of 62812 LinkedIn

‘We gebruiken elkaars ogen en oren’

Na de intelligente lockdown waren gemeenten en maatschappelijke organisaties bezorgd over de gevolgen voor kwetsbare bewoners. Welke problemen ondervonden ze? Samenwerking tussen gemeenten en corporaties brengt de oplossingen eerder in beeld. 

Na de intelligente lockdown waren gemeenten en maatschappelijke organisaties bezorgd over de gevolgen voor kwetsbare bewoners. Welke problemen ondervonden ze? Samenwerking tussen gemeenten en corporaties brengt de oplossingen eerder in beeld. 

Gemeente en corporatie zoeken elkaar op in coronatijd

In de eerste dagen van de lockdown maakten medewerkers van woningcorporatie Parteon in de gemeente Zaanstad zich vooral zorgen om hun oudere huurders. Zou de sociale isolatie voor hen extra zwaar zijn? Een team van medewerkers van verschillende afdelingen startte met het bellen van de 1.500 tachtigplussers. Al snel bleek dat het met de meesten eigenlijk heel goed ging. ‘Ze waardeerden de belangstellende telefoontjes ’, zegt Sylvia van Heuven, regisseur klanten bij Parteon. ‘Maar extra hulp hadden ze meestal niet nodig. Zorgzame familie of buren hielden hen goed in de gaten.’

Ondertussen hoorde Van Heuven wel zorgen over andere groepen. Monica Briefjes, wijkmanager van de gemeente Zaanstad, maakte zich ongerust over mensen die uit beeld dreigden te raken. Hoe zou het gaan met de grote gezinnen in kleine woningen met weinig buitenruimte? Met alleenstaande ouders die opeens ook juf of meester waren geworden? Briefjes hoorde signalen van gezinnen waar twee of meer kinderen het digitale thuisonderwijs samen op één mobieltje probeerden te volgen. Terwijl er op school laptops klaar lagen. Briefjes: ‘In het stedelijk overleg met de onderwijskoepels bleek dat er die eerste weken veel op scholen afkwam. Het onderwijskundig en technisch organiseren van onderwijs op afstand was een klus. Scholen hadden geen tijd om ouders te bellen.’

Briefjes en Van Heuven kennen elkaar goed. Ze spreken elkaar bijna maandelijks in een overleg waar ook medewerkers van het sociaal wijkteam aanschuiven. Daarom konden ze nu snel schakelen. De corporatie gaat gezinnen in kwetsbare wijken bellen om de hulpvragen in beeld te krijgen. Briefjes: ‘De gemeente kan niet zomaar burgers opbellen met de vraag hoe het met ze gaat. Denk alleen al aan de beperkingen door de AVG. De corporatie heeft als verhuurder een legitieme reden om contact met haar huurders te zoeken en ze hebben de telefoonnummers.’

Stapeling
Ze spreken af dat de corporatie begint bij flats in Wormerveer. Daar wonen de meest kwetsbare gezinnen. Sommigen hebben een stapeling van psychosociale problemen en krijgen ambulante begeleiding van een ggz-instelling. Een team van zes corporatiemedewerkers start met de eerste flat van negentig woningen. ‘Niet iedereen laat meteen het achterste van zijn tong zien’, zegt Van Heuven. ‘Soms is er eerst argwaan: waarom bel je? Vervolgens willen mensen een kwartier lang praten.’ De corporatiemedewerkers vragen door: hebben de kinderen toegang tot een geschikte computer? Is er internet? Spelen er andere zaken?

De corporatie is natuurlijk geen hulpverleningsinstantie, benadrukt Van Heuven. ‘Wij hebben de toegang tot de bewoners, de gemeente heeft toegang tot hulpmiddelen, zoals laptops. Wij leggen de verbinding met de wijkmanager, met de sociale wijkteams of de wijkagent. Met een warme introductie.’ Uit die eerste flat zijn vijf gezinnen doorverwezen. Parteon is met de belactie doorgegaan in enkele andere flats.

‘Wij hebben gemerkt dat het zo mogelijk is om laagdrempelig contact te leggen met bewoners’, zegt Van Heuven. De laatste weken zijn de gesprekken minder gerelateerd aan de corona-maatregelen. Het gaat nu ook over de leefbaarheid in de wijk, ook omdat het aantal overlastmeldingen is toegenomen. Inmiddels hebben enkele bewoners zich al beschikbaar gesteld als ‘leefbaarheidsadviseur.’ Samen met medewerkers van de corporatie, de gemeente en de sociale wijkteams gaan zij de komende tijd kijken wat er nodig is om de buurt leefbaar te houden. ‘Voor de gemeente is de samenwerking met de maatschappelijke partners van wezensbelang’, zegt Briefjes.

Behalve Parteon speelt onder meer ook de aanbieder van de ambulante ggz een belangrijke rol. ‘Samen hebben we ons de afgelopen periode steeds weer de vraag gesteld: welke groepen gaan de meeste last krijgen van de coronamaatregelen? Hoe krijgen we die hulpvragen snel in beeld? Welke partner heeft de beste ingang tot welke groep? Dat kon omdat onze lijntjes al kort waren en misschien zijn ze in coronatijd nog korter geworden.’

Initiatieven
Gemeenten, corporaties en andere maatschappelijke organisaties hebben bewoners in kwetsbare wijken de afgelopen periode niet in de steek gelaten. De tijdelijke Werkgroep Sociale Impact van de Coronacrisis – onder voorzitterschap van de burgemeester van Amsterdam – publiceerde eind mei tientallen sociale initiatieven. Van crisiswoningen voor mensen met acute huisvestingsproblemen, dagbesteding voor dementerende ouderen, laptopregelingen voor kinderen tot telefonische hulplijnen voor financiële problemen. ‘Nederland kent een hoge mate van organisatie en professionaliteit’, aldus de tijdelijke werkgroep. De crisis laat in ieder geval zien dat de lokale samenwerkingsverbanden functioneren, is een van de conclusies.

Dat valt ook Binnenlands Bestuur op in een klein rondje langs een aantal gemeenten. Omdat de lokale samenwerking al stevig is, kunnen de partners nu extra stappen zetten, zegt Jolande Uringa, woordvoerder van de Utrechtse woningcorporatie Mitros. De technische vakmannen van de corporatie hadden in het begin van de coronacrisis opeens meer tijd – de eerste weken voerden ze bij bewoners in huis enkel spoedklussen uit. Op verzoek van de plaatselijke voedselbank gingen ze pakketten bezorgen bij mensen die de deur niet uit konden. Nu de buurtbeheerders niet lijfelijk achter de voordeur konden komen, belden ze huurders om te vragen hoe het ging. De signaalfunctie bij deze corporatie was al sterk en ‘corona heeft alles op scherp gezet’ aldus de woordvoerder.

De gemeente Utrecht bevestigt de stevige samenwerking met de corporaties in de stad. Daarbij zijn ook de buurtteams van de gemeente en de hulpverleningsorganisaties betrokken. Vanaf het moment dat de maatregelen rond corona van kracht gingen, is de samenwerking geïntensiveerd, zegt een woordvoerder. De partijen stemmen wekelijks af wat de zorg- en knelpunten zijn en zoeken naar gezamenlijke oplossingen. Alle huurders van 70-plus zijn bijvoorbeeld actief benaderd met een hulpaanbod. Bij burenconflicten of andere meldingen is bemiddeling ingeschakeld. De vrijwillige bemiddelaars hebben inmiddels allemaal een ‘training online bemiddelen’ gevolgd.

Uit Den Bosch klinkt een eensgezind geluid van Miriam Nienhuis, directeur maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente, en Simone van Raak, projectleider maatschappelijke ontwikkeling bij corporatie Zayaz. Ook hier is jarenlang in de samenwerking tussen gemeente, corporaties en andere maatschappelijke partners geïnvesteerd. ‘Dat betaalt zich in deze crisis terug.’ Van Raak: ‘De wijkbeheerders en huis meesters van onze corporatie zijn gewend samen te werken met de gemeentelijke wijkteams, met de zorg- en welzijnsinstellingen. De professionals en de bestuurders kennen en ontmoeten elkaar. De gemeente coördineert die netwerken.’

Heel praktisch
De afgelopen tijd was ook in Den Bosch de centrale vraag: hebben we de kwetsbare mensen in beeld en wie kan hulpvragen het beste oppakken? De gemeente verzamelde signalen van de wijkprofessionals uit allerlei sectoren. ‘In het begin van de coronacrisis deden we dat structureel twee keer per week.’, zegt Nienhuis. ‘We gebruikten elkaars oren en ogen. Zijn er kinderen die niet meedoen met het thuisonderwijs? Hoe gaat het met de mensen die niet meer naar dagbesteding kunnen? Kunnen we alternatieve huisvesting regelen als blijkt dat mensen in de maatschappelijke opvang besmet raken? Dat ging allemaal heel praktisch: snel schakelen en kijken wie uitvoerbare oplossingen heeft.’

Zayaz heeft haar huurders via verschillende kanalen opgeroepen om vooral contact op te nemen als ze hulp nodig hebben. Bijvoorbeeld bij betalingsproblemen met de huur. De bestuurder van de corporatie en Nienhuis waren het er al snel over eens dat in coronatijd niemand vanwege huurschulden uit huis wordt gezet. Huurders die in financiële problemen kwamen, zijn door de corporatie zo nodig verwezen naar het gemeentelijke initiatief Eerste Hulp bij geldzaken. Van Raak: ‘Elke situatie is anders, daarom belden we sommige van hen ook regelmatig. Om even te horen hoe het gaat. Om te horen of andere hulp nodig is.’

In de eerste fase was het vooral een kwestie van snel besluiten nemen, zeggen Nienhuis en Van Raak. ‘Niet te ingewikkeld doen, maar actie ondernemen.’ Daarbij werd natuurlijk wel voor de noodzakelijke bestuurlijke dekking gezorgd. Bijzondere zaken werden met het gemeentebestuur gedeeld. Maar de samenwerking in het sociale domein is in wezen niet veel anders dan voor corona, vervolgen ze. ‘De basis is goed. En als een structuur werkt, hoef je er geen nieuwe dingen aan toe te voegen.’ Ook in Arnhem waren al in de eerste weken zorgen over de bewoners in kwetsbare wijken. Bijvoorbeeld over kinderen die hun huiswerk in de auto moesten maken.

Omdat er binnen geen ruimte en rust was nu iedereen gedwongen thuis zat. Het is een van de vele voorbeelden die de gemeentelijke wijkmanager Bianca van der Weijden ter ore kwam. In overleg met de scholen heeft de gemeente huiswerklocaties voor deze kinderen gezocht. Het bestaande lokale samenwerkingsverband blijkt ook hier goed te werken. ‘De lijnen in ons overlast- en zorgoverleg zijn kort. Daarin zitten vertegenwoordigers van de gemeente, de drie grote corporaties uit de stad, een welzijnsorganisatie, de maatschappelijke opvang en de wijkagenten.’

Positief
Eigenlijk kan Van der Weijden er kort over zijn. In de coronatijd zijn er geen opvallende dingen veranderd in deze samenwerking. ‘Dat vind ik positief. We weten elkaar gewoon goed te vinden.’ Valt er dan niks te verbeteren in de samenwerking in het gemeentelijke sociale domein? De vraag rijst temeer omdat in juni een rapport verscheen van onderzoeksbureau Andersson Elffers Felix. In opdracht van de branchevereniging van woningcorporaties Aedes.

De conclusies zijn niet mals. Gemeenten en hulpverleners moeten eerder problemen signaleren en steun bieden aan kwetsbare bewoners in corporatiewijken. Gemeentelijke wijkteams werken vaak te vraaggericht, terwijl mensen in een kwetsbare positie meestal niet of te laat zelf om hulp vragen. De waakvlamfunctie moet terug in kwetsbare wijken, luidt de aanbeveling. De data voor dit onderzoek zijn vóór de coronacrisis verzameld, zegt Marianne Molenaar, een van de onderzoekers. De afgelopen periode heeft ze geconstateerd dat corporaties creatief zijn in het leggen van contact met huurders. ‘Als de lijnen naar andere maatschappelijke partners goed zijn, kun je elkaar versterken.’

Ook onze gesprekspartners beweren niet dat er geen verbeterpunten zijn. ‘Van onze huurders heeft zeker 30 procent een bepaalde vorm van kwetsbaarheid’, zegt Van Heuven van Parteon. ‘In allerlei gradaties. Ouderen met beginnende dementie, mensen met psychische problemen, verslaafden, jongeren met weinig perspectief. In onze meest kwetsbare buurten kennen we het merendeel van deze mensen wel. Ook omdat kwetsbaarheid daar vaker gepaard gaat met een vorm van overlast. Maar in rustigere buurten kunnen mensen die kwetsbaar zijn lang uit beeld blijven. Bij ons en ook bij de sociale wijkteams. Daar maak ik me ook zorgen over.’ In Den Bosch realiseren ook Nienhuis en Van Raak zich dat de maatschappelijke partners nooit alle kwetsbare bewoners in beeld zullen hebben. ‘Die garantie is er gewoon niet.’

De coronacrisis treft inwoners van kwetsbare wijken zwaar. ‘Wat de sociale gevolgen precies zullen zijn, moet nog blijken’, zegt Van Raak. ‘Het hangt er ook van af hoe lang dit nog doorgaat. Hoe lang houden mensen dit nog vol?’ Er zijn zoveel schrijnende situaties rond bijvoorbeeld onderwijsachterstand, werkloosheid en financiële problemen, zegt de Arnhemse wijkmanager Van der Weijden. ‘We hebben lang niet alles gezien. Ik verwacht dat we nog een lange nasleep krijgen.’ Dat de sociale gevolgen voor kwetsbare bewoners groot zijn, constateerde recentelijk ook een groep burgemeesters, waar onder die van Zaanstad, in een gezamenlijk manifest. Zij vragen het kabinet om financiële hulp. Gelukkig lijkt de sociale infrastructuur lokaal stevig genoeg om verdere acties uit te zetten.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.