of 59250 LinkedIn

Fors deel woningvoorraad niet toekomstbestendig

Reageer

Het kabinet moet samen met decentale overheden, woningcorporaties en projectontwikkelaars inzetten op nieuwbouw, maar ook op het toekomstbestendig maken van de bestaande woningvoorraad. Gemeenten kunnen daar een coördinerende rol in nemen.

Naast nieuwbouw is investeren in opknappertjes nodig

Door de recessie hebben zowel woningeigenaren als woningcorporaties de laatste jaren minder budget gehad voor woningverbetering. Daarnaast staan we voor een flinke verduurzamingsopgave van de woningvoorraad. Nu dit thema naast nieuwbouw hoog op de agenda staat van Rutte III, is het zaak energiebesparing te combineren met (groot) onderhoud en dat te stimuleren. Gemeenten kunnen een coördinerende rol innemen. Woningen met een lage energieprestatie én achterstallig onderhoud hebben een beduidend lagere verkoopwaarde, dan goed onderhouden, energiezuinige woningen.

Sterker nog, uit een inventarisatie onder VBO-leden blijkt dat ruim de helft van de makelaars woningen tegenkomt die onverkoopbaar zijn. Nu de leencapaciteit is ingeperkt, heeft het merendeel van de consumenten onvoldoende eigen middelen om hun woning toekomstbestendig te maken. Terwijl de vraag onder eigenaren naar duurzaamheidsmaatregelen toeneemt, zo blijkt uit diezelfde inventarisatie. Vooral zonnepanelen zijn in trek. Veel winst valt er nog te behalen bij het isoleren van daken en muren. Volgens de Staat van de Woningmarkt 2017 hebben in 2016 ruim 3,2 miljoen woningen een definitief energielabel. 41 procent daarvan heeft nog geen C label of hoger en in totaliteit moeten bij 3 miljoen woningen maatregelen volgen voor een label C.

De uitdagingen liggen vooral bij de groep overige verhuurders: de helft van de definitieve labels daar is D of slechter. Bij eigenaar-bewoners ligt dat rond de 40 procent, net als bij woningbouwcorporaties. De totale kosten voor woningverbetering worden door het Economisch Instituut voor de Bouw geraamd op zo’n 100 miljard euro. De asbestverwijdering van daken van particuliere woningen bedraagt 1 miljard. Daarnaast is voor funderingsherstel nog eens 400 miljoen nodig. Er moet structureel worden geïnvesteerd in toekomstbestendige woningen.

Bij zo’n pakket financiële maatregelen mag geen harde scheiding zijn tussen werken aan onderhoud, energiebesparing en de uitvoering van wettelijke regelingen zoals asbestsanering. Al die componenten beïnvloeden elkaar. Verhoog voor (potentiële) woningeigenaren die onderhoud combineren met energiebesparing de leencapaciteit. Een andere optie is een woning met minimaal energielabel C vrij te stellen van overdrachtsbelasting, of de NHG te verruimen voor nul-op-de-meterwoningen. Extra aandacht moet gaan naar de woningen van babyboomers, die vaker achterstallig onderhoud hebben. Dat zijn doorstroomwoningen die daardoor moeilijker verkoopbaar worden.

Gelukkig staat de overheid niet stil. Vanaf 2018 moeten VvE’s verplicht sparen voor groot onderhoud. Er zijn Energieloketten en sinds kort kan bij deelnemende gemeenten een lening worden aangevraagd via het Fonds Duurzaam Funderingsherstel. Een collectieve aanpak voor woningverbetering, met een coördinerende rol op lokaal niveau, biedt veel kansen. Juist de lokale overheid heeft er baat bij dat het aangezicht en de veiligheid van woningen en wijken structureel verbetert. Maak de weg naar de broodnodige investeringen toegankelijk en transparanter.

Makelaars kunnen hier hun steentje aan bijdragen. Consumenten zijn best bereid tot maatregelen die leiden tot energiebesparing en/of woningverbetering. Zeker als investeringen snel rendement opleveren via een hoger woongenot en/of lagere woonlasten. Met de nodige financiële middelen, komen dan ook de ‘opknappertjes’ weer in trek.

Hans van der Ploeg, directeur brancheorganisatie VBO Makelaar

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.