of 63372 LinkedIn

Maatschappij en burger centraal bij resultaatfinanciering

Karen Maas, Jacqueline Scheidsbach en Ruben Koekoek Reageer

De kranten staan er bol van: burgers worden vermorzeld in de systemen van de bureaucratie. Zij worden niet gezien, voelen zich niet gehoord en vissen met hun problemen achter het net. Het lijkt alsof problemen al decennia niet wezenlijk worden opgelost. Denk aan problematische schulden, re-integratie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, veiligheid in de wijk, gezondheid, kans op werk voor jongeren na het praktijkonderwijs, sociale cohesie, betaalbare woningen of ongelijkheid. Waar blijft het zicht op effect en vooruitgang?

De overheid introduceert wet- en regelgeving en deze wordt door uitvoeringsinstanties zoals gemeenten, UWV, zorgkantoren en dergelijke uitgevoerd. Voorbeelden zijn de Participatiewet, de banenafspraak, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Wmo. In de gezondheidszorg zijn er eveneens marktpartijen zoals verzekeraars die onder het inmiddels alom vergruisde adagium van marktwerking jaarlijks afspraken maken. Verder worden er door de overheid subsidies en opdrachten verstrekt. Voor zowel de uitvoering van wetten of het verstrekken van financiering via subsidies of projectgelden vindt sturing veelal plaats op basis van prijs en inspanning (P*Q). Er ontbreekt structurele sturing op toegankelijkheid. Er wordt nauwelijks gekeken naar het beoogd maatschappelijk en duurzaam resultaat. Resultaatfinanciering is een manier om publieke en private partijen te laten samenwerken met maar één doel: resultaat voor burger en maatschappij.

 

De resultaten voor de doelgroep staan bij vormen van resultaatfinanciering centraal. De Social Impact Bond is de meest bekende vorm. Maar let op, het is geen laaghangend fruit. Je kunt als inkoopafdeling of aanbestedingspartij niet een standaard prestatieafspraak maken en dit in een dito contract vastleggen. Het vraagt inspanning om écht om de tafel te zitten over doelen die je voor de doelgroep duurzaam wil behalen. Dat is geen standaard inkoopgesprek, vraagt andere gesprekspartners en niet op de laatste plaats inzicht in wat dynamieken zijn die problemen laten ontstaan en instant houden. Resultaatfinanciering vraagt oprechte interesse in de doelgroep en de wil om patronen en systemen te doorbreken. Ook bij resultaatfinanciering moeten de partijen beducht zijn op perverse prikkels. Resultaatfinanciering vraagt om focus op outcome oftewel impact, hetgeen verder gaat dan output.

 

De geïdentificeerde doelen moeten daarna worden gekwantificeerd en worden verwerkt tot een meetplan. Dit proces is sociale innovatie en co-creatie in een pure vorm, geen oude wijn in nieuwe zakken. Je gaat meten of beoogde doelen worden bereikt en pas dan volgt betaling. Zijn de doelen niet behaald dan ook geen geld. Overheid en private partijen gaan een moreel en financieel contract aan op resultaat. Resultaatfinanciering kent veelal investeerders, hetgeen het een en ander nog complexer maakt. Geen makkelijke weg en vraagt specifieke kennis van beleidsadviseurs, ambtenaren, filantropen en fondsenwervers. Meer kennis kan professionals helpen om te bepalen of ze gemotiveerd zijn voor dit pad. Ook kan meer inzicht in theorie en praktijk ondersteunen bij de keuze of resultaatfinanciering een bruikbaar en een geëigend pad is. Maar goed, een ander pad kan meer bevredigend zijn dan de reeds afgelegde en stukgelopen route!

Prof. dr. Karen Maas, Impact Centre Erasmus
Jacqueline Scheidsbach, Impact Centre Erasmus
Ruben Koekoek, Social Finance NL

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.