of 62236 LinkedIn

Jeugdhulpplicht voor gemeenten

Het wettelijke recht op zorg wordt vervangen door een jeugdhulpplicht van gemeenten. Gemeenten moeten als eerste inzetten op preventie, eigen kracht en hulp en ondersteuning vanuit de sociale omgeving. Als dat niet toereikend is, is het college verplicht een voorziening op het gebied van jeugdhulp treffen.

Preventie en lichte ondersteuning, eigen kracht en demedicaliseren zijn de pijlers van de nieuwe Jeugdwet. Deze is maandag naar de Tweede Kamer gestuurd. Het centrale uitgangspunt is het inmiddels bekende ‘één gezin, één plan, één regisseur’.

Laagdrempelig

De gemeente krijgt per januari 2015 de verantwoordelijkheid voor zowel preventie en jeugdhulp als de uitvoering van jeugdbescherming en jeugdreclassering voor jongeren tot en met 18 jaar. ‘Dit maakt het stelsel eenvoudiger en doelmatiger. Hulp en ondersteuning kunnen zo laagdrempelig, vroegtijdig en integraal worden aangeboden’, aldus de Memorie van Toelichting. Door de complete jeugdzorg in handen van één bestuurslaag te leggen (nu drie), ligt volgens het kabinet een prikkel besloten om extra te investeren in preventie en lichte ondersteuning. ‘Hierdoor zal het beroep op specialistische en gedwongen hulp worden verminderd.’ En daarmee kosten bespaard.

 

Gemeentelijk beleidsplan

De hoofdlijnen van het lokale jeugdbeleid moet periodiek in een beleidsplan worden vastgelegd. Daaruit moet duidelijk worden wat de doelstellingen van de gemeente zijn op het terrein van preventie, jeugdhulp en de  uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering en hoe de gemeente dit gaat regelen. De inhoudelijke keuzes zijn aan de gemeente zelf, maar de wet schrijft wel een aantal kwaliteitseisen voor aan onder meer jeugdhulpaanbieders. Instellingen die zaken gaan doen met gemeenten moeten bijvoorbeeld een hulpverleningsplan opstellen en er moet een verklaring omtrent het gedrag (VOG) voor alle medewerkers van een jeugdhulpaanbieder, uitvoerders van kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering. Naast de wettelijke eisen staat het gemeenten vrij om aanvullende eisen te stellen.

 

Jeugdhulpplicht

Het wettelijke recht op zorg zoals deze nu nog bestaat, wordt vervangen door een jeugdhulpplicht van gemeenten, zo blijkt uit het wetsvoorstel. Gemeenten moeten als eerste inzetten op preventie, eigen kracht en hulp en ondersteuning vanuit de sociale omgeving. Als dat onvoldoende soelaas biedt, is het college verplicht een voorziening op het gebied van jeugdhulp treffen. De gemeente beslist zelf of en welke voorziening een jeugdige nodig heeft. Zij is echter wel verplicht een deskundige te laten adviseren en beoordelen of en welke jeugdhulpvoorziening nodig is. Als een gemeente tekort schiet in haar ‘jeugdhulpplicht’ is het in eerste instantie aan de  gemeenteraad om aan de bel te trekken. Als sprake is van ernstige en structurele nalatigheid van een gemeente, moet de provincie zich erover buigen.

 

Continuïteit zorg

In de Jeugdwet is een aantal harde voorwaarden opgenomen die de continuïteit van zorg moet borgen; een politiek heikel punt. Gemeenten moeten in 2015 alle zorg voor de bestaande cliënten blijven afnemen bij de zorgverleners waar deze mensen dan zorg krijgen of voor zorg zijn geïndiceerd. Hiermee is ongeveerd 40 procent van het jeugdzorgbudget gemoeid. Uiterlijk 31 oktober moeten regionale transitiearrangementen zijn opgesteld waarin gemeenten aangegeven hoe de continuïteit van zorg en de infrastructuur wordt geregeld. Als blijkt dat de continuïteit van zorg onvoldoende wordt gerealiseerd, kunnen de ministers aan de gemeenten in de betreffende regio een aanwijzing geven. Deze aanwijzingsbevoegdheid is in de Jeugdwet opgenomen. Tot slot mag bestaande inkoopkennis niet verloren gaan; deze moet aan gemeenten worden overgedragen. Gemeenten moeten hierover afspraken maken met provincies of zorgverzekeraars.

 

Verdeelmodel

Via een decentralisatie-uitkering binnen het gemeentefonds wordt het budget voor de jeugdzorg (ruim 3,3 miljard euro) aan gemeenten overgeheveld. In de meicirculaire 2014 wordt het definitieve bedrag per gemeente bekend gemaakt. Daarvoor worden de dan meest recente gegevens (objectief verdeelmodel) gebruikt.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Moeder ((voormalig vrijwilliger autisme)) op
Om betaald of onbetaald werk bij kinderen met autisme te kunnen doen moet je ongelooflijk veel ervaring hebben. Anders loop je binnen een mum van tijd helemaal vast in het contact met het kind. Dat is ook het probleem bij 'passend onderwijs' (plus te grote klassen). Als ervaren moeder heb je dan een flinke voorsprong, maar ik had al heel veel training gehad via jeugd-GGZ en de organisatie waarvoor ik vrijwilligerswerk deed. Helaas moest ik stoppen met vrijwilligerswerk. Door alle bezuinigingen moet ook ik betaald werk gaan doen om noodzakelijke professionele zorg voor ons kind te kunnen betalen.
Door Moeder/ voormalig vrijwilliger autisme (Moeder/ voormalig vrijwilliger autisme) op
Om kosten te besparen is het van essentieel belang om autisme, hoe licht ook, op te sporen. Als je dat niet doet, dan lopen de problemen uit de hand zonder dat het nodig is. Voorbeelden: een kind dat autisme heeft, kan de indruk wekken dat het heel zwaar mishandeld werd. Er is dan alleen sprake van een routine die anders verloopt. Een kind kan school weigeren omdat het fietslicht niet brandt. Zonder fietslicht mag je immers absoluut niet in het donker fietsen! Dat spijbelen erger is, begrijpt een kind met autisme niet. Een ouder kind hoort niets, en dat lijkt opzet. Het is geen opzet van het kind. Maar intussen worden mensen om hem heen woedend. Soms geven zelfs - normaal gesproken weldenkende - volwassen van het volgende huizenblok dan klappen aan de jongen. Zie als ouder dan maar alles in goede banen te leiden zonder GGZ -professional die verstand heeft van de problemen. Met een school erbij die het niet aankan (zie rapport Rekenkamer vandaag). .
Door Pierre op
450 miljoen korting op begrote rijksbudgetten , die op werkelijke basis structureel met honderden miljoenen wordt overschreden, idem in mindere mate voor provinciaal geld , 70 mio lagere eigen bijdragen die ook ergens terugverdiend moeten worden en dan ook nog eens bepalen hoe een groot deel van de uitgaven wordt vastgelegd. Dat is geen medebewind meer, dat is gewoon lagere overheden naar artikel 12 jagen. Ofwel onbehoorlijk bestuur. En Dijsselbloem kan dan beter ophouden met zijn achterlijke wetje HOF. En schatkistbankieren? wanneer lagere overheden op deze manier worden gepakt gaat die wet nergens meer over, want geld uitzetten is dan slechts academische discussie geworden. Zit het parlement nu gewoon te slapen?
Door J. Visscher (beleidsmedewerker) op
U schrijft 'voor jongeren tot en met 18 jaar' maar ik heb begrepen dat het gaat om voor jongeren tot 18 jaar