of 59147 LinkedIn

Hoe ingewikkeld kan het begrip ‘middelen’ zijn?

AfbeeldingDe bijstand is complementair. Met andere woorden, de bijstand vult het inkomen aan als het inkomen lager is dan de bijstandsnorm en er geen in aanmerking te nemen vermogen is. Dat klinkt heel eenvoudig! Toch blijkt – ook hier – de praktijk weerbarstiger dan de theorie.

Die weerbarstigheid begint zodra iemand ‘middelen’ krijgt. Middelen zijn alle vermogens- en inkomensbestanddelen waarover de betrokkene beschikt of redelijkerwijs kan beschikken. Maar waar gaat het  dan om?


Redelijkerwijs over kunnen beschikken

De eerste moeilijkheid komt al heel snel. Het gaat namelijk niet alleen om middelen waarover iemand beschikt, maar ook om middelen waarover iemand kan beschikken. Ofwel, middelen die hij niet heeft, maar wel kan krijgen of middelen die hij wel heeft maar die hij niet kan uitgeven. Uit uw onderzoek kan het volgende blijken:

  • Betrokkenen hebben middelen en kunnen die gebruiken voor levensonderhoud. Denk aan salaris of geld op hun spaarrekening.
  • Betrokkenen hebben middelen maar kunnen die niet gebruiken. Bijvoorbeeld omdat er beslag op is gelegd of omdat het in een woning zit die niet verkoopbaar is.
  • Betrokkenen hebben geen middelen, maar zouden die wel kunnen krijgen. Bijvoorbeeld alimentatie of een erfenis waar ze aanspraak op kunnen maken.


Inkomen of vermogen?

Als u weet of iemand over de middelen kan beschikken, dan komt de vraag of er sprake is van inkomen of vermogen. Vermogen is in de wet omschreven als ‘middelen die niet aan te merken zijn als inkomen’. U moet dus weten of het inkomen is. Zo niet, dan is het vermogen. Van inkomen is sprake als de ontvangsten:

  • een periodiek karakter hebben;
  • gericht zijn op levensonderhoud; en
  • betrekking hebben op de periode waarover recht bestaat.

Om het nog  wat makkelijker te maken is er ook sprake van inkomen als het gaat om ontvangsten die ‘naar hun aard met deze inkomsten overeenkomen’. Denk bijvoorbeeld aan een alimentatieafkoopsom.


Telt het mee of niet?

U weet of iemand kan beschikken over middelen en u weet of het inkomen is of vermogen. Maar dan bent u er nog niet! De volgende vraag is of deze middelen `in aanmerking genomen’ kunnen worden. Oftewel, of ze van invloed zijn op het recht op of de hoogte van de bijstand. En ook daar heeft u weer heel veel smaken. Er zijn middelen die altijd in aanmerking worden genomen, zoals salaris, pensioen of inkomsten uit verhuur van de woning. Er zijn ook middelen die nooit meetellen, zoals kinderbijslag of reiskostenvergoeding van de werkgever. Maar er zijn ook middelen die soms wel meetellen en soms niet. Zo telt een gift niet mee als deze verenigbaar is met de bijstand, anders wel. Veel gemeenten hebben als beleid dat auto’s onder een bepaalde waarde of leeftijd niet meetellen, daarboven wel. Vermogen dat ‘algemeen gebruikelijk is’ of ‘noodzakelijk voor belanghebbende’ telt niet mee. Zelfs inkomen dat meetelt, kunt u in sommige gevallen vrijlaten. Er zijn verschillende vrijlatingen van inkomsten uit werk, om mensen te motiveren  aan de slag te gaan.


Leuker kunnen we het niet maken, effectiever wel

Maar makkelijk is het ook niet bepaald. Voor u weet wat u moet doen met middelen die iemand heeft of niet heeft maar wel kan krijgen, bent u heel wat stappen verder. Bovendien moet u een hoop zaken afwegen waarvan het de vraag is of u dezelfde afweging maakt als uw collega zou doen. Het kan hierbij helpen om beleid te formuleren waarin u de gewenste effecten centraal stelt. Bespaart iemand de gemeente geld door een gift te regelen voor kosten die u anders uit bijzondere bijstand had betaald? Zonde om het niet vrij te laten. Past perfect bij de zelfredzaamheid en het complementaire karakter.


Heb vertrouwen in de professionaliteit van de klantmanager

Alle mensen zijn verschillend, óók klantmanagers. Dus wat de ene belangrijk of gebruikelijk vindt, hoeft de ander helemaal niet belangrijk te vinden. Juist daarom is het van belang  daarover het gesprek te voeren bij afdelingsoverleggen. Waarom heeft iemand iets wel of juist niet vrijgelaten? En dan is het wetsartikel interessant, maar nóg interessanter is om te bespreken welke overtuiging daarachter ligt. Dan komt de echte professionaliteit van de klantmanagers naar boven en kunnen zij gezamenlijk inkleuren wat belangrijk of gebruikelijk is. Dáár zit de waarde van de klantmanager!

 

Wilt u meer leren over middelen en andere facetten van het werk van een klantmanager? Op 17 september 2018 start de opleiding ‘Klantmanager inkomen’. Meld u dan nu aan.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingStimulansz
Kon. Wilhelminalaan 5
3527 LA Utrecht
030 298 28 00
www.stimulansz.nl
info@stimulansz.nl

Meer nieuws

Schuldhulpverlening

Afbeelding

Agenda november

1 november   Begeleiding in de Wmo 2015: van onderzoek tot indicatie 
8 november SJD Actualiteiten Participatiewet (PW) 
8 november Kwaliteitscontrole Concerncontrole Gemeente
13 november Platform Bezwaar en Beroep
16 november Tour van Wet naar Werk
19 november Effectieve ondersteuning van statushouders
21 november Platform Participatie en werk
27 november SJD Actualiteiten Algemene wet bestuursrecht en Wmo 2015
29 november SJD Actualiteiten Fraudealertheid loont
30 november        Tour van Wet naar Werk

Kijk voor het volledige aanbod op www.stimulansz.nl

Alles over sociaal juridische regelingen in één boek:Afbeelding

Whitepapers

Afbeelding

Bloggers