of 59123 LinkedIn

Kan gemeente uitslaande schuldenbrand blussen?

Steeds meer mensen kampen met problematische schulden. De consumptiekerk staat in brand. Binnen blijven de gelovigen bidden om meer vuur. Gemeenten krijgen de plicht om te blussen. Tegelijk moeten ze de gelovigen te vriend houden.

Na veel palaver heeft de Tweede Kamer vlak voor het zomerreces een wet aangenomen die gemeenten de verantwoordelijkheid geeft voor schuldhulpverlening. De gemeenteraad moet een plan opstellen dat richting geeft aan de integrale schuldhulpverlening aan de inwoners van zijn gemeente. Ook moet worden aangegeven wat de gemeente er aan doet om te voorkómen dat personen schulden aangaan die ze niet kunnen betalen. Kortom, er wordt een integraal en preventief beleid verwacht van gemeenten.

 

Behalve voor het oplossen van schulden moet er ook aandacht zijn voor omstandigheden die met de schulden verband houden. Dat kan van alles zijn: relatieproblemen, ongunstige woonsituatie, gezondheidsproblemen, verslaving. Zeker als deze omstandigheden de oorzaak zijn van de problematische schulden, moet daar iets aan gedaan worden, anders is hulpverlening water naar de zee dragen. Vaak wordt daarbij in eerste instantie gedacht aan een soort financiële heropvoeding van mensen. Tijdens een congres over armoede en schuldhulpverlening werd dit als volgt verwoord door staatssecretaris De Krom: “Rekeningen moeten gewoon worden betaald en schulden moeten worden afgelost. Mensen moeten er voor zorgen dat zij verplichtingen niet aangaan als zij die niet kunnen nakomen.” Die houding wordt mensen bijgebracht in de schuldhulpverlening: ze krijgen drie jaar lang een afgeperkte hoeveelheid geld om hun huishouden te runnen. Dat is een periode waarin mensen als vorm van heropvoeding – én als straf! – worden buitengesloten van het normale consumeren.

 

De meeste gemeenteraadsleden zullen voorstander zijn van deze consumptie-uitsluiting. Zolang het arme huishoudens zijn die in de problemen raken, lijkt dat ook geen probleem: die hebben so wie so weinig te consumeren. Maar uit de cijfers blijkt dat het steeds meer mensen uit de hogere inkomensgroepen zijn die schuldhulpverlening nodig hebben. Dat is nu al meer dan een kwart. Zeker bij een preventief beleid betekent dit dat de gemeente grote groepen mensen een eigenschap moet leren die funest is voor het functioneren en het voortbestaan van de consumentensamenleving. De mensen moeten namelijk leren zuinig te leven met hetgeen ze hebben, in plaats van geld te lenen om constant nieuwe spullen te kopen.

 

Zal de gemeenteraad zich achter zo’n heropvoedingsbeleid scharen als hij bedenkt welke gevolgen dit kan hebben voor de plaatselijke winkelcentra? Die kunnen naar het oordeel van menige politieke groepering niet groot en druk genoeg zijn. In veel gemeenten houden raadsleden, vaak met succes, krachtige pleidooien om alle zondagen uit te roepen tot koopzondag. Het consumeren is de nieuwe godsdienst geworden: buy or die! Je moet kopen om te leven. Kopen maakt gelukkig. Je moet nieuwe spullen hebben om erbij te horen. Maar nog voordat je thuis bent met die nieuwe spullen, liggen er alweer nieuwere en fraaiere exemplaren in de etalages. Die beloven je pas echt het geluk te brengen. En zo shop je constant achter het geluk aan, zondag na zondag! Mensen geloven daarin. Het economisch systeem draait erop. Bij steeds meer huishoudens staat de consumptiekerk weliswaar in brand, maar de rest van de gelovigen knielt neer bij de banken en blijft bidden om meer vuur. En gemeenten krijgen de wettelijke plicht om te blussen. Het is om pyromaan van te worden!

 

Raf Janssen

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Carla Bosma (secr. Steunpunt Minima St. Houvast) op
prachtig samengevat!
Momenteel komt ook nog het "bewijs" dat over de datum zijnde voedingsmiddelen best geconsumeerd kunnen. Als Voedselbanken met een criteria van 40 euro p p. per week ( in tegenstelling tot de WSNP-GKB criteria van 50 euro p.p één lijn zouden trekken kunnen de mensen 3 jaar voort op over de datum zijnde voedsel. Eén x in de 2 weken zo'n pakket en iedereen is weer tevreden in Ollanda BV.