of 58952 LinkedIn

Landinrichting voor duurzame gebiedsontwikkeling

Landinrichting voor duurzame gebiedsontwikkeling. Het project Saasveld-Gammelke
Kadaster Reageer

Woningbouw, windparken, meer natuur, koeien de wei in, stikstof. Allemaal maatschappelijke opgaven die ruimte vragen. Hoe landinrichting zulke doelen aanpakt, laat het project Saasveld-Gammelke zien.

In het project Saasveld-Gammelke is het instrument landinrichting gebruikt om verschillende gebiedsdoelen integraal en duurzaam aan te pakken. Kijk door de ogen van provincie, de Grondcommissie, het Kadaster en een boer wiens bedrijf herplaatst is. (leestijd: ongeveer 6 minuten)


Ongekend aantal maatschappelijke opgaven voor Nederland

“Nederland staat voor een ongekend aantal maatschappelijke opgaven die allemaal ruimte vragen”, aldus Bert Hoeve, directeur Landregistratie & Geografie bij het Kadaster. “Zo vraagt de energietransitie om het opwekken van andere energievormen, via windparken en zonneweiden op land. De woningnood schreeuwt om bouwruimte en lonkt naar de buitengebieden. Natura2000-doelstellingen vragen om versterking van natuur. Verbreding van rivieren en duinrijen, kringlooplandbouw, bodemdaling, stikstof: ze vragen allemaal om een herschikking van de beschikbare ruimte of om het toevoegen van nieuwe functies in het gebied. Je moet in feite Nederland opnieuw indelen.”


Opnieuw actueel: landinrichting als instrument  

Wanneer je functies van een gebied wilt verplaatsen of nieuwe wilt toevoegen, heb je het over het schuiven en uitruilen van grondeigendom en grondgebruik. Het instrument van gebiedsontwikkeling hiervoor is landinrichting. Het Kadaster is vanuit zijn wettelijke taak adviseur en procesbegeleider bij landinrichting. De kracht van het instrument is opnieuw actueel.


Bijdrage aan klimaat en kringlooplandbouw

De Tweede Kamer nam eind 2019 een motie aan van de Kamerleden Moorlag en Smeulders over de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). De regering brengt op hun verzoek in beeld hoe landinrichting ingezet kan worden bij het herschikken van functies in het landelijk gebied, als bijdrage aan oplossingen voor bijvoorbeeld klimaat en kringlooplandbouw.


Vele doelen gerealiseerd voor gebied Saasveld-Gammelke 

Een voorbeeld van een landinrichtingsproject waarbij verschillende doelen tegelijk zijn gerealiseerd, is Saasveld-Gammelke. Dit is een gebied van ongeveer 3.000 ha tussen Oldenzaal en Hengelo. Binnen een straal van 10 kilometer van het project liggen diverse Natura 2000-gebieden, waaronder  de Lemselermaten. Bij het project dat in 2018 werd afgerond was Hans Maalderink projectleider bij de provincie Overijssel.“


Verbetering landbouwstructuur, natuur, waterbeheer, recreatie én landschap

Het belangrijkste doel was het verbeteren van de versnipperde landbouwstructuur. Wanneer je grond beter bij elkaar ligt, kun je efficiënter werken met minder transportkosten en heb je minder landbouwverkeer op de weg. Daarnaast hebben we doelen toegevoegd voor natuur, waterbeheer, recreatie en landschap.”


Boeren positief

Agrariër Arie Mentink was Voorzitter van de Grondcommissie en kent het gebied op zijn duimpje. “De provincie was akkoord met landbouwstructuurverbetering, mits inderdaad natuur, water en recreatie ook werden gerealiseerd. Boeren willen natuurlijk goed bewerkbare percelen en geen drassige kavels. Uiteindelijk zijn ook de boeren positief over de verkaveling.


Vrees voor natte voeten

Waterlopen en beken zijn ingepast voor een goede afwatering en er kwamen bredere stroken voor de Deurningerbeek om te meanderen. Voor de Gammelkerbeek, Saasvelderbeek en Lemselerbeek kwamen beplantingsstroken. Meandering, waterberging, peilverhoging: er was inderdaad de nodige vrees bij landbouwers voor extra natte voeten”, herinnert Maalderink zich. “Maar het pakte allemaal goed uit.”


Win-win: Saasveld is heel divers geworden

Ook de aanleg van recreatie en natuur ontstond in een goede wisselwerking met de boeren volgens Mentink: “Door verkaveling van landbouwgrond werd 17 km aan fietspad aangelegd. Nu kunnen er twee fietsers naast elkaar fietsen, zonder dat ze de veelal drukke wegen met landbouwverkeer op moeten. Een win-win situatie. Bovendien zie je in het landschap houtsingels, houtwallen, slootjes, nieuwe beplanting en bosjes. Je hoort het nog steeds van recreanten en natuurmensen: Saasveld-Gammelke is heel leuk divers geworden.” 


Krimpen of ‘doodbloeden’

Het landinrichtingsplan voorzag in het vrij maken van een locatie dichtbij natuurontwikkelingsgebied Handijksmeden. Daar bevond zich het melkveebedrijf van Johan Arkink. Aangezien het ging om een wettelijk, verplicht project, stond Arkink voor de keuze: “De overheid verplicht sinds 2010 dat je een grotere huiskavel moet hebben als je je koeien meer de wei in wilt laten. Maar ik zou juist moeten krimpen op de oude plek; als ik bleef zitten, zou ik langzaam ‘doodbloeden’.”


“Afscheid van geboorteplek, maar wel een toekomst”

"Me laten opkopen en stoppen was geen optie: mijn zoon wilde door. Verhuizen naar een compleet andere plek in het land was moeilijk bespreekbaar voor de rest van de familie. Uiteindelijk is vanuit het project op een nieuwe locatie, relatief dichtbij grond aangekocht en een nieuw bedrijf gebouwd. We hebben afscheid genomen van mijn geboorteplek, maar er wel een toekomst voor terugkregen. Ik had 34 hectare grond en 100 koeien. Nu heb ik 42 hectare met 130 koeien.”


Provincie zorg voor spelregels

“De provincie en Gedeputeerde Staten stellen het Landinrichtingsplan vast met de maatregelen voor het gebied”, zo schetst Maalderink. “De provincie benoemt de Uitvoeringscommissie en volgt daarbij de Wet inrichting landelijk gebied (WILG). In feite de spelregels waarbinnen je moet werken. Soms hebben we zelfs verder gekeken dan alleen de regels. Zo hebben we op verzoek van de dorpsraden Saasveld en Hertme een klootschietbaan gerealiseerd, die niet in het landinrichtingsplan stond.”  


Kadaster zorgt voor interactie, inventarisatie en ruilplan  

"We hebben eerst alle eigenaren, hun rechten en de gebiedskenmerken in kaart gebracht”, legt Hoeve van het Kadaster uit. “Vervolgens hebben we tijdens gezamenlijke, interactieve sessies de wensen van de eigenaren geïnventariseerd en vertaald naar ruimtelijke mogelijkheden. Daarna hebben we hun ideeën samengebracht met de doelstellingen die de provincie van te voren voor dit project had geformuleerd. Op basis daarvan hebben we voorstellen gedaan en op haalbaarheid en efficiëntie getoetst. Het resultaat was een ruilplan met een nieuwe rechtszekerheidssituatie voor elke partij, inclusief de financiële verrekening.”


Open, zorgvuldig en laagdrempelig

Volgens Mentink kenmerkte het hele proces zich door een grote openheid en harmonie: “Het is belangrijk elkaar in waarde te laten, elkaar wat te gunnen.” Maalderink vult aan: “Als mensen grond moeten afstaan, is er emotie. We hebben met z’n allen veel aan keukentafels gezeten, we zijn veel het gebied in gegaan, hadden als projectleiders korte lijntjes. Het Kadaster heeft daarbij de regie en coördinatie genomen en kon altijd zuiver alternatieven en opties uitwerken: wat is voor het gebied het beste? Hoe wordt de koek zo goed mogelijk verdeeld?”


In het veld staan

Arkink: “Het Kadaster kan het onafhankelijk benaderen: zo is het, zo gaat het worden. Het is lastig om het alleen van papier of vanuit kantoor te bekijken, je hebt met mensen te maken. Het Kadaster heeft letterlijk bij ons in het veld gestaan, om te kijken of het allemaal wel klopt.”


Verplicht verkavelen versus vrijwillig verkavelen

Volgens Maalderink hebben alle doelen in Saasveld-Gammelke een forse plus opgeleverd. Maar dat kon volgens hem alleen omdat het ging om een verplichte verkaveling en een goed gevulde grondpot met verworven en te verdelen gronden: “Bij een vrijwillig project had je die doelen bij lange na niet gerealiseerd, dat weet ik 100% zeker.” Hij ziet wettelijke trajecten echter niet per definitie als nadelig voor de inspraak van grondeigenaren: “In Olst-Wesepe hebben we een wettelijke verkaveling gedaan met de insteek van vrijwilligheid: we maakten het ruilplan samen met de eigenaren. Dat werkt uitstekend, mits je veel investeert in relatie en draagvlak.”


Druk op agrarische sector 

Een duurzame indeling van Nederland vraagt ingrijpende veranderingen in grondgebruik. En zeker de wens om stikstofneerslag te verlagen, vraagt opnieuw veel van de agrarische sector. Hoeve: “Agrariërs zijn jarenlang gestimuleerd vanuit Europa te ondernemen zoals ze nu doen. We kunnen niet verlangen dat ze nieuwe noodzakelijke omschakelingen op eigen kracht moeten regelen. Het is een maatschappelijk probleem van ons allemaal. Je kunt daarbij overigens wel voorzien dat uitkoop duurder gaat zijn dan ruilen. Bovendien heb je bij uitkoop wel geld, maar geen bedrijf.


Uitstootwinst

Verplaatsen met vergunningen en eigendom helpt een ondernemer verder, zoals je zag bij Arkink.” Maalderink ziet nog meer voordelen: “Door een betere verkaveling nemen de agrarische werkafstanden en verkeersbewegingen af, dat levert ook uitstootwinst op.”


Stikstofanalyses voor provincies minder stikstof

Het Kadaster voert op dit moment al verkavelingsanalyses uit voor de provincies Friesland, Zuid-Holland en Noord-Brabant om te kijken hoe landinrichting ook daar kan bijdragen aan het verlagen van de stikstofdepositie. 


Overal op inspelen

Intussen laat melkveehouder Arkink het allemaal rustig op zich af komen: “Melkquota, fosfaatregels, schommelende melkprijzen, stijgende grondprijzen, CO2-regels, methaan, nu stikstof. Ik weet nog niet of stikstof roet in het eten gaat gooien; ik zit nu goed, maar wel vlakbij een Natura 2000-gebied. Er is nog veel onduidelijk, maar we zijn gewend overal op in te spelen en hoog op kwaliteit te willen scoren. En dat zullen we blijven doen.”  


Effecten van landinrichting op verlagen stikstofdepositie

Wanneer je binnen een gebied minder grondgebruik met stikstofuitstoot wilt, kun je denken aan boerderijen verplaatsen dan wel uitplaatsen, of veehouderij ruilen met akkerbouw. Minder mest geeft minder ammoniakuitstoot (stikstof). Zo ook in Saasveld-Gammelke.


Stikstof-effecten in Saasveld-Gammelke

Het bedrijf van Arkink werd herplaatst op een locatie dichterbij het Natura 2000-gebied Lemselermaten. De stijging van stikstofdepositie daar werd gecompenseerd binnen het gebied doordat 3 andere boerderijen verplaatst werden en zeven bedrijven de mogelijkheid kregen om te stoppen. Ook stootten 3 bedrijven vee af. Per saldo nam de stikstofdepositie hierdoor af. Daarnaast is binnen 3.000 m van de Lemselermaten 86 ha nieuwe natuur tot stand gebracht. Het totale effect van de maatregelen zorgde voor een vermindering van de stikstofdepositie van 36,24 mol zuur/ha per jaar.


Meer informatie gebiedsontwikkeling

Het Kadaster is als onafhankelijke partij en partner nauw betrokken bij de gebiedsontwikkeling in Nederland. Wilt u meer weten over wat wij kunnen betekenen, bijvoorbeeld op het gebied van landinrichting en duurzame initiatieven? 

 

Lees verder op de zakelijke website van het Kadaster.


Terzake

Dit artikel verschijnt ook in het Kadastermagazine Terzake van februari 2020. Meer artikelen lezen? Ga naar de pagina Terzake.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingPostbus 9046

7300 GH  Apeldoorn

Hofstraat 110

7311 KZ  Apeldoorn

T (088) 183 4700

www.Kadaster.nl

E mail adviesenmaatwerk@kadaster.nl

Meer nieuws

Het Kadaster

DOSSIERS

Stedelijke Herverkaveling

Whitepapers

Stedelijke ontwikkelingen