of 59318 LinkedIn

Afval ‘exchange sites’ werken niet. Mensen wel.

Steeds meer organisaties weten raad met waardevol materiaal dat vroeger als ‘afval’ werd gezien. Van bureaustoelen die worden opgekocht voor refurbishment tot kabelgoten die bij  sloop of renovatie worden ‘geoogst’ en bij een volgend bouwproject worden ingezet. 

Van grote hoeveelheden chemicaliën als zoutzuur en natronloog van de chemische industrie voor die worden uitgewisseld, tot de snijresten van groentesnijderijen voor de productie van smaakstoffen.

 

We gooien goud in de vuilnisbak. Dat is wat de hippe afval exchange websites ons voor houden. Dat klopt ook, alhoewel dat goud dan misschien geel koper is, maar toch, nog steeds waardevol. Sommige websites zetten naar eigen zeggen blockchain en artificial intelligence in, om zo veel mogelijk waarde te halen uit excess materials, andere sites bellen gewoon achter partijen aan om meer uit te vinden over de reststromen.

 

Uit onderzoek op deze websites in de Verenigde Staten, Canada, Ierland, Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Nederland zijn de namen gevonden van 137 websites, waarvan er 86 niet meer online waren. Deze waren in andere nog bestaande websites beschreven. Van de overblijvende 51 websites had ongeveer de helft in dat afgelopen jaar nog een posting gehad. De rest was niet meer actief dat jaar.

 

Er waren drie sites die redelijk werden gebruikt (boven de 1000 postings), twee waren handelsplatfora voor gerecyceld materiaal, en eentje van een staat in de Verenigde Staten. En die laatste, die verreweg de meeste postings had, gaf ook de clou al aan. Het bleek dat de ambtenaren van deze Amerikaanse staat bedrijven bezochten voor handhaving, maar daarbij ook de bedrijven bruikbare tips gaven. De website was daarbij slechts een stukje openbaar gereedschap.

 

Om restmaterialen en afgedankte producten uit te wisselen zijn eerst mensen nodig die de materialen en producten apart zetten en er uitwisseling voor op touw zetten. Hiervoor is in eerste plaats visie nodig van leidinggevenden. Net als bij ‘lean manufacturing’ in de industrie, is het minimaliseren van afval een strategische keuze. Als dit in een werkplan is opgenomen, dan kunnen de uitvoerende collega’s overbodige producten en materialen vrij maken. Dit kost tijd, opslagplaats, kennis van de wet- en regelgeving aangaande sommige stoffen, en een praktisch inzicht in het organiseren van logistiek. Vervolgens kan men kijken wie het secundaire materiaal of producten wil afnemen. En dan is een online lijstje van mogelijke afnemers handig.

 

Afvalinzamelaars hebben zo’n lijstje, uiteraard niet online. Echter zullen ze bruikbaar materiaal niet snel afvoeren naar een afnemer geen onderdeel van hun bedrijf is. Er zijn echter ook afvalmanagers die zelf niet inzamelen, en geen inzamelvoertuigen of verwerkingscapaciteit hebben. Ze noemen zich vaak afvalconsultant, onafhankelijke afvalmanager, afvalcoach of adviseurs voor een duurzame bedrijfsvoering. Ook deze afvalmanagers hebben hun lijstje, wellicht niet online, maar ze zetten wel alle mogelijkheden in om de klant geld te besparen. Daar leven ze immers van.

 

Deze bedrijven leveren ook de kennis en kunde om in een organisatie overbodige materialen en producten apart te houden, want vaak is die er niet. In de evolutie van afvalmanagementbedrijven zijn die overgebleven die de focus hadden op het mensenwerk. Met hun lijstjes halen ze zoveel mogelijk waarde uit het afval, maar pas nadat de mensen in de organisatie daarop zijn voorbereid. En dan, heel soms, zit

er ook wat goud bij.

 

Jan-Henk Welink 
Lees hier meer columns van Jan-Henk Welink 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.