of 61043 LinkedIn

Drang in de jeugdzorg in de ban

Bijna alle gemeenten kopen ‘drang’ in als jeugdzorgproduct. Daar moeten zij mee stoppen, vinden de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) en de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). Er moet een knip komen tussen intensieve vrijwillige jeugdzorg en dwang, benadrukt RVS-voorzitter Jet Bussemaker. 

Bijna alle gemeenten kopen ‘drang’ in als jeugdzorgproduct. Daar moeten zij mee stoppen, vinden de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) en de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). Er moet een knip komen tussen intensieve vrijwillige jeugdzorg en dwang, benadrukt RVS-voorzitter Jet Bussemaker. 

Advies: zet in op intensieve vrijwillige begeleiding

Een schemergebied noemt Bussemaker het; de hulp die ergens tussen het vrijwillige en het gedwongen kader wordt gegeven. ‘Dat schemergebied hebben we in ons advies willen blootleggen.’ Aanleiding voor het onlangs verschenen advies ‘Intensieve vrijwillige hulp. Heldere grenzen aan drang in de jeugdzorg’ waren signalen die de beide raden kregen over omgaan met drang. ‘Niet alleen is het voor jeugdprofessionals onduidelijk wat wel en niet mag, maar ook advocaten en rechtswetenschappers maken zich zorgen over de rechtspositie van jeugdigen en ouders. En ouders en jeugdigen weten niet wanneer jeugdzorg vrijwillig is en wanneer niet.’

Dus doken beide raden in de materie. En kwamen de raden erachter dat drang wordt ingezet om jeugdbescherming te voorkomen, vanwege de continuïteit van de hulpverlening en om kosten te besparen. ‘De grens tussen vrijwillige hulp en gedwongen hulp is niet langer scherp afgebakend’, aldus een van de conclusies uit het advies. ‘Jeugdigen en ouders zijn hiervan de dupe, omdat onduidelijk is of drang vrijwillig is of niet. Ze zijn mogelijk overgeleverd aan verkapte dwang onder het mom van vrijwilligheid.’

De praktijk is nu dat drang iets is tussen vrijwillige hulp en gedwongen hulp, vat Bussemaker samen. Waarbij het gevaar is dat juridische en ethische grenzen worden overschreden. ‘Het is onduidelijk hoe drang zich verhoudt tot vrijwillige hulp en tot gedwongen hulp. Het is voor ouders en jeugdigen onduidelijk en er worden makkelijk ethische grenzen overschreden. Dat probleem hebben we willen blootleggen.’

Daarnaast constateren de raden dat drang, met name door jeugdigen en ouders, vaak wordt gezien als dwang. ‘Het valt ook niet uit te sluiten dat het op die manier misschien wel wordt gebruikt. Nagenoeg alle gemeenten kopen drang bij een gecertificeerde instelling in.’ Daarmee wordt de verwarring alleen maar groter, omdat deze instellingen eigenlijk voor het gedwongen kader aan de lat staan.

Zwaar middel
‘Drang wordt een product en daarmee is het onduidelijk dat het eigenlijk een onderdeel van vrijwillige jeugdzorg is. Dat moet meer dan nu worden onderscheiden ten opzichte van dwang. Als mensen drang als dwang zien, denken mensen dat ze keuze noch inbreng hebben bij het te volgen traject. Er komt ook geen rechter bij kijken. Vanuit juridisch oogpunt is dwang een heel zwaar middel dus je moet wel weten dat de inzet van dwang gerechtvaardigd is. Die duidelijkheid is er vaak niet.’

Slechts in een enkel geval maakt een gemeente de principiële keuze om drang niet bij de gecertificeerde instelling in te kopen, om het vrijwillige van het gedwongen kader te scheiden, zoals Enschede. ‘Onze oplossing is: laat drang nu altijd − om het juridisch en ethisch scherp te onderscheiden van dwang − een vorm zijn van vrijwillige hulp, maar maak het intensieve vrijwillige hulp. En niet iets ergens tussenin. Er moet een helder onderscheid zijn zodat het ook voor ouders en jeugdigen duidelijk is, en ook voor jeugdwerkers’, benadrukt Bussemaker.

Intensieve vrijwillige hulp wordt door de raden gedefinieerd als ‘een proces van het verlenen van hulp en zorg in het vrijwillige kader van de jeugdzorg.’ Daarbij oefent de jeugdprofessional gradueel meer invloed uit, neemt meer verantwoordelijkheid en verleent daarmee steeds intensiever hulp en zorg. Tegelijkertijd garandeert hij of zij de vrijwilligheid van de hulp. ‘Hiermee geven we aan dat het een continuüm is. Je hebt vrijwillige hulp, intensieve vrijwillige hulp, zeer intensieve vrijwillige hulp en uiteindelijk gedwongen hulp. Dat continuüm vinden wij heel erg belangrijk en dat moet ook blijven. Daarom zijn we er niet gelukkig mee als gemeenten drang als afzonderlijk product inkopen want dan krijgt het een zelfstandige status en dan verdwijnt dat continuüm.’

Ander regime
De hulp begint in dit continuüm als vrijwillig, maar kan uiteindelijk wel in dwang uitmonden. ‘Maar dan ga je echt naar een ander regime én er moet een rechter aan te pas komen. Nu is dat juist het schemergebied; is er sprake van een verkapte vorm van dwang. Dwang moet je echt onderscheiden van vrijwillige zorg, hoe intensief die vrijwillige hulp ook is. Je moet altijd voorleggen wat de consequenties zijn en iemand moet altijd de mogelijkheid hebben om te weigeren.’

En dus moeten gemeenten stoppen met het apart als product inkopen van drang. ‘Als je het als product inkoopt, lijkt het echt te gaan om een afgegrensde vorm van hulp die ergens tussen het vrijwillige en het gedwongen kader plaatsvindt. Dat stimuleert juist dat schemergebied en dat kan weer leiden tot willekeur en gebrek aan of schending van juridische bescherming van ouders en jeugdigen. In het ergste geval is het product een verkapte vorm van dwang. En daarvan zeggen wij: dat mag het nooit zijn.’

Intensieve vrijwillige hulp is vanuit juridisch oogpunt te rechtvaardigen wanneer juridische grenzen en de fundamentele mensenrechten van jeugdigen en ouders in acht worden genomen, benadrukken de raden in hun advies. Om intensieve vrijwillige hulp op een ethische manier te verlenen, moeten professionals in elke situatie opnieuw verschillende rechten, plichten en normen en waarden afwegen. In de vrijwillige jeugdzorg moet daartoe specialistische kennis en kunde worden opgebouwd. Er moeten voldoende gekwalificeerde jeugdprofessionals beschikbaar zijn om deze hulp te kunnen verlenen.

Bussemaker is zich ervan bewust dat gemeenten in de jeugdzorg met heel veel problemen worden geconfronteerd. ‘Ons advies is ook niet als verwijt bedoeld, maar wel als een manier om meer helderheid te creëren.’ Het advies richt zich vooral tot ministers De Jonge (VWS) en Dekker (rechtsbescherming). ‘Wij adviseren aan beide ministers om ermee aan de slag te gaan, met alle stakeholders. Tegen alle betrokken gemeenten, gecertificeerde instellingen en jeugdzorgorganisaties zeggen we: wees duidelijk in het onderscheid dat je maakt. Tegen gemeenten zeggen we: stop met het inkopen van drang als afzonderlijk product. Daarnaast is het van belang dat er moreel beraad wordt gevoerd.’ Niet alleen door jeugdprofessionals, maar ook door bestuurders in gemeenten en van jeugdzorginstellingen. Moreel beraad moet helpen bij het beantwoorden van de vraag of intensieve vrijwillige jeugdhulp ethisch verantwoord is of was.

Moreel beraad
De ervaringen vanuit het moreel beraad moeten breed worden gedeeld, vindt Bussemaker. Op lokaal en nationaal niveau zouden gremia moeten worden georganiseerd om kennis en ervaring uit te wisselen. ‘Het is een aanbeveling die zich niet makkelijk in een regel of wet laat vangen, maar ik denk dat het er een is die recht doet aan complexe problematiek waar professionals zich voor gesteld zien. En waarbij je ook vanuit de praktijk en de casuïstiek tot betere afstemming en regelgeving kunt komen. Niet alleen van bovenaf, maar heel erg van onderop. Luister naar de problemen waar professionals zich voor zien staan.’

‘We hebben niet de illusie dat met dit advies alle onduidelijkheden de wereld uit zijn door te zeggen dat er niet meer over drang moet worden gesproken’, aldus Bussemaker. ‘Het blijft buitengewoon complex. We willen hiermee de kwetsbare positie van jeugdigen en gezinnen verbeteren én jeugdprofessionals ondersteunen, die onder vaak zware omstandigheden moeten werken. Daarom is het interprofessioneel leren en het moreel beraad ook zo belangrijk. Jeugdprofessionals moeten daarin wel worden getraind en moeten daar tijd en ruimte voor krijgen.’

‘Hier kunnen gemeenten wat mee’, stelt de Amersfoortse jeugdwethouder Cees van Eijk (GroenLinks) die het advies namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten in ontvangst nam. ‘Het gedwongen kader is het laatste redmiddel. Drang is nu heel onduidelijk en ouders en kinderen weten niet waar ze aan toe zijn. De scheidslijn tussen vrijwillige hulp en het gedwongen kader is met dit advies duidelijker geworden. Dit komt ten goede aan de ouders en kinderen en daar doe je het uiteindelijk voor.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door J op
Je zou eens op Stop Jeugdzorg op facebook moeten bekijken wat een wantoestanden er zijn. Er wordt naar ouders niet geluisterd. Gezinsvoogden denken en eigenen zich macht toe terwijl ze niet eens gezag hebben. Alles maar dan ook alles wordt tegen ouders gebruikt om maar het kind uit huis te kunnen trekken, want een bed levert toch snel zo'n 8000,- euro op. Rechters werken overal aan mee, want de "deskundige" heeft altijd gelijk. Ouders hebben niets maar dan ook niets in te brengen, en diegene die zegt dat dat wel zo is liegt dat het gedrukt staat. Ook op Youtube staan genoeg filmpjes van onterechte uithuis zettingen en verhalen van mensen die veel wanstaltige praktijken meemaken van de "zorgverleners". Diverse instanties leven ervan, dus het zouden staats-instanties moeten zijn die niet op winst gericht zijn maar echte hulp zonder winstoogmerk. De Jonge had de noodlijdende en zichzelf in de schulden gestoken instantie geen miljoenen moeten geven, maar inlijven als staatsbedrijf. In heel veel gevallen is het uiteindelijk beter dat het kind bij mama en papa blijft wonen. Bijzondere gevallen daargelaten, waar kinderen echt mishandeld worden dan zeg ik ja. Maar niet deze koe-handel. Als de Jonge dan gevraagd wordt wat hij er aan kan doen, was het antwoordt "Dat is niet aan mij..." ??? Jij bent toch de minister of niet? Wie is er dan de baas? Het is echt een verschrikking in Nederland qua jeugdzorg. Om de verkeerde redenen wordt te vaak drang en dwang uitgeoefent. "Professionals"...laat me niet lachen. De meesten weten niet waar ze over praten, geleerd of niet en leerplichtambtenaren al helemaal niet. Ik kan er een boek over schrijven.