of 59345 LinkedIn

VNG wil uitstel omgevingsdiensten

3 reacties
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) stuurt aan op uitstel van de omgevingsdiensten. Invoering in 2011, zoals minister Cramer (Vrom, PvdA) wil, is volgens de gemeentekoepel onhaalbaar.

Voetsporen
Tijdens een dinsdag in Rotterdam gehouden symposium nam Cor Lamers, vicevoorzitter van de VNG, krachtig stelling tegen de omgevingsdiensten. Lamers verdenkt Cramer ervan dat zij in de voetsporen wil treden van haar partijgenoot Jan Pronk, die in 2002 als minister tevergeefs probeerde om in het hele land regionale milieudiensten van de grond te tillen. Volgens Lamers moet het kabinet gemeenten de keus laten op welke wijze zij voldoen aan de kwaliteitseisen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving.

 

Kwaliteit
Het kabinet wil 25 omgevingsdiensten, die hetzelfde werkgebied hebben als de politieregio’s. Volgens de VNG is die schaal te groot. ‘Het baart ons grote zorgen en we vinden het bevreemdend dat de minister kiest voor een structuurdiscussie, terwijl we zouden moeten praten over de kwaliteit’, zei Lamers. Aart Dijkzeul, plaatsvervangend directeur bestuurlijke en juridische zaken van het ministerie van Vrom, was het niet met Lamers eens. ‘We moeten de discussie niet verengen. De structuur is onderdeel van het probleem’, aldus Dijkzeul.

 

Eindbeeld
Intussen weigert de VNG alle medewerking. ‘We gaan geen proces beginnen dat leidt tot een eindbeeld dat niet ons eindbeeld is’, aldus Lamers. Vanuit de zaal kreeg Lamers bijval voor zijn stelling dat de dreiging van de invoering van ongevingsdiensten de animo bij ambtenaren om voortvarend te werken aan de invoering van de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht), onder druk zet.

 

Falend toezicht
Tijdens het symposium werd ook hartstochtelijk gepleit vóór omgevingsdiensten. PvdA’er Jan Mans, oud-burgemeester van Enschede en voorzitter van de commissie die heeft geadviseerd om de omgevingsdiensten op te richten, beklemtoonde dat de huidige ‘fragmentatie’ leidt ‘tot grote en onrechtvaardige verschillen’ bij de toepassing van het omgevingsrecht. Mans riep in herinnering dat de vuurwerkramp in Enschede mede het gevolg was van falend toezicht: ‘Enschede had voorkómen kunnen worden!’

 

Kokers
Geert Teisman, hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, sloot zich bij Mans aan. Volgens hem bestaat de overheid nu uit ‘lagen en kokers’ die zorgen voor ‘bureaucratie, contradicties en een inconsistente lappendeken aan regels en handelingen’.

Lees alles over de omgevingsvergunning in het Dossier omgevingsvergunning.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Ron van Wieringen (Beleidsadviseur handhaving) op
De reactie van de VNG komt op mij wat krampachtig over. Ik zou wel eens willen weten hoeveel gemeenten hun toezicht op de VROM regelgeving nu al uitbesteden aan een extern bureau. Het uitbesteden van toezicht is m.i. al behoorlijk normaal geworden. Ook als omgevingsdiensten niet verplicht zouden worden zijn er grote voordelen te behalen om toezicht onder te brengen in zo'n dienst. Denk bijvoorbeeld aan het intergaal uitvoeren van controles waarbij er een optimale afstemming is tussen milieu-, bouw- en brandweer toezicht. Voor het bedrijfsleven ook prettig met het oog op de wens om minder maar beter toezicht te ontvangen. De veiligheidsregio's bieden daarvoor m.i. een ideale schaalgrootte. De risico's in een bepaald gebied moeten daarbij voor de gemeenten en de provincies wel centraal staan. Het is immers niet uit te sluiten dat deze over de grenzen van een veiligheidsregio heen gaan. Daarvoor zou m.i. ook aandacht moeten komen in deze discussie.
Door Boudewijn Warbroek (redacteur Binnenlands Bestuur) op
De heer Mans heeft tijdens het symposium niet zozeer gesuggereerd dat de vuurwerkramp in Enschede voorkomen had kunnen worden als er een omgevingsdienst zou zijn geweest. Wel heeft hij aangegeven dat de vuurwerkramp een gevolg was van falend toezicht. Met nadruk heeft Mans tijdens zijn betoog in herinnering geroepen dat het ministerie van VROM na het vuurwerkongeval in 1991 in Culemborg, is gewezen op de risico's van dergelijke vuurwerkbedrijven in een woonomgeving. Dat rapport is volgens Mans vervolgens echter in een diepe la verdwenen, en er pas weer uit te voorschijn gekomen nadat hij er (NA de ramp in Enschede) naar zijn zeggen zeer nadrukkelijk op had aangedrongen. Dit ter verduidelijking, en om mogelijke misverstanden te voorkomen.
Door margriet c. meindertsma (senator) op
Het zou goed zijn wanneer de probleemanalyse helderder gedefinieerd wordt, zowel kwantitatief alskwalitatief, voordat de loopgraven nog dieper gegraven worden. De Minister heeft in de behandeling van de wabo in de EK op mijn vraag naar de omvang van het probleem gesteld dat jaarlijks ongeveer 300.000 aanvragen binnenkomen en daarvan ongeveer 10% (zij noemde 25.000) onder de uitgebreide (dus minder éénvoudige) procedure vallen. Er vanuit gaande dat die 275.000 eenvoudige aanvragen gewoon door gemeenten afgehandeld kunnen worden gaat het dus kwantiatief om 25.000 aanvragen. Die zouden nader geanalyseerd moeten worden en pas daarna is aan de orde wat de beste uitvoeringsorganisatie is. Er worden nu weer systeemdiscussies gevoerd en de inhoud schuift naar de achtergrond. Overigens suggereren dat de vuurwerkramp voorkomen had kunnen worden wanneer er een ongevingsdienst geweest zou zijn, lijkt mij een betwistbare uitspraak.