of 59345 LinkedIn

Schaven en sleutelen aan meetinstrument Wmo

Den Haag meet de resultaten van ambulante Wmo-begeleiding via de zogeheten GAS-methodiek (goal attainment scaling). Na een ‘pioniersfase’ wordt de methodiek vanaf januari breder in de Wmo toegepast. De meerwaarde staat als een paal boven water, maar er is wel wat gesleuteld. Niet alles werkte zoals gehoopt.

Den Haag meet sinds 1,5 jaar de resultaten van ambulante Wmo-begeleiding via de zogeheten GAS-methodiek (goal attainment scaling). Na een ‘pioniersfase’ wordt de methodiek vanaf januari 2020 breder in de Wmo toegepast. De meerwaarde staat als een paal boven water, maar er is wel wat gesleuteld. Niet alles werkte zoals gehoopt.

Resultaten

Den Haag koos in 2017 voor de GAS-methodiek, een instrument om ‘heel onvergelijkbare resultaten toch op een vergelijkbare manier te meten’, vertelde Wim Bijl, projectleider introductie GAS-meting van Den Haag begin dit jaar in Binnenlands Bestuur. Op een vijfpuntenschaal wordt in beeld gebracht of vooraf vastgelegde resultaten zijn behaald. De gemeente startte met vijf resultaatgebieden (zie kader), die weer werden onderverdeeld in 51 subresultaten. Tussen drie maanden voor en drie maanden na het einde van de indicatie moeten de ‘scores’ worden gemeten. Doel is om inzichtelijk te maken of de hulp van de gecontracteerde aanbieders tot de juiste uitkomsten (resultaten) leidt.

 

Koudwatervrees

Vanaf de start van de GAS-metingen tot nu toe zijn ruim 7.000 scores opgehaald. Grosso modo komt het er – kijkend naar alle resultaatgebieden – op neer dat een derde van de resultaten is behaald en twee derde deels tot niet. ‘Achter cijfers zit natuurlijk altijd een verhaal, maar op het eerste oog vind ik een derde ‘volledig behaald’ wel laag. En ‘deels behaald’ neigt toch naar ‘we hebben langer de tijd nodig’, maar je kunt je afvragen of dat in alle gevallen noodzakelijk en nuttig is’, aldus Bijl. Koudwatervrees van zowel aanbieders als cliënt lijken daar mede debet aan. ‘Als je meldt dat je succesvol bent, in de zin dat het resultaat is behaald, dan denken begeleider en de klant dat er geen vervolghulp meer komt. De resultaten worden iets te voorzichtig ingevuld’, vermoedt Bijl.

 

Hoe concreter, hoe beter

Grote verschillen zijn er tussen de verschillende resultaatgebieden. Binnen het ene resultaatgebied worden resultaten veel vaker behaald dan bij andere. ‘Sommige resultaten zijn moeilijk te vangen in scores’, concludeert Bijl. ‘Hoe concreter, hoe beter’, vult Mirjam Swarte aan, manager resultaat- en risicosturing van de gemeente Den Haag. ‘Met de nieuwe inkoop (vanaf 2020, daarover later meer, red) hebben we een aantal van die resultaten herzien. Die willen we zo concreet mogelijk maken’, stelt Swarte.

 

Struikelblok

Een struikelblok blijkt de vrijblijvendheid van aanbieders om de GAS-scores in te vullen, ook al is het verplicht. Bij de nieuwe contracten, die vanaf januari in gaan, is de eis tot invullen van de scores dwingender opgenomen. Een ander struikelblok bleek het zogeheten driegesprek te zijn. Klant, aanbieder en de gemeentelijke Wmo-consulent zouden samen het behaalde resultaat via de GAS-meting in kaart brengen. ‘We hebben moeten besluiten om het een tweegesprek te laten worden, waarbij de aanbieder en de klant samen dat gesprek voeren’, aldus Bijl. ‘De overweging voor dat driegesprek was dat de klant erbij moest zijn omdat het over die klant gaat, de aanbieder erbij moest zijn omdat die het werk heeft verzet en er geld voor heeft gekregen en de gemeente erbij moest zijn omdat zij de indicatie en de opdracht heeft gegeven en de resultaten heeft bepaald.’ Met de werkdruk en de werkwijze van de wijkteams was het driegesprek echter niet te organiseren. Jammer, want de meerwaarde voor de gemeente zat ‘m er onder meer in dat inzicht werd verkregen of er wel goede indicaties werden afgegeven, stellen Bijl en Swarte.

 

Meerwaarde

Ondanks de mitsen en maren staan Bijl en Swarte nog steeds volledig achter de keuze voor de GAS-methodiek. De GAS-metingen maken de effectiviteit van de geboden hulp inzichtelijk, stellen beiden. Omdat de meerwaarde voor de gemeente als paal boven water staat, wordt de methodiek per januari ook ingevoerd bij intramurale begeleiding zoals beschermd wonen en (een deel van de) maatschappelijk opvang.

 

Kader - De GAS-scores

Den Haag heeft vijf resultaatgebieden gedefinieerd: het voeren van een huishouden, sociaal en persoonlijk functioneren, zelfzorg en gezondheid, dagbesteding en financiën. Per resultaatgebied zijn concrete doelen benoemd, zoals ‘er worden geen nieuwe schulden gemaakt’ (bij het resultaatgebied financiën) of ‘heeft een passende dagstructuur’ (bij het resultaatgebied persoonlijk functioneren). Er zijn in totaal 51 resultaten omschreven. In een beschikking van de gemeente wordt vastgelegd aan welke resultaatgebieden en resultaten moet worden gewerkt. In een ondersteuningsplan tussen klant en aanbieder wordt omschreven op welke manier aan de resultaten wordt gewerkt. Het resultaat daarvan wordt in de periode tussen drie maanden voor en drie maanden na afloop van de indicatie via de GAS-meting in kaart gebracht, variërend van ‘achteruitgang’ tot ‘meer dan behaald’.

 

Lees het hele artikel in Binnenlands Bestuur nr. 22 van deze week (inlog)

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Bill (Volger) op
Dacht nog; mooi model voor de participatiewet / tegenprestatie. Maar als je dan de eerste uitkomsten ziet in de pilot en dat je een cruciaal element - het driegesprek - laat vallen blijft er weinig doelmatigheid over.