Volgens de auteur zijn er momenteel nog twee problemen: de techniek staat nog in de kinderschoenen en er is nog onvoldoende waterstof beschikbaar. Volgens minister Wiebes kan waterstof pas na 2030 grootschalig worden toegepast. In zijn Kabinetsvisie Waterstof (30 maart 2020) laat Wiebes weten tot 2030 vooral kennis op te willen doen met een aantal gerichte pilots in de gebouwde omgeving.

 

Ondertussen moeten gemeenten volgend jaar al hun warmteplannen presenteren. In deze ‘Transitievisies Warmte’, dienen gemeenten per wijk - en liefst per buurt - een keuze te maken voor het meest geschikte alternatief voor aardgas. Een volledig elektrische warmtepomp vereist een zeer goed geïsoleerde woning en is praktisch alleen weggelegd voor nieuwbouwhuizen. Ook warmtenetten zijn vanwege de kosten intensieve infrastructuur en beperkte duurzame warmtebronnen in veel gevallen niet haalbaar. Dan blijft het alternatief voor een duurzaam gas over. In de toekomst kan dat heel goed waterstof zijn, maar om die transitie vorm te geven moeten we eerst naar andere alternatieven kijken.

 

Het is moeilijk beleid maken als de technologie zich eerst nog moet bewijzen. In de tussentijd hoeven gemeenten niet stil te zitten. Als gemeenten meer zouden inzetten op de toepassing van andere duurzame gassen als transitiebrandstof op weg naar waterstof, zetten ze toch alvast stappen richting verduurzaming. Biomethaan en biopropaan komen daarvoor in aanmerking. Biomethaan lijkt op aardgas en wordt gemaakt door het vergisten of vergassen van mest, GFT en rioolslib. Biopropaan heeft een hoger energetische waarde en wordt in landelijke gebieden veel gebruikt op de plekken waar geen gasnet is aangelegd. Biopropaan wordt gemaakt van restproducten uit de vleesindustrie en andere dierlijke en plantaardige oliën.

 

Beide gassen stoten minder CO2 uit dan aardgas, kunnen door het bestaande gasnet en na minimale aanpassingen gewoon gebruikt worden door onze CV-ketels. Zo halen we de klimaatdoelen, terwijl we wachten op waterstof.

 

Arnout Slooff, commercieel directeur Primagaz Nederland

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Henk Daalder (Ingenieur voor burgers) op
Die waterstof gaan weg dus niet voor huisverwaming gebruiken, simpel het aardgas gebruiken is veel goedkoper.
En een kavel windpark laat een huishouden voor de helft van de aardgas kosten, duurzaam warm wonen.

De enorme hoeveel aardgas in de wereld kan het beste in waterstof worden omgezet, met verplichte CO2 afvang.
En dan verkopen aan bedrijven die echt hoge temperatuur processen hebben, of Waterstof voor een chemisch proces nodig hebben.
Door Henk Daalder (Ingenieur voor burgers) op
Een gasboer als Arnout Slooff van primagaz, schudt de alternatieven voor aardgas zo uit zijn mouw.

Maar er is en blijft heel veel aardgas op de wereld. Wat doen we daarmee?
Het echte klimaat probleem is de CO2. En dan vooral bij bedrijven, enngascentrales, dat zijn de grootverbruikers. Dus moeten zij verplicht CO2 afvangen en d3 CO2 onschadelijk maken.

Huishoudens gebruiken steeds minder aardgas, dus kunnen we daar best nog even mee door gaan.

Vooral, zolang de klimaatakkoord partijen, huishoudens geen voordeel van duurzaam gunnen.
Want de gemeenteraad die beslist dat haar inwoners WEL voordeel van duurzaam krijgen, heeft die inwoners zo van het aardgas af.
Dat werkt zo

In 30 regio’s hebben gemeentes een Regionale Energie Strategie opgesteld. In feite hebben ze zoekgebieden windparken en zonneweides aangewezen.

Voor aardgasvrij, moeten ze de windparken en zonneweides, in kavels laten verkopen aan huishoudens in de regio.
EN bij de Haagse politiek moeten ze regelen dat die huishoudens hun stroom mogen salderen.

Danhebben die huishoudens stroom voor de kostprijs, 4 cent per kWh, bij een kavel windpark.
Daarmee is elk huis, zonder dure verbouwing, aardgasvrij te maken, met een elektrische CV-ketel.
Bijv in de regio NO Brabant, komt een windpark, dat precies groot genoeg is voor alle inwoners van de steden Oss en Den Bosch. Dat is het potentieel. Maar beperkingen in de lokale netten dwingen af dat die 40.000 huishoudens worden verdeeld over de hele regio, ook in beide steden kunnen huishoudens zo aardgasvrij worden, maar niet allemaal tegelijk.