of 61869 LinkedIn

Jongerenoverlast Soest fors afgenomen

De aanpak van jongerenoverlast door de gemeente Soest, de politie en het jongerenwerk blijkt op dit moment effectief te zijn. Dat schrijft de lokale rekenkamercommissie. De jongerenoverlast is de afgelopen jaren fors afgenomen.

De aanpak van jongerenoverlast door de gemeente Soest, de politie en het jongerenwerk blijkt op dit moment effectief te zijn. Dat schrijft de lokale rekenkamercommissie. De jongerenoverlast is de afgelopen jaren fors afgenomen.

Fluïde netwerken
De rekenkamercommissie heeft het afgelopen voorjaar onderzoek gedaan naar het gemeentebeleid om jongerenoverlast terug te dringen. In gespreksrondes merkte de commissie bij verschillende fracties dat er zorgen leven over de jongerenoverlast. Het blijkt een actueel thema dat om blijvende aandacht vraagt. De gemeente constateert dat de jongerenoverlast recent fors is afgenomen, maar tegelijkertijd worden vaste groepen vervangen door fluïde netwerken. Reden genoeg voor de commissie voor een nadere beschouwing, waarbij de commissie ook heeft gekeken naar of en zo ja, hoe de gemeente opvolging geeft aan de aanbevelingen naar een soortgelijk onderzoek naar jongerenoverlast in 2013.

Meer capaciteit en expertise
Volgens de commissie lijkt de aanpak doeltreffend, omdat uit de cijfers en de waarnemingen van de gesproken respondenten blijkt dat de jongerenoverlast in Soest fors is afgenomen ten opzichte van een aantal jaar geleden. Deze doeltreffendheid is niet terug te voeren op afzonderlijke maatregelen en interventies, maar heeft volgens de rekenkamercommissie andere verklaringen. Zo is er meer capaciteit en expertise (twee jeugdboa’s, extra uren jongerenwerken, een in jeugd gespecialiseerde wijkagent) bij gemeente en ketenpartners. Ook zijn tussen beide korte lijnen en kennen zij elkaars rollen en bevoegdheden. Hierbij helpt dat het personeelsbestand al een aantal jaar stabiel is.

Forse daling jeugdoverlast
Door deze factoren en ambtelijke en bestuurlijke urgentie is er goed zicht op de actuele situatie en kunnen snelle interventies worden ingezet en uitgevoerd. Ook is er meer dan voorheen aandacht voor een preventieve, op kansen gerichte aanpak, zoals de gebiedsgerichte aanpak in de wijk Smitsveen. De commissie concludeert dat in vergelijking met referentiegemeenten de jeugdoverlast in Soest in 2019 van dezelfde orde van grootte is of zelfs lager. Van 2013 tot en met 2017 scoorde Soest nog fors hoger dan die gemeenten en zelfs hoger dan de gemeente Utrecht.

Adequate regierol gemeente
Het beleid op jongerenoverlast is verder verankerd in lokaal beleid, inclusief samenhang met andere beleidsterreinen en en met regionaal veiligheidsbeleid. Er zijn diverse beleidsvelden (zorg, welzijn, onderwijs, sport) waar de verbinding wordt gelegd met jongerenoverlast. De korte lijnen, snelle interventies en voldoende capaciteit zorgen voor een sterk verbeterde uitvoering van de aanpak van jongerenoverlast. Die toegenomen effectiviteit komt onder meer door de professionalisering van de veiligheids- en zorgketen. De regierol van de gemeente wordt daarin als ‘adequaat’ ervaren.


Overlastmelders zien geen rol voor zichzelf
Overlastmelders bevinden zich in een spagaat. Hun eerste en logische aanspreekpunt is de politie. Professionals doen een beroep op het aangaan van de dialoog met jongeren en het zelfoplossend vermogen van overlastmelders, maar dat is om meerdere redenen niet vanzelfsprekend. Zij voelen zich vaak geïntimideerd en durven jongeren niet aan te spreken, of hebben hen wel aangesproken zonder dat dit tot een oplossing van het probleem heeft geleid. Overlastmelders zijn vooral op zoek naar structurele oplossingen en zien hierin over het algemeen geen rol meer voor zichzelf weggelegd.

Jongeren staan open voor gesprek
Jongeren op hun beurt hebben vooral behoefte aan plekken waar ze buurtbewoners niet storen en staan open voor gesprekken met de buurtbewoners. Gesprekken over en plannen voor alternatieve plekken zijn er, maar tot besluitvorming is het niet gekomen. De rekenkamercommissie constateert dat hierdoor de energie en het enthousiasme van jongeren weglekt. Ketenpartners schatten in dat veel overlast in onderling overleg tussen bewoners en jongeren goed op te lossen is. De jongeren denken zelf dat sleutelfiguren in de wijk, moskeeën, en verenigingen en stichtingen kunnen helpen de dialoog op gang te brengen. Een dialoog tussen melders en jongeren vraagt ondersteuning van ketenpartners, maar dat vindt niet plaats. Alleen de wijkagent pendelt tussen de twee groepen.

Samenwerking scholen in kinderschoenen
Professionals vinden het noodzakelijk om het voortgezet onderwijs als netwerkpartner te betrekken in de aanpak van jongerenoverlast, omdat het nu eenmaal een belangrijk leefmilieu van de jongeren is. Maar die samenwerking staat in de kinderschoenen. Scholen zijn geografisch anders georganiseerd dan de gemeente. Daarom is het voor hen ondoenlijk aan te sluiten bij overleggen of persoonsgerichte aanpak. Er is onlangs wel een start gemaakt met vaste aandachtfunctionarissen van het Jeugdteam op drie basisscholen en één school voor voortgezet onderwijs in Soest.

Ondersteun die dialoog
De commissie concludeert dat de meeste aanbevelingen uit 2013 zijn overgenomen in beleid en uitvoering. ‘Wat ontbreekt is een financiële rapportage met een specificatie van de uitgaven voor de aanpak jongerenoverlast.’ Een nieuwe aanbeveling is om melders en jongeren te ondersteunen bij het aangaan van de dialoog. Daarvoor is bijna altijd een begeleider nodig, want het gaat zelden ‘vanzelf’. Een dialoogbegeleider richt zich op het proces, niet op de inhoud. Dit proces bestaat vooral uit het bieden van veiligheid, structuur, ondersteuning en feedback. Bij veel overlastsituaties zou er een automatisme moeten zijn dat de wijkagent, jongerenwerker of gemeente inzet op het organiseren van die dialoog.

Goede samenwerking met onderwijs nodig
Voor het tijdig signaleren en oppakken van eventuele obstakels is het van belang dat het onderwijs en ketenpartners in de aanpak van jongerenoverlast goed met elkaar samenwerken en elkaar versterken, zodat ze tot één aanpak kunnen komen. De commissie wijst op onderzoek van het Nederlands Jeugd Instituut, waaruit blijkt dat de meerwaarde zit in de aansluiting van een gemeentelijk jeugdteam of een intern zorgteam op een school voor een succesvolle aansluiting tussen voortgezet onderwijs en hulp bij opvoeden en opgroeien op gemeentelijk niveau.


Snellere besluiten
Een derde aanbeveling is te zorgen voor snelle besluiten over gezamenlijke oplossingen die door bewoners en jongeren worden bedacht. ‘Snelle besluiten voorkomen dat een bedachte oplossing niet meer nodig is, omdat de groep jongeren inmiddels in een andere levensfase is en het momentum verloren is. Kenmerkend van overlast door jongeren is immers dat de groepen jongeren komen en gaan.’

Langdurig proces
In een bestuurlijke reactie schrijft het college dat de gemeente afgelopen zomer heeft geprobeerd om een dialoog op te zetten tussen jongeren en overlastmelders, maar dat de laatsten daar geen behoefte aan hadden. Zij vinden dat de gemeente en de politie verantwoordelijk zijn voor het aanspreken van de jongeren op hun gedrag. Een deel van de overlastmelders ging het gesprek wel aan. Daarvan zijn de eerste resultaten volgens het college ‘bemoedigend’. Ook wijst het college erop dat een samenwerking is aangegaan tussen het Jeugdteam en scholen en dat eraan wordt gewerkt om jongerenwerkers beter aan te laten sluiten op de middelbare school. Het vinden van geschikte hangplekken is gaande en moet inderdaad sneller, aldus het college, maar het is ‘een langdurig proces’.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Bas (beleidsmedewerker) op
De vraag is of de jongeren echt minder overlast veroorzaken of dat ze naar de buurgemeente zijn verhuisd. Ik woon in de buurgemeente De Bilt en hier is juist een forse toename van de jongerenoverlast.