of 59123 LinkedIn

Hitte en Genua zetten onderhoud en renovatie infrastructuur op de politieke agenda

Door recente gebeurtenissen zetten veel infrabeheerders veiligheid en verruiming van de budgetten voor onderhoud en renovatie prominent(er) op hun agenda. Hoe  komen ze daarbij tot de juiste focus en keuzes? En tot betaalbare, effectieve maatregelen? En hoe voorkomen ze dat er tijdens werkzaamheden elders onveilige situaties, hinder en schade ontstaan? Marc Hartsema ziet de sleutel in slim onderbouwde, op risico’s gebaseerde onderhouds- en renovatieprogramma’s in combinatie met een gebiedsgerichte aanpak.


Eerder schreef ik een blog getiteld “Oponthoud door defecte bruggen en tunnels, te voorkomen of niet?” Deze vraag blijft ook de komende jaren zeer relevant. De afgelopen zomer ging het op meerdere plekken flink mis. In Amsterdam ondervond vooral de scheepvaart hinder toen door de extreme hitte uitgezette metalen bruggen op slot gingen. Enkele maanden geleden berichtten EenVandaag en Noord-Holland, citerend uit inspectierapporten van Rijkswaterstaat, dat er bij tientallen bruggen en viaducten in die provincie sprake is van ‘onacceptabel’ risico op grote problemen als gevolg van achterstallig onderhoud. Het meest dramatisch was het recente instorten van de brug bij Genua. Veel infrabeheerders in Europa zetten hierdoor veiligheid en verruiming van de budgetten voor onderhoud en renovatie prominent(er) op hun agenda. Terecht. Maar hoe komen we daarbij tot de juiste focus en keuzes? En tot betaalbare, effectieve maatregelen? En hoe voorkomen we dat er tijdens werkzaamheden elders in het gebied onveilige situaties, hinder en schade ontstaan? Mijns inziens ligt de sleutel in slim onderbouwde, op risico’s gebaseerde onderhouds- en renovatieprogramma’s in combinatie met een gebiedsgerichte aanpak.

 

Afbeelding


Grote opgave 

Onze infrastructuur staat hoog aangeschreven en bruggen en tunnels worden goed in de gaten gehouden stelde minister van Infrastructuur & Waterstaat Cora van Nieuwenhuizen kort na de ramp in Italië. Tegelijkertijd gaf ze aan dat Nederland voor 'een vrij grote opgave' staat. Begin dit jaar werd al bekend dat Rijkswaterstaat oude bruggen en tunnels gaat aanpakken. Tot 2028 heeft Rijkswaterstaat minstens 80 objecten in het vizier die een opknapbeurt nodig hebben. Daar komt extra geld voor. Met de minister ben ik ervan overtuigd dat het met de conditie en het onderhoud van bruggen, tunnels en viaducten in Nederland beter gesteld is dan in andere Europese landen. Toch verwacht ik dat de infrastructuur ons de komende jaren regelmatig in de steek zal laten. 

Dat heeft verschillende oorzaken. Zo voorspelt het KNMI vaker extreem weer. Wateroverlast, hitte en droogte vergroten het risico op storingen in onze vitale infrastructuur. Ondanks maatregelen om de gevolgen ervan binnen de perken te houden, zullen we regelmatiger te maken krijgen met hinder door bij hitte uitzettende bruggen, ondergelopen tunnels en viaducten en verzakkingen door droogte. Daarbij komt dat veel van onze infrastructuur vijftig tot zestig jaar geleden is ontworpen volgens de toen geldende eisen. Sindsdien is de verkeersdruk enorm toegenomen, zowel voor personen als voor vracht. Falende verouderde infrastructuur, afsluitingen en grootschalig onderhoud zorgen ervoor dat we de komende jaren regelmatiger in de file staan of moeten omrijden. Dat gaat de transportsector, ondernemers en forensen extra tijd én geld kosten. Zo berekende TNO begin 2017 dat de schade van voor omleidingen uitwijkende vrachtwagens bij een uur extra reistijd circa een half miljoen euro per dag bedraagt. De impact op onze veiligheid is lastiger te kwantificeren. Tenslotte speelt ook schaarste in menskracht en budgetten een rol. Pensionering van een grote groep voor beheer en onderhoud verantwoordelijke professionals en besparingen op budgetten leiden ertoe dat veel infrabeheerders meer met minder moeten doen.


Drie kansen om meer met minder te bereiken

Op zich kan dat, meer met minder doen, maar het vraagt wel om een andere aanpak. Ik zie drie interessante, nog te vaak onbenutte mogelijkheden voor infrabeheerders. 

1. Kies voor risico-gestuurde instandhouding (beheer en onderhoud)
We kunnen onmogelijk alle risico’s en overlast door uitvallende infrastructuur voorkomen. Hoe groot de risico’s zijn die we lopen wordt bepaald door de gevolgen van falende bruggen, tunnels en viaducten en de kans van optreden van die gevolgen. Het is voor onze maatschappij van belang dat infrabeheerders hun beslissingen over instandhoudingsmaatregelen op risico’s gaan baseren. Minder op normen en meer op inzicht in de consequenties van het falen van infrastructuur voor gebruikers in het gebied (stad, regio of land) en de kans daarop. 

Waarom dat belangrijk is? Je kunt een brug in een gebied waar de impact van falen relatief laag is (bijvoorbeeld omdat daar weinig verkeer is) later vervangen dan een brug met een gelijke conditie, waar veel meer verkeer gebruik van maakt. Die laatste brug vraagt eerder instandhoudings-maatregelen, zoals extra inspecties, onderhoud of vervanging. Dat klinkt logisch, maar blijkt nog geen gemeengoed. Wel zie ik steeds meer organisaties risico-gestuurd beheer en onderhoud omarmen. Provincies als Noord-Holland, Zuid-Holland en Gelderland en onder meer de gemeente Rotterdam zijn er inmiddels al aardig ver mee.  

Assetmanagement organisaties die risico-gebaseerd werken kunnen de optimale afweging maken tussen de kosten die gemaakt moeten worden, de prestaties die ze kunnen bereiken en de risico’s die worden gelopen. Ze presteren over het algemeen beter en kunnen beter aan hun omgeving uitleggen wat en waarom ze dingen doen of niet doen.

2. Laat je niet verrassen!
Met nieuwe technologie, geavanceerde analysemethodieken en big data kunnen we de ‘kans’ op het falen van infrastructuur en installaties steeds beter voorspellen. En de besluitvorming over passende maatregelen aanzienlijk verbeteren.  Meer toepassen ervan in beheer- en onderhoudsprocessen is dan ook gewenst. 

Het geeft beheerders vroegtijdig een scherper inzicht in de conditie van hun bruggen, tunnels, viaducten en installaties. Ze kunnen veranderingen in die conditie en risico’s zelfs 24/7 monitoren. Slimme algoritmes helpen eerder signaleren dat er iets mis dreigt te gaan. Zo krijgt de beheerder meer tijd voor het prioriteren, plannen en organiseren van de benodigde onderhouds- en renovatiewerkzaamheden. 

Dat is vooral belangrijk bij kunstwerken waar de maatschappelijke, economische en ecologische impact van een storing of uitval het grootst is. Die tijd kan de beheerder gebruiken om bijvoorbeeld onderhoudswerkzaamheden in verkeersluwe perioden te plannen. Of om belanghebbenden en weggebruikers vroegtijdig te informeren, zodat de hinder beperkt blijft. Ook voorkomt het paniekreacties zoals plotselinge afsluitingen uit angst voor claims en aansprakelijkheid. De extra tijd kan de beheerder gebruiken om een breed gedragen, gebiedsgerichte aanpak voor te bereiden.

3. Werk samen met belangrijkste stakeholders in het gebied 
Instandhoudingsmaatregelen richten zich meestal op het voorkomen van uitval van infrastructuur. Maar omdat niet alle risico’s te voorkomen zijn, blijft anticiperen op onverhoopt falen of calamiteiten van belang. De voorbereidingen daarop vergen dus tijd.

Open communicatie door de infrabeheerder met  stakeholders is van cruciaal belang. Leg de kaarten op tafel. Deel zorgen over dreigende risico’s met betrokken partijen in de regio, zodat gezamenlijk het beste plan getrokken kan worden. Laat veiligheidsregio, hulpdiensten, verkeersmanagers meedenken over omleidingsroutes, doorstromingsmaatregelen, bereikbaarheid voor en van hulpdiensten, toegankelijkheid van steden, dorpen en wijken, beheersing van milieueffecten en communicatie met de gebruikers en omgeving. 

Ook hier geldt: hoe beter de beheerder kan voorspellen wat nodig is, hoe duidelijker hij kan aangeven wat er verwacht wordt van collega’s die voor deze taken verantwoordelijk zijn. 


Moment voor zelfreflectie

Deze zomer werd duidelijk dat deze problematiek een maatschappelijke snaar en discussie raakt. Welk publiek veiligheidsniveau streven we na? Waaraan besteden we onze belastingen? Zijn we bereid af en toe vertraging of omrijden te accepteren bij storingen? Zijn we bereid meer te betalen voor het ‘in bedrijf houden’ van onze infra via belastingen, rekeningrijden of tol. Of kiezen we voor meer private investeringen? Die discussie blijft belangrijk. Ondertussen liggen de drie hiervoor geschetste kansen voor het oprapen. Mij lijkt deze periode, waarin veel beheerders terugkeren van vakantie, een uitgelezen moment voor zelfreflectie. Gaat u deze kansen gebruiken om meer met minder te bereiken?

 

Voor meer informatie:

Marc Hartsema, Directeur Operate & Maintain Infrastructuur bij Arcadis

marc.hartsema@arcadis.com

M +31 6 2706 2452

I  www.arcadis.com/assetmanagementNL

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingArcadis Nederland BV

Piet Mondriaanlaan 26

3812 GV Amersfoort

Postbus 220

3800 AE Amersfoort

 

Tel +31 88 4261261

E-mail info@arcadis.nl

www.arcadis.com/nl/nederland

Meer nieuws

AGENDA

27 sept. 2018

Springtij Forum 2018

Bloggers

Whitepapers