of 59965 LinkedIn

Uitzondering voor mantelzorgers blijft bestaan

Senatoren wezen erop dat het wetsvoorstel mantelzorg zou ontmoedigen, terwijl de regering dat juist zou moeten stimuleren.

De Eerste Kamer verwierp vandaag een wetsvoorstel dat volgens belangenverenigingen voor meer armoede en dakloosheid zou zorgen. Het gaat om een uitzondering in de Participatiewet die het mogelijk maakt om met zorgbehoevende familieleden samen te wonen zonder consequenties voor de uitkering. 

Grondwet
Mensen die inwonen bij familieleden met een Wlz-indicatie (Wet langdurige zorg) om te voorzien in een zorgbehoefte, hebben een uitzonderingspositie in de Participatiewet. Bij hen wordt het inkomen en vermogen van het familielid buiten beschouwing gelaten bij de bepaling of er recht is op bijstand. Die uitzondering zou in de voorgestelde wijziging van de Participatiewet geschrapt worden omdat die discriminerend onderscheid maakt tussen familieleden en anderen. Dat is in strijd met de grondwet, zeggen voorstanders van de wetswijziging.

Juridisering
De regering wijst dan ook op uitspraken van de Centrale Raad van Beroep en de Hoge Raad die bevestigen dat het huidige onderscheid een discriminerend karakter heeft. Maar tegenstanders van het voorstel noemden dat ‘juridisering’ van het onderwerp. Volgens hen zou het debat moeten gaan over de mensen die door de wetswijziging getroffen worden. Senatoren wezen erop dat het wetsvoorstel mantelzorg zou ontmoedigen, terwijl de regering dat juist zou moeten stimuleren.

Verbreden
Oppositiepartijen FvD, GroenLinks, PvdA, SP, 50PLUS en SGP stelden dan ook voor dat het discriminerende karakter van de wet ook op een andere manier opgeheven kan worden: door de groep die van de uitzondering gebruik kan maken juist te verbreden. Maar voor staatssecretaris Van Ark is dat geen optie, gaf ze al eerder in een debat aan. Coalitiepartijen in de Eerste Kamer betoogden dat een verbreding van de regeling in strijd zou zijn met het uitgangspunt van de Participatiewet dat er rekening wordt gehouden met het huishoudinkomen bij de bepaling van een uitkering. De vier coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en CU stemden voor het wetsvoorstel, maar de coalitie heeft in de Eerste Kamer geen meerderheid.

Daklozen
Verschillende belangenorganisaties riepen de Eerste Kamer op om tegen het voorstel te stemmen. Ze betoogden dat de wijziging het voor sommigen onmogelijk zou maken om voor familieleden te zorgen. Dat zou leiden tot meer woningzoekenden en mogelijk meer dakloosheid. En een verhoogde druk op de maatschappelijke opvang of op zorginstanties levert de overheid alleen maar meer kosten op.

De organisaties, waaronder FNV Uitkeringsgerechtigden, de Kinderombudsman Amsterdam en De Straatalliantie, vinden dat de Participatiewet nog verder aangepast moet worden. Ook de kostendelersnorm, die de hoogte van een uitkering verlaagt naar mate er meer mensen op een adres samenwonen, zou geschrapt moeten worden. De kostendelersnorm zorgt voor dakloosheid, menen de belangenorganisaties, bijvoorbeeld wanneer ouders hun meerderjarige kinderen uit huis moeten zetten vanwege financiële nood.

Minder stringent
In Binnenlands Bestuur spraken de Rotterdamse ombudsman en de kinderombudsman Amsterdam zich al eerder uit tegen de kostendelersnorm. De Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) schreef onlangs in een advies aan de regering dat de kostendelersnorm minder stringent toegepast moet worden. ‘Kinderen moeten van hun ouders het huis uit omdat de ouders anders worden gekort op hun inkomen. Die kinderen hoppen dan van bank naar bank’, zei raadslid Pieter Hilhorst.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Manu (Manu) op
Ik snap de ophef, maar we moeten niet vergeten dat een niet-uitkeringsgerechtigde mantelzorger geen vergoeding krijgt voor de door hem geleverde prestaties, terwijl een uitkeringsgerechtigd familielid die nu wel krijgt in de vorm van het niet toepassen van de kostendelersnorm.
Wat mij betreft had die regeling er dus helemaal nooit morgen komen, voor geen enkele uitkeringsgerechtigde.
We hebben het hier wel over een uitkering die voortkomt uit financiële solidariteit met elkaar, dus ten laste van de gemeenschappelijke beurs.
Dat er ergens gekort moet worden, als de lasten kunnen worden verdeeld over meerdere personen, is m.i. dus logisch.
M.i. is het kernprobleem dat wij geen vergoedingenstelsel kennen voor mantelzorgers. Ik ben zelf (nog) geen mantelzorger, maar zou met alle plezier meer belastingen betalen als daardoor mantelzorgers ook een vergoeding kunnen krijgen voor de zorg die zij leveren en waardoor ons als gemeenschap heel veel kosten blijven bespaard.
Als dan geregeld wordt dat zo'n mantelzorgvergoeding niet leidt tot korting van de uitkering bij uitkeringsgrechtigden, zijn we er ook.
Dan kunnen bijstandsgerechtigden een woon-zorg-relatie aangaan waarin ze weliswaar gekort worden op grond van de kostendelersnorm, maar waarin ze voor de zorgtaken, net als dat bij andere mantelzorgers het geval zou zijn, een vergoeding zouden krijgen.
Door Ria Huisman (directeur) op
Gaat toch het licht branden we promoten mantelzorger te zijn zonder gekort te worden wat in deze wet wel was voorgesteld.
Samen zorgen voor elkaar toch!