of 59082 LinkedIn

Zonnekoninggedrag ontgaat externen

Reageer
De stuurgroep Meijerink, ingesteld om advies uit te brengen over de modernisering van het toezicht op en de governance van woningcorporaties, heeft een helder eindrapport geleverd. Naast de interne toezichthouder geeft Meijerink ruimte aan een gezonde onafhankelijke toets door een extern toezichthouder, die alle lichten op rood kan zetten als het interne toezicht faalt.

Op maatschappelijk en politiek niveau spitst de discussie zich echter excessief toe op het belang van dat externe toezicht bij corporaties. Daarmee dreigt de noodzaak van het primaat van intern toezicht ondergesneeuwd te raken, net als alle inspanningen die worden geleverd om het kwaliteitsniveau van dat toezicht te verbeteren. Het aanscherpen van het externe toezicht mag geen afbreuk doen aan het gewicht van het interne toezicht, waar de focus hoort te (blijven) liggen. Dat is om meerdere redenen het geval.

 

Om te beginnen is er (uiteraard bij een juiste taakopvatting en - uitoefening) regelmatig en direct contact tussen de interne toezichthouder en de bestuurder(s). Die frequente vinger aan de pols zorgt ervoor dat commissarissen een regelmatige update ontvangen over het reilen en zeilen van de organisatie, mogelijke knelpunten kunnen signaleren en waar nodig tijdig kunnen interveniëren. Naast het contact met bestuurders kan een raad van commissarissen – zonder op de stoel van de bestuurder te gaan zitten – zich periodiek laten informeren door de ondernemingsraad en de managementlaag direct onder de directie. Bovendien zal een goede raad toezicht houden op regelmatige contacten met de lokale belanghouders, die worden gebruikt voor de strategie en het beleid van de corporatie.

 

Gelukkig is er de laatste tijd ook meer aandacht voor - emotionele - betrokkenheid van de commissaris. Die hoort zich toezichthouder te voelen van ‘zijn’ corporatie, met de daarbij horende belangstelling, passie en loyaliteit. Dergelijke eigenschappen zijn cruciaal bij adequaat intern toezicht. Het zorgt ervoor dat er scherper en kritischer gekeken wordt en het risico wordt verkleind dat een toezichthouder handelt vanuit de gedachte ‘het zal mijn tijd wel duren’. Op dit punt kan er overigens bij veel raden van commissarissen nog een forse verbeterslag worden gemaakt. Een commissariaat is geen hoofdtaak, maar vraagt wel degelijk, zeker bij een maatschappelijke onderneming, toewijding, kennis van zaken en de bereidheid er de nodige tijd voor te reserveren. Bij commissarissen met te veel nevenfuncties kan dat haast niet goed gaan.

 

Een intern toezichthouder is tot slot - aanzienlijk beter dan een extern toezichthouder - in staat tot het uitoefenen van zogeheten soft controls. Zo is zonnekoningengedrag van een bestuurder in veel gevallen niet uit de boeken of de verslagen te halen, maar kan pas worden gesignaleerd door persoonlijke observatie, de sfeer te proeven en informele signalen op te pikken. Van het externe toezicht dat toch op veel grotere afstand functioneert, kan en hoeft dat niet verwacht te worden.

 

De recente affaires zijn ernstig en te betreuren. Weliswaar worden uiteenlopende gevallen - van laakbaar gedrag tot uit de hand gelopen idealisme - op één hoop gegooid en kan ook worden gewezen naar andere sectoren en naar organisaties waar de raad van commissarissen wél ingreep. Toch is dat geen excuus voor die kwesties waarin het interne toezicht duidelijk faalde. Wel benadrukt het de noodzaak haast te maken met de verbetering van de kwaliteit en verhoogt het de inspanningen die op dat punt worden geleverd.

 

Kwaliteit betekent dat commissarissen op een onafhankelijke manier kritisch tegenspel kunnen bieden aan het bestuur. Een eerste stap naar verbetering kan worden gezet door het toepassen van stevige objectieve criteria, waarop een raad en inviduele commissarissen keihard kunnen worden beoordeeld. De Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties zal hiervoor, op zijn verzoek, een voorstel doen aan minister Van der Laan van Wonen. Wanneer commissarissen werken vanuit een gezonde dosis intuïtie, waarnemingsvermogen en moed om tijdig in te grijpen, dan kan het extern toezicht op afstand blijven.

 

Albert Kerssies is directeur van de Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties. Heino van Essen is voorzitter van deze organisatie, waarvan vijftienhonderd commissarissen lid zijn.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.