of 59345 LinkedIn

Bijna een derde budget jeugd naar coördinatie zorg

Bijna dertig procent van de totale middelen voor jeugd gaat op aan het organiseren en coördineren van zorg. Bij de Wmo gaat het om een kwart van het budget. Dat heeft bureau Berenschot berekend.

Bijna een derde van de totale middelen voor jeugd gaat op aan het organiseren en coördineren van zorg. Bij de Wmo gaat het om een kwart van het budget. Het gaat in totaal om bijna twee miljard euro. Dat heeft bureau Berenschot berekend.

Grip

Slechts vier tot zeven procent van deze zogeheten coördinatiekosten gaat naar de toegang tot zorg. Dat is opmerkelijk laag, vindt Berenschot. ‘Consulenten in de toegang worden vaak ondergewaardeerd, terwijl ze de sleutel vormen tot passende zorg én grip op de kosten in het sociaal domein’, aldus senior consultant Paul Schenderling en managing consultant Wouter Poels.

 

Apparaatskosten

Berenschot analyseerde de bestedingen van de totale zorgkosten binnen de jeugdzorg en de Wmo, op basis van gegevens van gemeenten, het ministerie van VWS, de Inspectie en zorgaanbieders. Zij stellen dat bij de jeugdzorg naar schatting 29 procent van het beschikbare budget wordt besteed aan ‘apparaatskosten’. Daar valt onder meer beleid, toegang en administratie, inkoop en facturatie en monitoring en verantwoording onder. Bij de Wmo gaat het naar schatting om 25 procent. In de jeugdzorg ging vorig jaar 3,7 miljard euro om, in de Wmo 3,8 miljard euro.

 

Onvoldoende inspraak

Van de totale kosten voor het organiseren en coördineren van zorg, gaat vier tot zeven procent op aan het organiseren van de toegang; dat is een tot twee procent van het totaal beschikbaar budget. ‘Binnen het gemeentelijk aandeel in de coördinatiekosten is dit 25-35 procent van de kosten, wat nog steeds een relatief beperkt aandeel is’, vindt Schenderling. Medewerkers die de zogeheten keukentafelgesprekken voeren en de benodigde zorg of ondersteuning adviseren en/of indiceren moeten meer mandaat en meer middelen krijgen, vinden Poels en Schenderling. Ze worden volgens hen vaak ondergewaardeerd en onvoldoende in staat gesteld om vragen van hulpbehoevende inwoners goed af te handelen. ‘Ze hebben onvoldoende inspraak in beleid, te maken met hoge (tijds)druk, hebben vaak beperkt inzicht in de cijfers, beperkte bewegingsvrijheid om zelf keuzes te maken’, aldus Poels.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker (n.v.t.) op
De apparaatskosten zouden m.i. niet meer dan 20% tot 25% mogen zijn. Er is dus nog wel een productiviteitsslag te maken in de zorgsector.
Door Ruut van Andel op
Graag een link naar de brondata en een analyse per gemeente toevoegen. Dit is te hoog over en onduidelijk op welke informatie het is gebaseerd.
Door Ruut van Andel op
Graag een link naar de brondata en een analyse per gemeente toevoegen. Dit is te hoog over en onduidelijk op welke informatie het is gebaseerd.
Door Ruut van Andel op
Graag een link naar de brondata en een analyse per gemeente toevoegen. Dit is te hoog over en onduidelijk op welke informatie het is gebaseerd.