of 62812 LinkedIn

Meepraten en gehoord worden

Agnes Mulder en Jaco Geurts 2 reacties

We herinneren ons nog het ongekend felle protest tegen de komst van windmolenparken in de Drentse Veenkoloniën en in Groningen. De komst van de windmolens en het protest heeft grote impact op lokale gemeenschappen. Protesten begonnen met spandoeken en flyers maar mondden uiteindelijk uit in asbestdumping en dreigbrieven aan betrokken ondernemers, boeren en bestuurders. In 2018 waarschuwde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid zelfs voor mogelijk extremisme onder windmolenactivisten.

Naarmate er meer druk komt op de schaarse ruimte die in ons land beschikbaar is, zal de weerstand vanuit inwoners tegen plannen voor het aanleggen van wind- of zonneparken en andere projecten die een impact hebben op hun leefomgeving waarschijnlijk alleen maar toenemen.

Waar ligt de oorzaak? Worden inwoners nu dan helemaal niet betrokken? Jawel, maar toch hebben bewoners vaak het gevoel dat zij pas om hun mening worden gevraagd als de plannen al klaar zijn, of als zij mogen inspreken, dat er niet goed genoeg naar hen wordt geluisterd. Dit zou volgens ons kunnen als de kwaliteit van de burgerparticipatie objectief beter wordt. Niet alleen moeten inwoners goed en tijdig worden betrokken bij besluitvorming, ze moeten een duidelijkere positie en rol krijgen. En dat moet zo vroeg mogelijk in het proces, liefst al vóór de planfase van een project, want het is volgens ons de besluitvorming die aan een project vóórafgaat en de manier waarop inwoners dáárbij zijn betrokken die een belangrijke rol speelt bij het draagvlak of de weerstand die in de omgeving bestaat voor een  project.

Vanuit die gedachte hebben wij in de Tweede Kamer en ons verkiezingsprogramma ook gepleit voor het invoeren van een landelijk burgerberaad dat de politiek adviseert over klimaatmaatregelen.

Gemeenten hebben een belangrijke rol bij het inrichten van burgerparticipatie. Niet alleen op het gebied van klimaat, maar ook in het kader van de Omgevingswet wordt steeds meer participatie vereist. De wijze waarop dat gebeurt mag de gemeente zelf bepalen. Dat is een goede zaak. Gemeenten staan dichter bij inwoners en zijn goed in staat om te bepalen hoe participatie van inwoners het beste kan worden ingevuld. We leren en er gaan dingen fout, het kan beter.

Om burgerparticipatie verder te blijven stimuleren, ontwikkelen, en verbeteren stellen wij daarom voor om een onafhankelijke Commissie Burgerparticipatie op te richten. Deze kan dan naar het voorbeeld van de Commissie m.e.r. adviseren, als onafhankelijke organisatie, over de kwaliteit en inhoud van participatieprojecten. Een dergelijk advies zal door gemeenten serieus genomen worden want zij kennen het belang daarvan bij beroepsprocedures.

Adviezen van deze Commissie kunnen ook richting inwoners duidelijkheid geven over de mate van participatie die er is bij verschillende projecten en in verschillende fasen van een project. Het is namelijk van groot belang om daarover vooraf helderheid en commitment over vast te leggen, zodat verwachtingen van inwoners over de mate van participatie ook overeenkomen met de werkelijkheid.

Naar aanleiding van de breed in de Kamer gesteunde motie over burgerpanels, gaat een expertcommissie een analyse uitvoeren naar instrumenten om de betrokkenheid van inwoners te vergroten bij besluitvorming over het klimaatbeleid op nationaal, regionaal en lokaal niveau. De verwachting is dat de resultaten van deze analyse nog voor de verkiezingen op 17 maart bekend zullen worden. Een goede eerste stap.

Agnes Mulder en Jaco Geurts, beiden CDA Tweede Kamerlid

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Criticus op
Het grote probleem bij participatie is dat het nimby-effect altijd een rol speelt. Velen vinden dat er woningen bij moeten komen, maar zodra er woningen in een bepaalde omgeving gepland worden is het teveel, te massaal, te dichtbij, te hoog, kost te veel natuur, landschap etc en zijn andere plekken veel geschikter. Op die andere plekken ontstaat hetzelfde effect. Resultaat: geen woningen. En ondertussen maar klagen dat er geen woningen gebouwd worden.
Wat later in het proces, als het wat concreter wordt, laten tegenstanders altijd meer van zich horen dan voorstanders. De politiek luistert graag. Resultaat: nog een onderzoek, nog meer overleg en... vooralsnog geen woningen. En ondertussen maar klagen dat er geen woningen bijkomen.

Hetzelfde verhaal gaat op bij windmolens, bedrijventerreinen, wegen, scholen, winkels etcetera...

Het is nooit goed. Verwachtingen helder maken helpt absoluut. Maar participatie is geen garantie op succes en ontslaat zeker de politiek niet van zijn verantwoordelijkheid keuzes te maken die nadelig zijn voor een deel van de mensen. Het is simpelweg niet mogelijk het iedereen naar zijn zin te maken.
Door Ambtenaar - Burger (ambtenaar) op
Beste Agnes & Jaco,
Jammer dat jullie niet ingaan op de redenen waarom verzet tegen klimaatindustrie-terreinen radicaliseert. Dat gaat m.i. namelijk helemaal niet om burgerparticipatie en inspraak. Deze radicalisering m.i. komt voort uit machteloosheid. De machteloosheid van de burger die verdomd goed weet dat hij geen inspraak had bij het Energieakkoord en het Klimaatakkoord. Die weet dat hij mag kiezen uit variant ABC waar het industrieterrein wordt aangelegd, en niet of het wordt aangelegd. Die zich geconfronteerd ziet met windmolens die steeds hoger en groter worden om aan de gemaakte afspraken te voldoen maar waarvan de consequenties voor het landschap zijn gebagatelliseerd. Het is de boosheid over het eufemistisch taalgebruik; het consequente gebruik van de toevoeging “-park” voor een industrieterrein. Een industrieterrein dat het landschap ernstig aantast, en in geval van windmolens ook geluidsoverlast geeft. Het is de boosheid van de burger die ziet dat zelfs gebieden met de status van “beschermd landschap” niet veilig zijn voor “windparken” die bestaan uit rijen windmolens met een hoogte van meer dan 150 meter die daardoor het hele landschap domineren. Het is de machteloosheid van de burger tegenover de macht van het mondiaal kapitaal die grootaandeelhouder zijn in deze “parken”. Het is de marginalisering van de menselijke maat in het landschap.
Jullie schrijven dat gemeenten een belangrijke rol hebben bij het inrichten van burgerparticipatie. Ongetwijfeld, maar in het licht van het aanleggen van klimaatindustrie-terreinen ligt het politieke primaat bij provincie en rijk en niet bij gemeenten. Welke rol heeft de gemeente dan in dit proces van burgerparticipatie bij de aanleg van klimaatindustrie-terreinen? Ik zie er twee; het bufferen van ongenoegen binnen de aangewezen locatie voor de industrie, en het dempen van dit ongenoegen door het organiseren van pseudo-inspraak en invloed. Je kan dit zien als een moderne vorm van containment-politiek; het indammen van maatschappelijk ongenoegen om de verspreiding van een landelijk volksoproer te voorkomen.
Is dit cynisch? Zeker, maar de oproep tot het organiseren van meer burgerparticipatie door Kamerleden is dat ook. Het is namelijk het ge-erodeerde vertrouwen van die burger in de huidige structuur van volksvertegenwoordiging waaruit de door jullie gewenste grotere mate van burgerparticipatie vandaan komt. Succes met jullie verkiezing. Jullie zullen het nodig hebben.