of 59082 LinkedIn

100.000 woningen versneld over op warmtenet

Warmtebedrijven en woningcorporaties gaan de warmtevoorziening van 100.000 huurwoningen versneld verduurzamen. De partijen hebben samen het Startmotorkader opgesteld, een wegwijzer voor het aansluiten van woningen op een warmtenet.

Warmtebedrijven en woningcorporaties gaan de warmtevoorziening van 100.000 huurwoningen versneld verduurzamen. De partijen hebben samen het Startmotorkader opgesteld, een wegwijzer voor het aansluiten van woningen op een warmtenet.

Stap

Met het op korte termijn verduurzamen van corporatiewoningen willen de partners, vijf warmtebedrijven en 36 corporaties, een flinke stap zetten in het behalen van het doel uit het Klimaatakkoord: in 2030 moeten 1,5 miljoen woningen verduurzaamd zijn. Volgens Ron Wit, directeur Energietransitie van energiebedrijf Eneco, wordt dit een echte schaalsprong. ‘Hiermee hebben we hoofdlijnen opgesteld voor het maken van afspraken tussen warmtebedrijven en de woningcorporaties.’

 

Houvast

Volgens Wit biedt het Startmotorkader een goede houvast voor de partijen, omdat er duidelijke afspraken worden gemaakt. ‘De overgang van gas naar een warmtenet is voor veel partijen nieuw. Heel lang hoefden mensen ook niet over te stappen, want aardgas was immers goedkoper dan de alternatieven.’ Maar alles is nu anders door de klimaatafspraken en het stoppen met de winning van Gronings gas. En om de bestaande woningvoorraad te verduurzamen wordt het eerst gekeken naar de grootste woningbezitters in Nederland: de woningcorporaties. ‘In de gebieden waar een warmtenet mogelijk is worstelen corporaties met de vragen: ‘Hoe doe ik dit, met wie ga ik in zee en hoe weet ik dat ik een eerlijke prijs betaal voor de installatie en de geleverde warmte ?’’

 

Woonlasten

‘Een van de belangrijkste afspraken die we hebben gemaakt is dat de woonlasten voor de huurders niet stijgt. Het is nog steeds zo dat er meer kosten moeten worden gemaakt voor een warmtenet, maar die meerkosten komen niet terecht bij de huurder. Die blijft hetzelfde betalen als bij een gasrekening, en zal ook niet meer huur gaan betalen.’ De extra kosten worden gedragen door de corporaties, de warmtebedrijven en door de rijksoverheid, die vanaf volgende maand de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) openstelt. Daarmee kan een deel van de aanleg van en aansluiting op warmtenetten worden bekostigd. De regering heeft daar 200 miljoen euro voor uitgetrokken.

 

Vertrouwen

Volgens Wit is het belangrijk dat de partijen vertrouwen in elkaar hebben uitgesproken. De warmtebedrijven zullen daarom ook hun eigen businesscase in detail delen. ‘Dat betekent dat we open zijn over de kosten die we maken en wat het rendement is van onze investering. Dat is best uniek, ik ken geen sector die daar zo open over is. Maar wij vinden het belangrijk, niet alleen voor het vertrouwen, maar ook omdat we dan samen met de betrokken partijen kunnen kijken naar optimalisaties. Bijvoorbeeld hoe we risico's kunnen verlagen en of we projecten kunnen bundelen, zodat we schaalvoordelen kunnen behalen en goedkoper kunnen aanleggen. De kostenvoordelen komen dan weer terug in de vorm van lagere aansluitkosten voor corporaties en huurders.’

 

Gemeenten

Ook gemeenten zijn betrokken bij het maken van de afspraken in het Startmotorkader. ‘Gemeenten zijn cruciaal in het proces. Als je wilt starten met de aansluiting moet je eerst naar de gemeente. Om te weten of de techniek geschikt is voor het gebied waar je het wilt toepassen, maar vooral ook of er kansen zijn om te koppelen: zijn er ook andere plannen die tegelijkertijd worden uitgevoerd of juist een jaar later? Bovendien speelt de gemeente een belangrijke rol in het betrekken van de particulieren bij de plannen. Dat is ook één van de afspraken: dat geprobeerd wordt om particulieren te laten aanhaken bij de uitrol van een warmtenet. Een gemeente zou bij de aanleg de regie kunnen nemen door om een overdimensionering te vragen, zodat later ook particuliere woningen kunnen worden aangesloten.

 

Trappelen

Volgens Wit zal snel duidelijk worden op welke termijn de 100.000 woningen gerealiseerd gaan worden. ‘De subsidieregeling gaat volgende maand van start, en ik weet dat veel corporaties staan te trappelen om te beginnen. Bovendien kent de SAH-regeling een realisatietermijn van vijf jaar, dus dan moeten de woningen aangesloten zijn.’ Uiteindelijk is het streven van de warmtebedrijven om, conform het Klimaatakkoord, zo’n 750.000 extra woningen op warmtenetten aan te hebben gesloten in 2030. Dat zal in stedelijke gebieden in heel Nederland zijn, verwacht Wit. ‘Maar het zwaartepunt ligt wel rond Rotterdam en Amsterdam.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Louis Kanneworff op
Vijf warmtebedrijven en 36 corporaties spreken af om 100.000 woningen versneld op een warmtenet aan te sluiten. Over dit 'Startmotorkader' mag Ron Wit (Eneco) zijn zegje doen. Eneco, binnenkort in handen van het Japanse Mitsubishi concern, is bij ons marktleider warmtelevering. Een strategisch voordeel dat bedrijven een gegarandeerde en groeiende kasstroom oplevert. Warmteklanten zijn gebonden klant die vastzitten aan hun leverancier. Warmtenetten zijn "natuurlijke monopolies" die publiek eigendom handen moeten zijn maar bij ons vooral commercieel bezit. Eneco misbruikt zijn machtspositie op de warmtemarkt. In Rotterdam gunde de gemeente in 2006 de warmteconcessie voor Rotterdam Zuid niet aan Eneco maar aan concurrent Nuon (nu Vattenfall). Het ongesplitste Eneco ging vervolgens 'preventief' zijn gasnet op Zuid renoveren om de warmtetransitie op Zuid te frustreren. In Den Haag waren Eneco en de corporaties Staedion, Haag Wonen en Vestia, betrokken bij het aardwarmteproject Leyenburg, dat failliet ging toen de woningmarkt inzakte. De corporaties draaiden op voor het verlies en het 'vollooprisico'. Monopolist Eneco bleef buiten schot en wist het al aangelegde warmtenet (meer dan € 10 miljoen) voor nog gaan half miljoen over te nemen. De namen van Staedion, Haag Wonen en Vestia ontbreken onder het "Startmotorkader".
Louis Kanneworff, Den Haag