of 59082 LinkedIn

‘Verkijk je niet op opbrengst kleine windturbine’

Regio’s moeten zich bij het opstellen van de regionale energiestrategie (RES) niet te rijk rekenen met hun doelstellingen voor windenergie. In sommige concept- RESsen wordt gerekend met ouderwetse en te kleine windturbines, die verhoudingsgewijs veel minder opbrengen. Dat zegt de Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA), de branchevereniging van de windsector.

Regio’s moeten zich bij het opstellen van de regionale energiestrategie (RES) niet te rijk rekenen met hun doelstellingen voor windenergie. In sommige concept- RESsen wordt gerekend met ouderwetse en te kleine windturbines, die verhoudingsgewijs veel minder opbrengen. Dat zegt de Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA), de branchevereniging van de windsector.

Concept 

De decentrale overheden die samenwerken in 30 RES-regio’s moeten binnenkort het eerste concept-RES inleveren. Daarin staat op welke manier en hoeveel schone energie ze denken op te kunnen wekken. Veel van de oplossingen zullen komen uit windenergie, zo blijkt uit de eerste gepubliceerde concept-RESsen. Dat is de windsector blij mee, maar de NWEA waarschuwt voor de gekozen windturbines. Die zijn te klein om een rendabele business case op te bouwen voor de exploitatie van de windenergie.

 

Groter

Als voorbeeld noemt NWEA de concept-RES van Amsterdam, waar wordt gerekend met de op dit moment nog meest voorkomende windturbines van 3 MegaWatt. ‘Maar die turbines worden niet meer gebouwd,’ zo stelt de organisatie in een persbericht. ‘Tegenwoordig wordt er afhankelijk van de locatie gekozen voor een 4 of 6 MW windturbine. Deze is groter en levert veel naar verhouding veel meer én goedkopere energie op.’ De kostprijsreductie, een voorwaarde om in aanmerking te komen voor SDE subsidies, kan alleen met moderne windturbines, van minimaal 4 MW, worden behaald.

 

Hoogtebeperkingen

Volgens NWEA zijn er signalen dat ook in andere concept-RESsen veel met 3 MW-turbines wordt gerekend. Veel overheden houden bovendien vast aan hoogtebeperkingen, waardoor grotere windmolens geweerd worden. Ook worden er onrealistisch veel windturbines in één gebied gepland. ‘Verlaging van de ashoogte klinkt politiek vaak sexy, maar de vraag is of dit in de praktijk echt wat uitmaakt. Het is bijvoorbeeld heel lastig om het verschil te zien tussen een molen van 160 meter of 200 meter hoog. De effecten op de energieopbrengst zijn echter exponentieel.’

 

Opbrengst

Want de opbrengst van één 6 MW-turbine kan niet worden opgevangen door twee kleintjes van 3 MW. ‘De opbrengst daalt niet evenredig als je de turbine verkleint. Als de wieken twee keer zo groot zijn verviervoudigd de opbrengst. Je kunt dus met minder turbines toe als je ze groter maakt.’ Als de turbines ook nog hoger kunnen worden gebouwd, wordt dat verschil zelfs nog groter.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.