of 59130 LinkedIn

Sociaal domein in beeld

Om kwetsbare inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen, moet een gemeente een helder beeld hebben van het voorzieningennetwerk in het sociaal domein. De fusiegemeente Krimpenerwaard bracht als eerste gemeente dat netwerk visueel in kaart.

Om kwetsbare inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen, moet een gemeente een helder beeld hebben van het voorzieningennetwerk in het sociaal domein. De fusiegemeente Krimpenerwaard bracht als eerste gemeente dat netwerk visueel in kaart.

Krimpenerwaard visualiseert voorzieningennetwerk

‘Hoofdconclusie is dat we niet mogen klagen over het aanbod van voorzieningen’, lacht beleidsmedewerker sociaal domein Danielle Goedbloed. Zij bracht het traject naar een visueel weergegeven netwerkanalyse van de in 2015 gefuseerde elf kernen naar de gemeente Krimpenerwaard op gang, onder leiding van de inmiddels naar een andere gemeente vertrokken directeur Marlies Wolberink. ‘Hoofddoel was dat de inwoners van de elf kernen een goed voorzieningenpalet houden. Iedereen heeft zijn eigen netwerk en er zijn veel maatschappelijke organisaties en verenigingen, maar na de gemeentelijke fusie is het werkgebied van ambtenaren en organisaties vergroot. We wilden graag weten hoe het netwerk van voorzieningen eruitziet en of het de hulpvragen van onze inwoners kan blijven opvangen.’

En dus schakelde Goedbloed een bureau in dat bekend is om het maken van visuele netwerkanalyses: DUiDT. Oprichter Arnout Ponsioen brengt voor overheden relaties tussen personen of organisaties in beeld op basis van sociale media- of surveydata. Samen met Stephan Okhuijsen van Datagraver maakte hij een netwerkvisualisatie van bestaande samenwerkingen tussen organisaties in het sociaal domein. ‘Je moet eerst goed nadenken over wat je wilt weten. Waar begint en eindigt het sociaal domein? Wat zijn de organisaties? En wat zijn samenwerkingen? Voor de gemeente ging het bijvoorbeeld vooral om de vrij toegankelijke diensten voor kwetsbaren.’

Kerkelijke organisaties
De gemeente Krimpenerwaard ging langs 75 van de 150 onderscheiden organisaties en verzamelde de noodzakelijke data. Ponsioen: ‘Leuk is dat vanuit 75 organisaties meer dan 200 andere organisaties in beeld kwamen. Dat leverde prachtige volle netwerkplaten op, maar we maakten ook rustiger ogende platen per leefthema met alleen organisaties met meer dan tien samenwerkrelaties.’ Met de data is een tool gemaakt.

De gemeente wil die gaan gebruiken als monitoringsinstrument om bijvoorbeeld te kijken welk effect beleidsinterventies hebben op het netwerk. ‘We zijn als fusiegemeente in ontwikkeling en moeten op allerlei thema’s nog beleid ontwikkelen, bijvoorbeeld op de toegang’, aldus Goedbloed. ‘We kunnen de toegang beter inrichten met betrokken organisaties en partijen zelf. Dat leidt tot een betere organisatie, minder kastje naar de muur en snellere oplossingen voor kwetsbare mensen.’

In de analyse viel het zowel Ponsioen als Goedbloed op dat kerken los stonden van overige aanbieders, met eromheen hun eigen organisaties. ‘Kerkelijke organisaties spelen een belangrijke rol in de Krimpenerwaard’, zegt Goedbloed. ‘Verschillende kerken willen betere aansluiten op het zorgnetwerk, zodat ook zij informatie kunnen inwinnen of mensen kunnen doorverwijzen.’

Ook viel op dat netwerken per leefthema verschilden. Sommige hadden slechts één of twee “grote spelers”, andere veel meer. Volgens Ponsioen betekent een grote organisatie niet automatisch dat deze het goed doet. ‘Dikke lijnen tussen organisaties zijn ook niet per definitie goed. Organisaties moeten dat met elkaar beoordelen. De beleidsmatige waarde van de netwerkplaat is dat je erover in discussie gaat.’

Nieuwe verbindingen
Ook binnen de ambtelijke organisatie moet het project bijdragen aan meer begrip van en draagvlak voor het sociaal domein. Goedbloed hoopt dat het maken van nieuw beleid met meer partijen en meer interactie vanzelfsprekender wordt. Ze bespeurt daarin een spanningsveld. ‘Het is voor de gemeentelijke organisatie wennen dat zij niet meer van binnenuit of bovenaf alles bedenkt. Dit project houdt ons scherp. Ook voor organisaties is het wennen. We krijgen veel positieve reacties. Als de energie loopt, krijg je betere ideeën. We dachten zelf dat het snel over geld en subsidies zou gaan, maar dat viel erg mee. Er kwamen snel creatieve oplossingen, zoals het aanspreken van fondsen voor de financiering van activiteiten. Dat lukte ook nog. Mensen kennen elkaar ook beter en benaderen elkaar sneller.’

De meerwaarde van de analyse is dat je beter zicht hebt op het netwerk en je ook aan anderen kunt laten zien met wie jouw organisatie in contact staat, aldus Daniël Korver, teamleider bij Stichting Jeugd en Jongerenwerk Midden- Holland. In de analyse ontdekte hij dat er veel meer partijen waren dan hij dacht. ‘We dachten dat 50 tot 70 organisaties voor ons belangrijk waren, maar we bleken ons op honderden te kunnen oriënteren.’

Normaal keek Korver vanuit de eigen organisatie met wie hij contact opnam voor uitvoering van een opdracht. ‘Maar je kunt het ook omdraaien: wie zijn actief en wat kun je daarmee?’ Met de analyse kan het jongerenwerk zich beter profileren. ‘We hebben contact met sportverenigingen en scholen. Dat is vanzelfsprekend, maar gevisualiseerd is het duidelijk voor iedereen.’

Korver wijst op de grote fysieke afstand in het gebied en dorpen met eigen identiteit. ‘Het jongerenwerk is overal net weer anders vormgegeven. Op dorps- en kernniveau kennen ze ons, maar op gemeenteniveau is het lastiger een herkenbaar beeld van het jongerenwerk neer te zetten. We zijn nu in gesprek over nieuwe verbindingen.’

Overlap dienstverlening
Aansluiten bij de belevingswereld van inwoners staat centraal in het project, maar hoe zijn inwoners beter af met deze visuele netwerkanalyse? ‘Het liefst hadden we ook hen er meteen bij betrokken, maar dat is lastig in de praktijk’, weet Goedbloed. Ze vindt het interessant om de meningen en ideeën van inwoners erbij te betrekken. ‘We hopen dat met dit traject op gang te brengen. Nu doen we dat met klanttevredenheidsonderzoek. Het zou mooi zijn als je dat eraan kunt koppelen.’ Dat is nieuw en technisch uitdagend, aldus Ponsioen. ‘Maar het is mooi als gemeenten die vervolgstap willen zetten: inwonersdata die iets over aanbieders zeggen.’

Volgens Korver hebben de meeste inwoners op korte termijn niet direct iets aan de analyse. ‘Maar op lange termijn wel: beter samenwerken en door kennis te delen en slimmer organiseren betere diensten leveren aan burgers.’ De visuele netwerkanalyse kan niet alleen grote meerwaarde hebben voor fuserende kleine gemeenten, maar ook voor grotere gemeenten met een breed aanbod in zorg en ondersteuning en veel initiatieven en partijen, stelt voormalig directeur Marlies Wolberink. ‘Soms kennen ze elkaar niet en werken ze niet allemaal samen.’

Maar de gevisualiseerde netwerkanalyse heeft volgens haar ook een autonoom positief effect voor niet heringedeelde gemeenten. ‘De analyse geeft een speels overzicht van het zorgen ondersteuningsaanbod. Dat overzicht is vaak afwezig. De gemeente kan hiermee een regisseursrol vervullen, partijen met elkaar in contact brengen en samenwerking op gang brengen of versterken. Verder geeft de analyse inzicht in eventuele overlap van aanbod bij aanbieders en gemeente.’ In Amsterdam en Rotterdam zijn enorme netwerken in het sociaal domein, vertelt Ponsioen. ‘Als je daarin veranderingen of verbeteringen wilt, kun je dat goed in kaart brengen met een visueel weergegeven netwerkanalyse.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.