of 61043 LinkedIn

Waardevolle panden behoed voor sloop

Boudewijn Warbroek 5 reacties
Apeldoorn gaat panden die geen monument zijn, maar wel van cultuurhistorisch belang beschermen via bestemmingsplannen. Maastricht lokt een proefproces uit om de juridische houdbaarheid te toetsen.

Apeldoorn wil zijn binnenstad een dubbelbestemming geven. Naast gebruikelijke planologische functies als ‘wonen’, ‘maatschappelijk’, of ‘detailhandel’, gaat de gemeente ook de cultuurhistorische waarde van het gebied vastleggen in het bestemmingplan.

 

‘We willen waardevolle panden beschermen, en tevens voorkomen dat gedurende lange tijd gaten in de bebouwing ontstaan’, zegt Evert Leusink, beleidsmedewerker Stedenbouw en Cultuurhistorie. De Apeldoornse gemeenteraad heeft inmiddels een voorbereidingsbesluit genomen, waarin staat dat sloop verboden is als gebouwen ‘bepalend en waardevol’ zijn ‘voor het stedenbouwkundige beeld en/of de cultuurhistorische waarden van de binnenstad’. Bijkomende voorwaarde is dat geen ‘open gat’ in de bebouwing mag ontstaan.

 

Apeldoorn onderzoekt nog hoe kan worden bepaald of een sloopaanvraag voor de binnenstad wordt afgewezen, of toegekend. ‘We hebben voor de binnenstad een cultuurhistorische analyse laten uitvoeren die hiervoor de grondslag kan vormen’, legt Leusink uit. ‘We laten uitzoeken of onafhankelijk adviescommissies hierin een rol kunnen spelen, bijvoorbeeld de monumenten- of de welstandscommissie.’

 

De Apeldoornse aanpak sluit aan bij de wens van het kabinet om de monumentenzorg te moderniseren. Het beschermen van cultuurhistorische waarden via de ruimtelijke ordening is een van de pijlers in een recente beleidsbrief van minister Plasterk (Cultuur, PvdA).

 

In aanvulling op bestaand monumentenbeleid, wil het kabinet dat ‘integraal’ wordt gekeken naar ‘de kwaliteit van de ruimte’. De bescherming of inpassing van waardevolle gebouwen maakt hier deel van uit. Aanleiding voor het Apeldoornse voorbereidingsbesluit is een recente sloopaanvraag voor een karakteristiek kantoorgebouw in de stad. De gemeente kon de aanvraag niet weigeren, omdat het pand geen monument was.

 

‘In reactie daarop heeft de gemeenteraad het initiatief genomen voor een voorbereidingsbesluit met daarin opgenomen een sloopvergunningstelsel’, zegt Leusink, die beklemtoont dat deze aanpak dient als aanvulling op het bestaande monumentenbeleid: ‘De monumentenwetgeving bewaar je voor de iconen van je stad. De planologische bescherming kun je toepassen voor erfgoed dat belangrijk is voor de identiteit van je stad, maar dat nu niet beschermd is.’

 

Interieur

 

De gemeente Maastricht heeft al veel ervaring opgedaan met de bescherming van erfgoed via bestemmingsplannen. De gemeente werkt met het Maastrichts Planologisch Erfgoedregime (MPE): gebieden of gebouwen krijgen in bestemmingsplannen via een dubbelbestemming het predicaat ‘Maastrichts Erfgoed’.

 

Eén bestemmingsplan is inmiddels na toepassing van de MPE-methode van kracht geworden, een tweede is in de maak. ‘We willen nu een proefproces uitlokken’, zegt Vera Hamers, beleidsmedewerker Monumentenzorg bij de gemeente Maastricht. ‘De deskundigen zijn het er bijvoorbeeld niet over eens of je via een bestemmingsplan ook het interieur van waardevolle gebouwen kunt beschermen. Verder zouden wij graag getoetst zien of je op grond van een dubbelbestemming een sloopvergunning kunt weigeren.’

 

Maastricht is enkele jaren geleden begonnen met de nieuwe werkwijze. Hamers: ‘Met 1660 rijksmonumenten zijn wij de tweede monumentenstad van Nederland. Om die reden zijn in het verleden nooit gemeentelijke monumenten aangewezen. Dit heeft ertoe geleid dat wij op dit punt een ander beleid hebben ontwikkeld.’

 

De Limburgse gemeente neemt nu in bestemmingsplannen onder meer ‘cultuurhistorische attentiegebieden’, ‘dominante bouwwerken’, ‘kenmerkende bouwwerken’ en ‘waardevolle groenelementen’ op. Bij elke omschrijving horen specifieke regels. Waardevolle hekwerken of afscheidingsmuren, maar ook waterpoelen, haagstructuren, bomen of hoogstamboomgaarden kunnen op deze wijze worden beschermd.

 

‘Het grote voordeel’, zegt Hamers, ‘is dat je maatwerk kan leveren door verschillen aan te brengen in de niveaus van bescherming. Bovendien is het voordeel dat je de bescherming van je cultureel erfgoed regelt in één integraal juridisch instrument, waarbij geen extra gemeentelijk monumentenvergunningstelsel nodig is. Dat scheelt in de administratieve lastendruk.’

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Vacatures

Dossier: coronavirus

Afbeelding

 

In dit dossier leest u alle artikelen van Binnenlands Bestuur over het coronavirus.