of 59123 LinkedIn

Extra slag regio

Reageer

De coalitie streeft niet naar de vorming van landsdelen of van een grootstedelijke bestuurslaag, maar legt de nadruk op de ‘regio’ en ‘regionale afspraken’. Die keuze is een terechte, maar ook een ondoordachte. 

Van Rutte-III hoeven we geen voorstellen te verwachten voor een fusie van provincies of het fors opschalen van gemeenten. De coalitie zet in plaats daarvan vol in op ‘de regio’. Die regionale focus is ook nodig. Veel maatschappelijke problemen vragen om bestuurlijke aandacht op een ander niveau dan dat van provincies, gemeenten of rijk. Duurzame economische ontwikkeling, energietransitie, zorg en veiligheid zijn allemaal vraagstukken die maatwerk en denken in termen van ‘regio’ vereisen. Soms valt die regionale schaal samen met de provincie of een intergemeentelijk samenwerkingsverband, vaak ook niet. Op tal van terreinen zet de coalitie in op het sluiten van 'deals’ met uiteenlopende regio’s. Die afspraken worden gemaakt met overheden en andere (semi-)publieke en private organisaties. Zo'n aanpak past in de netwerksamenleving met haar ‘wicked problems’, pluriformiteit en wederzijdse afhankelijkheden.

Maar de coalitie lijkt blind voor een drietal aspecten van hedendaags bestuur: democratische legitimiteit, effectiviteit en meerschaligheid. Allereerst, de gebrekkige democratische legitimatie van dit alles. In al die ‘deals’ is uiteindelijk geen enkel orgaan meer verantwoordelijk voor de beslissingen. Evenmin is nog aanwijsbaar in hoeverre de afspraken te herleiden zijn tot uitslagen van verkiezingen. Voor zover het coalitieakkoord al rept over versterking van de democratie, gaat het over betere controle door gemeenteraden op gemeenschappelijke regelingen.

Maar daarmee vergroot je niet de democratische legitimatie van de ‘deals’. Wat nodig is, is maatschappelijke democratie. Dat betekent dat op zijn minst helder moet zijn welke organisaties mogen meepraten en meebeslissen; alle relevante belangen zullen aan tafel moeten zitten. Ook moet er aandacht zijn voor de interne democratie van maatschappelijke partners zoals woningcorporaties. En zeker moet er worden nagedacht over de rol die de volksvertegenwoordigingen nog kunnen spelen.

Hetzelfde geldt voor de vermeende effectiviteit van de regionale afspraken. Nogal wat regio’s blijven steken in mooie woorden. Het nieuwe kabinet zou de effecten van de diverse regionale afspraken systematisch moeten (laten) monitoren. Alleen dan valt er uiteindelijk iets te zeggen over wat werkt. Een derde aspect dat onderbelicht blijft in het regeerakkoord is de verwevenheid tussen bestuurslagen en de interactie tussen publieke en private partijen; kortom, de meerschaligheid van hedendaags bestuur.

Taken, bevoegdheden en financiële middelen blijven toegekend aan de bestaande besturen. Maar daarmee wordt ook hindermacht of zelfs vetomacht in stand gelaten voor het maken van regionale afspraken. Rutte-III zal een duidelijke keuze moeten maken voor intensieve samenwerking tussen bestuurslagen, maar daar ook instrumenten voor moeten ontwikkelen. Anders verzandt de ambitie in de gebruikelijke discussies over verdeling van taken en middelen. De ‘regio’ moet het knooppunt worden voor de interacties van partijen – in reactie op maatschappelijke en technologische ontwikkelingen die zowel schaalvergroting van bestuurlijke aanpak vereisen als aanpassing aan lokale omstandigheden en behoeften.

Linze Schaap is universitair hoofddocent bij het Tilburg Center for Regional Law and Governance (TiREG) van Tilburg University; Martijn Groenleer is hoogleraar en directeur van TiREG; Arlette van den Berg en Christiaan Broekman zijn er beiden promovendi.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.