of 59162 LinkedIn

Opiumwet. Niet verlengen gedoogverklaring. Nadeelcompensatie?

Reageer

AfbeeldingMr. B.S. ten Kate (Bas)

 

In dit arrest heeft de Hoge Raad verworpen het cassatieberoep van een aantal houders van Amsterdamse coffeeshops, die vanwege nieuw gemeentelijk beleid hun ondernemingen niet mochten voortzetten. De Hoge Raad motiveert zijn oordeel niet (art. 81RO), waardoor we het moeten doen met het arrest van het Amsterdamse Gerechtshof (ECLI:NL:GHAMS:2016:2679) en de conclusie van de AG (ECLI:NL:PHR:2017:1087). Wat was er aan de hand?

Ingevolge artikel 13b Opiumwet is de burgemeester bevoegd tot het toepassen van bestuursdwang indien in (voor het publiek toegankelijke) lokalen een middel als bedoeld in artikel 2 of 3 van de Opiumwet (waaronder softdrugs) wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.  Van deze bevoegdheid wordt echter geen gebruik gemaakt voor zover de coffeeshop valt binnen het lokale beleid en men zich houdt aan de landelijk ontwikkelde AHOJ-G criteria (verbod om te Afficheren, Harddrugs te verhandelen, Overlast te veroorzaken en Jeugdigen toe te laten en Grote hoeveelheden te verhandelen of op voorraad te hebben). Als uitvloeisel van gewijzigd gemeentelijk beleid dienden 26 exploitanten van Amsterdamse coffeeshops in een aantal in een Strategienota genoemde straten hun onderneming te staken. De gedurende vele jaren aan hen afgegeven gedoogverklaringen werden op grond van dit nieuwe beleid niet langer verlengd. De exploitanten waren het daar niet mee eens en vroegen de rechtbank om een verklaring voor recht dat de gemeente onrechtmatig handelde door de gedoogverklaringen niet te verlengen. Daartoe werd onder meer betoogd dat het gewijzigd coffeeshopbeleid was ingegeven door (economisch-) ruimtelijk beleid en niet door motieven ontleend aan de volksgezondheid of de openbare orde. Ook betoogden de exploitanten dat het feit dat geen enkele financiële compensatie werd geboden de uitvoering van het nieuwe beleid jegens hen onrechtmatig maakte.

 

Rechtbank, Hof noch AG blijken het met de exploitanten eens. De AG laat daarbij in het midden of art. 13b Opiumwet de bevoegdheid biedt om afgegeven gedoogverklaringen niet te verlengen, indien die keuze louter, althans in overwegende mate, op ruimtelijke gronden is gebaseerd. Volgens de AG blijkt namelijk uit het arrest van het Hof dat het Hof heeft vastgesteld dat het gemeentelijk beleid wel degelijk is ingegeven door het belang van de openbare orde en kon het Hof dat op basis van gemeentelijke beleidsstukken ook vaststellen.

 

Met name interessant zijn echter de overwegingen ten aanzien van de nadeelcompensatie. In navolging van het Hof benadrukt ook de AG dat gedogen iets heel anders is dan vergunnen. De aard en inhoud van het gedoogbeleid zijn sterk afhankelijk van ontwikkelingen in maatschappelijke en politieke inzichten. Daaruit vloeit voort dat een gedoogverklaring niet alleen kan worden ingetrokken indien de daaraan verbonden voorwaarden worden overtreden, maar ook indien er sprake is van gewijzigde beleidsinzichten. Het niet verlengen van een gedoogverklaring is daarom te beschouwen als een normaal risico dat kleeft aan het exploiteren van een coffeeshop, zodat reeds daarom een nadeelcompensatie in de bovenbedoelde zin niet aan de orde is.


Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Bas ten Kate, E: bas.tenkate@nysingh.nl | T: 026 357 57 19 | M: 06 53 18 12 14

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding