of 59147 LinkedIn

Code rood dreigt voor de bodem

Bijna twee miljoen kilometer kwetsbare kabel en leiding loopt door de Nederlandse bodem. Het leidt jaarlijks tot tienduizenden gevallen graafschade. Met een ‘code oranje’ hoopt het Agentschap Telecom het tij al twee jaar te keren. Vooral gemeenten zijn daarbij aan zet.

Bijna twee miljoen kilometer kwetsbare kabel en leiding loopt door de Nederlandse bodem. Het leidt jaarlijks tot tienduizenden gevallen graafschade. Met een ‘code oranje’ hoopt het Agentschap Telecom het tij al twee jaar te keren. Vooral gemeenten zijn daarbij aan zet.  

25 miljoen euro schade

Hoewel het aantal gevallen graafschade procentueel inmiddels behoorlijk daalt, neemt het in absolute zin te weinig af. ‘Die relatieve daling is leuk’, zegt directeur-hoofdinspecteur Peter Spijkerman van het Agentschap Telecom, ‘maar die absolute aantallen, dat is waar u en ik vooral last van hebben.’ De directe reparatiekosten bedragen jaarlijks ruim 25 miljoen euro, nog los van eventuele claims en de maatschappelijke ontwrichting die kapotte kabels en leidingen met zich meebrengen.


Glasvezel reden nieuw graafwerk
De Nederlandse bodem ligt dan ook vol met kabels en leiding, in totaal 1,7 miljoen kilometer. Ter vergelijk: de totale lengte van alle Nederlandse wegen (van snelweg tot steeg) komt niet verder dan 140.000 kilometer, nog geen tiende dus van wat er in de bodem ligt. De sterkste ondergrondse toename vond volgens Spijkerman plaats in de jaren zestig, zeventig en tachtig met de grootschalige aanleg van riool, telefoon en nutsvoorzieningen. ‘Door de uitleg van glasvezel in het buitengebied komen daar de komende jaren heel wat kilometers bij. Misschien tikken we nog eens de twee miljoen aan.’

Goed weggekomen
Vooral de vervanging van het riool is oorzaak van veel graafschade. Senior-inspecteur Robert-Jan Looijmans: ‘Dan graaf je zo diep, dan kom je de hele wereld aan kabels en leidingen tegen.’ Maar ook het steeds nattere klimaat speelt een rol. ‘In door hoosbuien ondergelopen veengebieden gaan boeren met een grote machine snel het land op om het water richting sloot te krijgen’, geeft Looijmans als voorbeeld. ‘Maar wat ligt er nu juist vaak aan de zijkant van de sloot: die kabel of leiding. Van een 8-millimeter leiding van de Gasunie waren er pas drie door een boer afgeschraapt. Daar zijn we heel goed weggekomen.’ 


Metertje naar links
Over hoe het zo makkelijk mis kan gaan, heeft Looijmans een duidelijke mening. ‘We hebben in Nederland in principe een uniek systeem van informatie-uitwisseling. Werkelijk elke netbeheerder heeft al z’n kabels en leidingen in de ondergrond op kaart staan. Althans: waar die in theorie zouden moeten liggen.’ Want daar is in het verleden bij de aanleg vaak niet nauwkeurig genoeg ingemeten en misschien een beetje geschat’, weet hij. ‘Omdat het handiger uitkwam een kabel een metertje naar links te leggen. En ja, daar gaat het dan fout.’

Beter onderzoek
Dus moet elke gemeente of andere opdrachtgever voorafgaand aan het graafproces veel beter onderzoek doen. Looijmans: ’Als de gemeente vooraf kan aangeven welke problemen de grondroerder in de bodem tegenkomt, dan zorgt dat voor rust. Dan kan de grondroerder daar bij het graafwerk op anticiperen. Een duidelijke rolverdeling is vastgelegd in de CROW 500 die per 1 januari van kracht is geworden. Maar omdat de graafbusiness een traditioneel wereldje is, komt die samenwerking niet goed van de grond. Grondroerders nemen het risico op graafschade nu vaak voor lief omdat de kosten daarvan lager zijn dan de eventuele boete die ze hun opdrachtgever moeten betalen bij te late oplevering.’

Meer grondregie bij gemeenten
‘Wij zijn vanaf 2008 heel veel met die grondroerders bezig geweest’, vult Spijkerman aan.  ‘Dat heeft z’n effect met die relatieve daling van het aantal graafschades ook wel gehad. Maar nu wordt het taaier. We hebben ons altijd in die grondroerder verplaatst. En dat is natuurlijk ook degene die schades veroorzaakt. Maar steeds meer roerders vragen zich hardop af: heb ik wel een goede opdrachtgever gehad? Heeft die niet te veel onduidelijkheden aan mij overgelaten? En ik zit met een strakke opdracht, qua tijd en budget.’ Dus is de slotsom van Spijkerman: ‘Gemeenten moeten veel meer de regie over de grond gaan voeren.’

 

Lees het hele verhaal over de Nederlandse bodem deze week in BB14 (inlog

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Pim (gepensioneerd) op
Al meer dan 25 jaar pleit ik voor een andere regelgeving waar het betreft de aanleg van nutsvoorzieningen. Nutsbedrijven dienen ervoor zorg te dragen dat alle huishoudens in beginsel aangesloten zijn op voorzieningen. De regelgeving moet worden aangepast, waarmee de overheid bepaald onder welke condities en volgens welke tracé's dit moet gebeuren. Nu zijn dat de nutsbedrijven. Vervolgens kunnen er centrale voorzieningen worden aangelegd (zoals ondergrondse mantelbuizen) waar de nutsbedrijven verplicht hun kabel of leiding leggen. In één mantelbuis van voldoende omvang (doorsnede halve meter of meer) kan vervolgens alle kabels en leidingen herbergen. Middels aftakkingen kunnen aansluitingen gemaakt worden naar woningen en bedrijven.
Het is te zot voor woorden en niet meer van deze tijd, dat nutsbedrijven hun macht misbruiken om ieder hun eigen plekje in de bodem veilig te stellen.
Door Robin op
De laatste alinea begrijp ik niet helemaal. Klinkt een beetje als "we weten het niet meer, dus we wijzen naar de gemeente". Of is het de gemeente als opdrachtgever?

En wat moet die regie van de gemeente dan inhouden? Het lijkt mij toch dat in elk geval de verantwoordelijkheid voor gemaakte schade bij de grondroerder (en zijn opdrachtgever) blijft liggen?