of 59147 LinkedIn

Drempel ‘stroppenpot’ moet omlaag

De drempel voor de ‘stroppenpot’ voor de jeugdhulp en Wmo met omlaag en het macrobudget jeugd moet worden aangepast. Dat vinden de zeventien gemeenten van de regio Zuid-Holland Zuid.

De drempel voor de ‘stroppenpot’ voor de jeugdhulp en Wmo moet omlaag. Dat vinden de zeventien gemeenten van de regio Zuid-Holland Zuid. De gemeenten moeten opnieuw miljoenen bijpassen om het tekort op de jeugdhulp in de regio te dekken, maar komen niet voor een bijdrage van de stroppenpot van 200 miljoen euro in aanmerking. De gemeenten dringen daarnaast - nogmaals - bij het rijk aan op aanpassing van het macrobudget. Zij vinden het ‘onverteerbaar’ dat de extra kosten alleen op het bordje van de gemeenten komen te liggen.

Grens overschreden

De zeventien gemeenteraden moeten 4,7 miljoen euro extra vrij maken, zo is woensdag bekend gemaakt. Dat is althans het voorstel van het Algemeen Bestuur van de Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid (ZHZ), die de hulp voor de regio inkoopt. Tot en met 2018 hebben de zeventien gemeenten al zo’n 17 miljoen extra geïnvesteerd en het einde lijkt nog niet in zicht. ‘De grens is inmiddels ruim overschreden. We hebben als gemeenten ook rekening te houden met andere opgaven waarvoor investeringen nodig zijn’, stelt de Zwijndrechtse wethouder jeugd Jolanda de Witte, coördinerend portefeuillehouder Jeugd ZHZ.

 

Extra wrang

De regio werkt aan meer inzet op preventie en de transformatie, maar dat laat zich nog niet uitbetalen. Ook is sprake van een toenemende vraag naar jeugdhulp. Om alle kinderen te helpen, stelt het Algemeen Bestuur voor om toch weer meer geld vrij te maken. De regio vindt het wel extra wrang dat de gemeenten wel moeten meebetalen aan het fonds voor tekortgemeenten, maar ondanks forse tekorten geen aansprak kan maken op die stroppenpot. De helft van dat fonds van 200 miljoen euro wordt door het rijk, en de andere helft door alle gemeenten gevuld.


Drempel

Om voor het fonds tekortgemeenten in aanmerking te komen, moet sprake zijn van een gecumuleerd tekort van 20 euro per inwoner over zowel 2016 en 2017; dus van 40 euro per inwoner. Als die drempel wordt gehaald, wordt in principe het gehele tekort gecompenseerd. Als er meer aanvragen worden gedaan dan er geld in de pot zit, wordt met een staffel gewerkt. Gemeenten met grotere tekorten krijgen dan relatief meer compensatie. Tot 15 september kunnen tekortgemeenten een aanvraag indienen. De VNG heeft een onafhankelijke commissie ingesteld die de aanvragen beoordelen.


Solidariteit

Naast verlaging van de drempel, vinden de zeventien gemeenten dat niet alleen de tekorten over 2016 en 2017 moeten worden meegenomen, maar ook die over 2015. Verder stellen de gemeenten dat, omdat ze solidair zijn met elkaar, ten onrechte niet in aanmerking komen voor een bijdrage uit de stroppenpot. De overschotten en tekorten op de jeugdzorg wordt verdeeld over de zeventien gemeenten naar rato van de verkregen rijksbijdrage Sociaal Domein onderdeel jeugd. Gemeenten nemen dat in hun jaarrekening op. In werkelijkheid zijn er per gemeente grote verschillen in tekorten en overschotten. Gemeenten met grote tekorten komen niet voor een bijdrage uit het fonds in aanmerking, terwijl dat wel zo zou zijn als de ‘solidariteitsregel’ zou worden losgelaten.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Rea List (Positivist in hart en nieren) op
Lekker makkelijk: niet meer uitgeven dan er wordt ontvangen. Kunnen we dan ook 'de vervuiler betaalt' weer van stal halen en de ouders laten betalen aan de ellende die door hun tekortkomingen jongeren wordt aangedaan? En dan niet alleen via belastingheffing dit binnen harken maar de rekening daar neer leggen waar het vuil ontstaat: de ouders.....?
Door H. Wiersma (gepens.) op
Het lijkt er op dat de desbetreffende gemeenten vooral zelf eens de bezem door de totale financiële opzet van de jeugdhulp moeten halen. Gewoon niet meer uitgeven dan er rijksmiddelen worden ontvangen.