of 61043 LinkedIn

Duurzame steden hebben ruimte voor bedrijven nodig

Walther Ploos van Amstel Reageer

Steeds vaker pakken steden de woningnood aan door een oud industrieterrein te transformeren naar woonwijk of als gemende woon-werkwijk. Maar als de bedrijven die daar nog zitten moeten verhuizen, dan worden de woningen te duur.

Nu maakt het kabinet geld vrij voor dergelijke onrendabele bouwprojecten. Den Haag kreeg miljoenen om een asfaltcentra te verplaatsen voor woonplannen. Productie, handel en logistiek verliezen terrein in de steden. Hoe gaan we de stad dan nog bedienen?

 

De onderhoudsmonteur wil met een vrachtfiets de stad in. CO2-efficiente centrale keukens bevoorraden straks de kantines in de stad. Leveringen aan klanten in de stad worden kleiner en hebben vaker een strikte levertijd; liefst nog vandaag. De laatste bezorgmeters in de stad worden onbetaalbaar. Zero emissie zones zijn in 2025 het eindspel voor de nu nog dieselende ondernemers. Bedrijven diensten voor de stad aanbieden willen juist dicht bij de stad zitten. Hoe zorg je voor voldoende ruimte?

 

Woningbouwplannen leiden tot minder plek voor stadsgebonden bedrijvigheid. Meer ruimte moeten bedrijven dan maar verderop in de regio zoeken? Daar heeft een pakketbedrijf, horecabezorger, servicemonteur of de loodgieter niets aan. Medewerkers moeten langer reizen naar hun werk en bestel­auto’s moeten verder heen en weer rijden. Bundelen van leveringen wordt lastig. Dat is niet goed voor de bereikbaarheid. Bovendien belemmert de afstand de inzet van schoon, elektrisch ­vervoer. Voor bedrijven die zich op de stad richten is het belangrijk dat ze ook dicht bij de stad zitten.

 

Gemeenten moeten prioriteit geven aan die bedrijven die producten en diensten leveren voor de regio zoals het bundelen van stadslogistieke stromen, slim onderhoud van gebouwen en infrastructuur, innovatie in de bouw, duurzame datadiensten, schone mobiliteitsdiensten en leveren en produceren van voedsel. De Amsterdamse Wethouder Victor Everhardt (Financiën) stelde onlangs bij de nieuwe bedrijvenstrategie: 'De logistiek, ambachten en maakindustrie verdwijnen uit de stad terwijl zij de motor zijn van de economie in de Metropoolregio Amsterdam.' In 2050 zijn de logistiek, ambachten en maakindustrie weer terug in de stad, maar totaal anders dan in 2020.

 

Bestaande bedrijvigheid op bedrijventerreinen is extensief; een geringe dichtheid van bedrijven en weinig banen. Bedrijventerrein zijn verouderd. Gebouwen zijn niet duurzaam. De sterke groei van de stad, en de energietransitie, maken intensivering op bedrijventerreinen urgent. Dat lukt niet met ‘business as usual’.

 

Waarom zijn er honderden groothandels­locaties voor de bouw en horeca nodig rond de steden? Waarom delen bedrijven hun personeel, locaties en voorraden niet? Waarom delen ze hun bestelvoertuigen voor pakjes, bouwleveringen en servicemonteurs niet met elkaar? Zijn er opties om in de hoogte, of juist ondergronds, bedrijfsruimte te ontwikkelen?

 

Bedrijven moeten het minder ruimte doen. Daar zijn nieuwe combinaties van bestaande ideeën en kennis voor nodig. De economie van de toekomst draait om de energietransitie, de circulaire economie, industry 4.0, robotisering, 3D-printing, open innovatie en smart logistics. De uitdaging voor die ondernemers is om samen nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen. Verdienmodellen die innovatieve industriële maak- en serviceprocessen koppelen aan slim gebruik van data.

 

De bedrijventerreinen rond de steden moeten ecosystemen worden waarin bedrijven, overheid en onderzoekers samen nieuwe bedrijfsmodellen ontwikkelen en in de praktijk van de stad testen en verbeteren; ze moeten de wereld van de ‘stuff’ en de ‘fluff’ verbinden. De stuff van vrachtwagens, productielocaties en magazijnen met de fluff van slimme open data. Zet met publiek-private samenwerking in­ op de ontwikkeling van stedelijke innovatiedistricten rond kennisinstituten en clusters van bedrijven.

 

Toekomstige bedrijventerreinen worden ecosystemen waarin bedrijven samen nieuwe technologie, diensten en bedrijfsconcepten in de praktijk van de stad en de regio kunnen testen en verbeteren. Dat maakt bedrijventerreinen ook weer waardevol om te ontwikkelen.

 

Walther Ploos van Amstel, lector citylogistiek Hogeschool van Amsterdam

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.