of 61869 LinkedIn

De Omgevingswet komt er snel aan. Echt

2021: het laatste jaar voor de invoering van de Omgevingswet. Op 17 december ging het ontwerpKB voor de inwerkingtredingsdatum naar het parlement: het wordt echt 1 januari 2022. Het werk is volgens de minister nog niet helemaal af, alle partijen moeten zich dit jaar nog flink inspannen, maar de wetgeving en de landelijke voorziening DSO zijn klaar genoeg.

Er zijn bovendien financiële afspraken gemaakt, zodat decentrale overheden niet met de kosten blijven zitten. Voor wie het niet ziet zitten, is het slecht nieuws.

 

Zelf heb ik gewerkt aan de herziening van het boek Werken in de geest van de Omgevingswet. Dat was gebaseerd op de Omgevingswet die in 2016 in het Staatsblad verscheen. Die weerspiegelde de tijdgeest en het denken van 2013-2016. Sindsdien is er maatschappelijk veel veranderd. Verder is de wettekst flink aangevuld, aangepast en uitgewerkt. We zijn duizenden pagina’s parlementaire toelichting verder: vol voorbeelden van praktische oplossingen met veel goede bedoelingen. Ik hoop dat ze niet verloren gaan in al die informatie. De website aandeslagmetdeomgevingswet.nl is handig, maar de echte informatie, vind je toch in de Kamerstukken. Toch zijn ook al die pagina’s maar een aanzet. Wat er van de ‘geest van de Omgevingswet’ overblijft bepalen de praktijk en de rechters.


Uit de vele gesprekken die ik met mensen de afgelopen jaren heb gehad, kwamen steeds dezelfde vragen naar voren. ‘Kun je vertellen wat onze rol is?’ ‘Wat betekent dat voor mijn werk?’ ‘Is het geen oude wijn in nieuwe zakken?”. Werken met een beleidscyclus die stuurt op doelen, dat regelmatig evalueren en dan instrumenten bijstellen, levert veel hoofdbrekens op. Vreemd eigenlijk. Beleid maken doe je toch met een doel voor ogen? En beleid maken we toch al jaren?

 

De bevoegdheidsverdeling tussen raad en B&W levert ook hoofdpijn op. Vaak hoor ik: ‘onze raad bemoeit zich te veel met details.’ Maar dat ligt toch ook aan hoe B&W en de ambtenaren met de raad omgaan? Raadsleden reageren soms heel verrast en zelfs geschrokken als ik vertel waar het echt om gaat: de maatschappelijke doelen en de opgaven van onze huidige tijd.

Dan verbaast het mij weer dat ze vooral zijn voorgelicht over de verbeterdoelen en wat ze vast moeten stellen en niet over de maatschappelijke doelen. De verbeterdoelen zijn vooral intenties. Minder regels kunnen er komen als de samenleving zelf met de opgaven van onze tijd aan de slag gaat. Maar de meeste mensen hebben nog nooit van de Omgevingswet gehoord en staan niet te trappelen om te ‘verduurzamen’. Logisch toch dat raadsleden dan vragen: wat moet ik loslaten? En hoe dan?

 

Uit de concepten van omgevingsvisies die ik heb gezien, komt een mooi Nederland naar voren: duurzaam, circulair, vol energieneutrale woningen in een groene, gezonde, natuurlijke omgeving. Het lijkt erop dat de echte keuzes worden doorgeschoven naar de ‘beleidsdoorwerking’ en ‘uitvoering’ van de beleidscyclus. Dat raadsleden daar bij betrokken willen blijven, vind ik niet vreemd. Een programma kan een sectorale beleidsnota zijn, voor bijvoorbeeld wonen, horeca of duurzaamheid of een gebiedsuitwerking. Niet echt details dus, maar juridisch gezien heeft de raad er niets over te zeggen. Het is dus zaak afspraken te maken over betrokkenheid hierbij.

 

En als een omgevingsvisie zo abstract is, er geen programma of gebiedsuitwerking ligt en het tijdelijke omgevingsplan eigenlijk ‘oude meuk in een nieuw systeem’ is zoals iemand het bij een Omgevingsdienst verwoordde: dan klopt het dat de echte keuze is doorgeschoven naar het concrete initiatief. Maar: is wel terecht dat de aanvrager (woningbouwvereniging, projectontwikkelaar, grondeigenaar) dan bepaalt wat de invulling van de maatschappelijke doelen wordt? Biedt participatie van mensen dan voldoende tegenwicht? Op basis van wat stuurt de overheid dan bij? Oftewel: hoe is dan de kwaliteit gewaarborgd bij ruimte voor initiatief? Dat zal uit het proces moeten komen. Dat vraagt om organisatie van zo’n proces.

 

Volgens een advocaat is de Omgevingswet een lege doos en participatie ‘het genereren van tegengas.’ Landschapsarchitecten vrezen een Nederland vol zwarte zonneweides. Er is dus inderdaad nog veel te doen. Maar dat zou met het huidige recht ook zo zijn. Klimaatverandering en bevolkingsdichtheid zijn immers geen gevolgen van een wet. Een wet is slechts een systeem. Wat het is, bepaalt degene die de wet toepast en diens bereidheid er het beste van te maken. Op Nieuwjaarsdag verklaarde onze minister van justitie opgelucht dat de overgrote meerderheid van de mensen zich aan de regels had gehouden. Aan het boek heb ik toch maar een paragraaf over dwang en realisering toegevoegd. Want de minderheid zet toch vaak de toon.

 

Met de Omgevingswet kan het veel kanten op. Ook de goede. Daarom wens ik u voor 2021 een goede paradigmawisseling en cultuuromslag toe.    

Trees van der Schoot
Lees hier meer columns van Trees van der Schoot 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Adriaan Zwaag op
Minister Melanie Schultz van Haegen Maasgeesteranus schreef in 2011 aan de kamer dat de Omgevingswet per 1 januari 2013 zou worden ingevoerd. We zijn nu 10 jaar verder en de invoeringsdatum is bepaald op 1 januari 2022.
Hoewel?
https://www.trouw.nl/politiek/eerste-kamer-kwelt …

Ik zeg het criticus na: Slaap zacht en droom rustig verder.
Door Criticus op
"Er zijn bovendien financiële afspraken gemaakt, zodat decentrale overheden niet met de kosten blijven zitten." Dat was ook zo bij de vorige decentralisaties...En ja, ook daar waren beloftes over evaluatie gedaan. Die evaluaties zijn voortdurend opgeschoven.

"Werken met een beleidscyclus die stuurt op doelen, dat regelmatig evalueren en dan instrumenten bijstellen, levert veel hoofdbrekens op. Vreemd eigenlijk. Beleid maken doe je toch met een doel voor ogen? En beleid maken we toch al jaren?"
Precies: het syteem wijzigen helpt dus niet. Als bestuur en als organsatie tijd nemen (en krijgen) om te evalueren is een gedragskeuze. De beleidsscyclus is al tientallen jaren bekend. Er wordt voor gekozen om dit niet te gebruiken. Ambities staan in de weg, zelflerend vermogen is politiek vreemd; waarom dan evalueren?

"Er is dus inderdaad nog veel te doen. Maar dat zou met het huidige recht ook zo zijn. Een wet is slechts een systeem."
Ook hier geldt weer, dat de problemen die geconstateerd werden dus niet met een nieuw systeem op te lossen zijn. Dat is slechts symptoombestrijding.En toch word de Omgevinsgwet gepresenteerd als de oplossing! Vermoedelijk komt dat door ene gebrek aan een gedegen analyse (oftewel evaluatie) van wat er nu écht nodig is. Net zoiets als het eenzijdig doorvoeren van de Wnra omdat de tweezijdigheid zo belangrijk werd gevonden.
Hypocrisie ten top.

En typisch dat al deze argumenten van tegenstanders weggeschoven worden en dan hier toch weer tevoorschijnkomen met als conclusie: de Omgevingswet gaat dit niet oplossen!

Slaap zacht en droom verder.