of 62236 LinkedIn

Inspectie: gemeenten bezuinigen op zorg kleine kinderen

Sandra Olsthoorn Reageer
Gemeenten kregen meer geld voor de jeugdgezondheidszorg en toch bezuinigen ze. De Inspectie voor de Gezondheidszorg spreekt van ‘zorgelijke tendens’.

De oprichting van de Centra voor Jeugd en Gezin (CJG) dreigt ten koste van de zorg aan jonge kinderen te gaan. De inspecteurgeneraal van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, Gerrit van der Wal, stelt dat er een ‘reëel risico’ is dat te veel kwetsbare kinderen onnodig terecht komen op wachtlijsten voor dure specialistische zorg.

 

Hij spreekt in een brief aan minister Rouvoet voor Jeugd en Gezin zijn zorgen uit over bezuinigingen die gemeenten volgens hem doorvoeren in de jeugdgezondheidszorg, en met name op de zorg nul tot vierjarigen. ‘Bezuinigen is steeds vaker het gespreksonderwerp in de contacten tussen de organisaties die de JGZ uitvoeren en de gemeente, schrijft hij in de brief. ‘Gemeenten doen daarbij allerlei suggesties om de kosten te verminderen, zoals het verminderen van het aantal contactmomenten. Ook wordt er bezuinigd op maatwerkactiviteiten.’

 

Van der Wal spreekt van een ‘zorgelijke tendens’, veroorzaakt door de oprichting van de Centra voor Jeugd en Gezin en de invoering van het Elektronisch Kinddosier. Geld dat vroeger naar de zorg zelf ging gaat nu op aan het realiseren van deze zaken, constateert hij. Hoewel gemeenten extra geld kregen voor de jeugdgezondheidszorg merken de medewerkers daar weinig van, maakt de inspecteur-generaal op uit gesprekken.

 

Niet genoeg

 

Nog deze kabinetsperiode moeten alle gemeenten één of meerdere CJG’s hebben: inlooppunten voor onder meer opvoedondersteuning. Ook krijgen alle medewerkers aansluiting op en training voor het elektronisch kinddossier. Het kabinet heeft voor de oprichting van de centra jaarlijks een bedrag uitgetrokken oplopend tot honderd miljoen in 2011. Voor het kinddossier is twintig miljoen ingeboekt. Gemeentekoepel VNG waarschuwt al tijden dat beide bedragen niet genoeg zijn en dat het geld bovendien te laat komt.

 

Voor de CJG’s bijvoorbeeld was in 2008 maar 25 miljoen euro uitgetrokken, waardoor gemeenten die al wilden beginnen moesten voorfinancieren, stelt de VNG. En de invoeringskosten voor het kinddossier schat de vereniging op 72 miljoen. In het bestuursakkoord is afgesproken dat gemeenten zelf ook honderd miljoen bijdragen. In een brief aan het kabinet over de centra waarschuwde de VNG onlangs weer dat gemeenten daartoe niet gedwongen kunnen worden, en dat gemeenteraden hun eigen afwegingen maken.

 

Keuzes

 

De koepelorganisatie van de thuiszorg, ActiZ, herkent zich in de waarschuwing van de inspectie. Woordvoerder Jaap Knoppert: ‘Ook wij ontvangen die signalen. De exacte omvang is niet helder en daarom stellen wij voor om dit via een onafhankelijk onderzoek exact in kaart te brengen. Dat er minder geld is kan deels liggen in het feit dat het geld nu anders wordt verdeeld en dat sommige gemeenten, met name op het platteland minder budget hebben. Maar dat neemt niet weg dat iedere gemeente zelf keuzes kan maken en dus heel goed meer middelen kan inzetten voor de jeugdgezondheidszorg nul tot vier jaar.’

 

GGD Nederland is voorzichtiger en denkt niet dat er wordt bezuinigd. Wel kregen de instellingen er taken bij, zonder dat daarvoor extra geld kwam. Monique Kavelaars is bestuurslid van GGD Nederland op het gebied van jeugdgezondheidszorg: ‘De opdracht is om meer aandacht te besteden aan kinderen waar de kans op problemen groter is. Dat omarmen we ook. Maar je komt meer op het spoor, waardoor de vraag naar zorg groter wordt. Daar is nu geen geld voor.’

 

Niet langer één zorgsysteem

 

De Inspectie is van gedachten veranderd in de discussie over een integrale jeugdgezondheidszorg. Ze vindt het niet langer nodig dat de hele gezondheidszorg voor jongeren tot negentien jaar in handen van één partij komt. Van oudsher was de zorg in tweeën ‘geknipt’: de kleintjes tot vier jaar gingen naar het consultatiebureau van de thuiszorg en de zorg voor vier- tot negentien-jarigen werd uitgevoerd door de GGD. De inspectie was altijd voorstander van samenvoegen, omdat de ‘knip’ voor afstemmingsproblemen zorgde.

 

Maar dat gaat nu al veel beter, constateert de inspectie in de brief aan minister Rouvoet. Bovendien blijft er toch afstemming nodig omdat ook maatschappelijk werk een deel van de zorg voor rekening neemt. De energie die gaat zitten in samenvoegen kan beter worden gestoken in het goed functioneren van de Centra voor Jeugd en Gezin, vindt inspecteur-generaal Van der Wal. De laatste maanden is in veel regio’s wél gekozen voor één uitvoerder. In zestien van de 28 GGD-regio’s is nu integrale zorg, in drie is het onderwerp van gesprek.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.